wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

De apostrof

Total questions: 35

Worksheet time: 3mins

Name
Class
Date
1.

Ik heb de ... (foto, meervoud) van mijn verjaardagsfeestje op Instagram geplaatst.

(a)  

2.

Als je naar Pairi Daiza gaat, moet je zeker de ... (panda, meervoud) gaan bekijken.

(a)  

3.

Bij regenachtig weer worden er veel ... (paraplu, meervoud) verkocht.

(a)  

4.

Voor mijn zestiende verjaardag wil ik een ... (party, verkleinwoord) met vrienden.

(a)  

5.

In deze ondergrondse parking is er plaats voor honderd ... (auto, meervoud).

(a)  

6.

Ik heb een klein ... (tv, verkleinwoord) aangeschaft om in mijn kamer te zetten.

(a)  

7.

Op de markt in Barcelona heb ik een paar lekkere ... (salami, meervoud) gekocht.

(a)  

8.

Heel wat leerlingen hebben een hekel aan ... (dictee, meervoud).

(a)  

9.

Onze klastitularis heeft vandaag onze ... (agenda, meervoud) nagekeken.

(a)  

10.

Hopelijk draait dat coole ... (deejay, verkleinwoord) zaterdag wat plaatjes op de fuif.

(a)  

11.

Tijdens de voorbije weken kon ik ... (des morgens, één apostrof) langer uitslapen.

(a)  

12.

... (Het regent, één apostrof) toch wel vaak in ons landje!

(a)  

13.

... (Ik heb mijn, twee apostrofs) fiets in de fietsenstalling gezet.

(a)  

14.

Ik ben ... (des nachts, één apostrof) vaak bang als ik alleen door een donkere straat loop.

(a)  

15.

De kruidenierszaak blijft ... (des maandags, één apostrof) gesloten.

(a)  

16.

Dit is het adres van Claudia. Dit is dus ... adres.

a)

Claudias

b)

Claudia's

17.

Dit is het broertje van Felix. Dit is dus ... broertje.

a)

Felix

b)

Felix'

c)

Felix's

18.

Dit is de boekentas van Tom. Dit is dus ... boekentas.

a)

Toms

b)

Tom's

19.

Dit zijn de sleutels van Naomi. Dit zijn dus ... sleutels.

a)

Naomis

b)

Naomi's

20.

Dit is de jas van Lotte. Dit is dus ... jas.

a)

Lottes

b)

Lotte's

21.

Dit is de map van Julie. Dit is dus ... map.

a)

Julies

b)

Julie's

22.

Dit is de kat van Anne. Dit is dus ... kat.

a)

Annes

b)

Anne's

23.

Dit is de kamer van Matthias. Dit is dus ... kamer.

a)

Matthias

b)

Matthias'

c)

Matthias's

24.

Welke zin is correct?

a)

Peters beide opa’s zijn op dezelfde dag jarig.

b)

Peter’s beide opa’s zijn op dezelfde dag jarig.

c)

Peters beide opas zijn op dezelfde dag jarig.

25.

Welke zin is correct?

a)

Zebras, okapis en chimpansees zijn Afrikaanse diersoorten.

b)

Zebra’s, okapi’s en chimpansee’s zijn Afrikaanse diersoorten.

c)

Zebra’s, okapi’s en chimpansees zijn Afrikaanse diersoorten.

26.

Welke zin is correct?

a)

s’ Morgens heeft Lucas’s vader vaak last van een ochtendhumeur.

b)

’s Morgens heeft Lucas’ vader vaak last van een ochtendhumeur.

c)

S’ morgens heeft Lucas’s vader vaak last van een ochtendhumeur.

27.

Welke zin is correct?

a)

De politie heeft tien gestolen Porsche’s en Ferrari’s teruggevonden.

b)

De politie heeft tien gestolen Porsches en Ferraris teruggevonden.

c)

De politie heeft tien gestolen Porsches en Ferrari’s teruggevonden.

28.

Welke zin is correct?

a)

Die muziekliefhebber kent alle liedjes van Adele’s cd’s.

b)

Die muziekliefhebber kent alle liedjes van Adeles cds.

c)

Die muziekliefhebber kent alle liedjes van Adeles cd’s.

29.

Welke zin is correct?

a)

k' Maak nog te veel fouten in mijn essays volgens de leerkracht.

b)

‘k Maak nog te veel fouten in mijn essays volgens de leerkracht.

c)

‘k Maak nog te veel fouten in mijn essay's volgens de leerkracht.

30.

Welke zin is correct?

a)

In Kaatjes kleerkast liggen tientallen oude T-shirts.

b)

In Kaatje’s kleerkast liggen tientallen oude T-shirts.

c)

In Kaatje’s kleerkast liggen tientallen oude T-shirt’s.

31.

Welke zin is correct?

a)

Op kleine babytjes passen is één van mijn hobbys.

b)

Op kleine baby’tjes passen is één van mijn hobby’s.

c)

Op kleine babytjes passen is één van mijn hobby’s.

32.

Welke zin is correct?

a)

Charlottes collegas zijn heel sympathiek.

b)

Charlotte’s collega’s zijn heel sympathiek.

c)

Charlottes collega’s zijn heel sympathiek.

33.

Welke zin is correct?

a)

Ken jij cafés die ’s maandags open zijn?

b)

Ken jij café’s die s’ maandags open zijn?

c)

Ken jij café’s die ’s maandags open zijn?

34.

Welke zin is correct?

a)

t’ Is fijn wanneer het s’ winters sneeuwt.

b)

’T is fijn wanneer het ’s winters sneeuwt.

c)

’t Is fijn wanneer het ’s winters sneeuwt.

35.

Welke zin is correct?

a)

Voor hun prestaties werden de jockeys beloond met enkele mooie cadeaus.

b)

Voor hun prestatie’s werden de jockey’s beloond met enkele mooie cadeau’s.

c)

Voor hun prestaties werden de jockey’s beloond met enkele mooie cadeaus.