Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Godsdienst les 8 Pasen

Total questions: 20

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Wat was het erge van de Judaskus?

a)

Dat Jezus daardoor stierf

b)

Dat de soldaten daardoor zagen wie ze moesten pakken

c)

Dat Judas een verrader was

d)

Dat Jezus door een vriend was verraden

e)

Alle antwoorden zijn waar

2.

Welke leerling zei dat hij Jezus niet kende?

a)

Geen enkele, ze waren hem allemaal trouw

b)

Judas

c)

Petrus

d)

Thomas

e)

Allemaal, want ze zijn allemaal gevlucht

3.

De uitdrukking: 'je handen wassen in onschuld' komt hier vandaan:

a)

Het verhaal van Herodes die de kinderen van Bethlehem verdronken heeft

b)

Pilatus, hij heeft Jezus veroordeeld, maar vindt dat hij daar niet verantwoordelijk voor is

c)

De leerlingen, die allemaal vluchten omdat ze onschuldig zijn

d)

Maria, die de voeten van Jezus heeft gewassen

e)

Er was weinig water om je handen te wassen, daar kon niemand wat aan doen.

4.

In welk deel van de Bijbel vind je de verhalen over Jezus?

a)

In het Oude Testament

b)

In het Nieuwe Testament

5.

De verhalen over Jezus staan in het christelijke deel van de bijbel. Het andere deel van de bijbel is eigenlijk Joods. Wat hebben die twee delen met elkaar te maken?

a)

De christenen houden zich ook aan de Joodse regels

b)

Alle eerste christenen waren Joods

c)

De Joodse bijbel (Tora) had al voorspeld wat er met Jezus zou gebeuren

d)

alle drie zijn waar

6.

Er is een hielbot gevonden uit de eerste eeuw, met een enorme spijker er doorheen geslagen. Wat wordt daarmee bewezen?

a)

Dat er in de tijd van Jezus mensen gekruisigd werden

b)

Dat niet alle mensen die gekruisigd werden, daardoor stierven

c)

Dat Jezus is gekruisigd

d)

Dat de kruisen toen al de bekende T vorm hadden.

7.

Nadat Jezus begraven was wachtten de vrouwen een dag voordat ze naar het graf gingen. Waarom was dat?

a)

Ze waren eerst te verdrietig om te gaan

b)

Ze konden er nog niet heen omdat het te gevaarlijk was

c)

Ze konden er nog niet heen omdat het sabbat was, dat was een rustdag

d)

Ze konden er niet heen omdat er nog een grote steen voor lag

8.

Wat deden de Romeinse soldaten toen ze de engel zagen?

a)

Ze renden hard weg

b)

Ze zeiden: wees niet bang!

c)

Ze vochten, maar ze verloren het van de engel

d)

Ze vielen op de grond van angst

9.

Wat deden de Romeinse soldaten toen de engel weg was en het graf leeg?

a)

Ze renden naar de Priesters om te vertellen dat het lichaam van Jezus gestolen was

b)

Ze werden christenen en vertelden iedereen wat er gebeurd was

c)

Zodra ze weer op hun benen konden staan renden ze weg om het Pilatus te vertellen

d)

Ze namen geld aan van de Priesters om te vertellen dat het lichaam van Jezus gestolen was.

e)

Ze gingen naar huis, hun dienst zat er op.

10.

Waardoor is Thomas bekend geworden?

a)

Doordat hij de eerste was die geloofde dat Jezus was opgestaan

b)

Doordat hij de laatste was die geloofde dat Jezus was opgestaan

c)

Doordat hij Jezus in zijn zij heeft gestoken.

d)

Thomas was helemaal geen leerling van Jezus en is ook niet bekend geworden.

11.

Bij welk feest werden de christenen in de eerste eeuwen vaak gedoopt?

a)

Bij het joods nieuwjaar (dat is in april). Dat symboliseert het nieuwe leven, net als de lente.

b)

Ze deden het met Kerst, omdat Jezus toen geboren is. De doop betekent nieuw leven.

c)

De doop is een symbool van opstaan uit de dood. Daarom past dopen bij Pasen.

d)

Bij het Besnijdenisfeest. In plaats van besnijden gingen ze nu de kinderen dopen.

e)

Geen van alle. Ze doopten niet speciaal bij een feest.

12.

Vroeger was het Paasfeest belangrijker dan Kerst, nu is dat andersom. Hoe komt dat? (meer goede antwoorden mogelijk)

a)

Bij Kerst gaat het over een geboorte, dat vindt iedereen leuker dan een sterfgeval

b)

Als baby (kerst) kan Jezus je niet vragen om je leven te veranderen. Als volwassene (pasen) wel.

c)

Allebei zijn waar

d)

Geen van beide is waar

13.

Waarom vonden de eerste christenen het paasverhaal belangrijker dan het kerstverhaal? Je moet hier zelf goed over nadenken. Probeer minimaal 2 argumenten te bedenken. Je hebt hiervoor 3 minuten de tijd.

4 lines
14.

Wat vieren we met Pasen?

a)

Herdenking van de kruisiging en opstanding van Jezus Christus.

b)

Herdenking van de kruisiging van Jezus Christus

c)

Vieren van de opstanding van Jezus Christus.

d)

Vieren van de lente, met paaseieren zoeken

15.

Wat vieren we op Goede Vrijdag?

a)

Herdenking van de kruisiging en opstanding van Jezus Christus.

b)

Herdenking van de kruisiging van Jezus Christus

c)

Vieren van de opstanding van Jezus Christus.

d)

Dat is de voorbereiding voor het Paasfeest

16.

Geloof jij dat Jezus is opgestaan uit de dood?

a)

Ja, daar ben ik van overtuigd

b)

Jawel, maar ik weet het niet helemaal zeker

c)

Nee, maar het zou misschien waar kunnen zijn

d)

Nee, ik vind het onzin

17.

Jezus wist dat hij verraden zou worden en gekruisigd zou worden. Waarom verzet hij zich niet?

a)

Hij wist dat het zo moest gebeuren

b)

Hij wist niet hoe hij het kon tegenhouden

c)

Hij wist dat anders de discipelen gedood zouden worden

d)

Hij had niet gedacht dat het zo zou aflopen

18.

Hoe heten de bijbelboeken waar de verhalen over Jezus' dood en opstanding in staan?

a)

Nieuwe Testament

b)

Brieven

c)

Profetieën

d)

Evangeliën

19.

Wat is de reden van de dood en opstanding van Jezus?

a)

Hij stierf omdat hij niet verder wilde leven

b)

Hij stierf om zijn leerlingen te redden

c)

Hij stierf om te betalen voor de zonden van de mensen

d)

Er was eigenlijk geen goede reden, het had ook anders kunnen lopen.

20.

Waarom gaf Judas Jezus een kus?

a)

om Jezus aan te wijzen voor de soldaten

b)

om afscheid van Jezus te nemen

c)

om Jezus te begroeten

d)

om te laten zien dat hij niet bang voor Jezus was