Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Vakbonden en mutualiteiten

Total questions: 14

Worksheet time: 1hrs 8mins

Name
Class
Date
1.

Welke 5 woorden komen in je op wanneer je het woord ‘vakbond’ hoort? Noteer ze hieronder.

4 lines
2.

In België kennen we drie grote vakbonden? Duid aan welke 3 juist.

a)

ACV

b)

ABVV

c)

ACERTA

d)

AXA

e)

ACLVB

3.

Je duidde hopelijk ACV aan. Die is juist. Welke politieke strekking en kleur heeft deze vakbond? Je mag altijd even op je smartphone opzoeken. Je krijgt even de tijd.

a)

christelijke strekking en groen

b)

Socialistische strekking en rood

c)

christelijke strekking en blauw

d)

Liberale strekking en blauw

e)

Liberale strekking en groen

4.

Je duidde hopelijk ook het ABVV aan. Dit is ook een Belgische vakbond. Welke politieke strekking en kleur heeft deze vakbond? Zoek desnoods op.

a)

Liberale strekking en blauw

b)

christelijke strekking en groen

c)

Socialistische strekking en rood

d)

Liberale strekking en rood

5.

Ook het ACLVB is juist. Dit is de derde grote vakbond in België. Welke politieke strekking en kleur heeft deze? Zoek desnoods op.

a)

christelijke strekking en groen

b)

Socialistische strekking en rood

c)

Liberale strekking en groen

d)

Liberale strekking en blauw

6.

Enig idee wat AXA en ACERTA dan zijn? Zoek desnoods op.

4 lines
7.

Duid aan wat een vakbond zoal doet? Zoek desnoods op. Je krijgt 5 minuten.

a)

Ze komen op voor de belangen van de werkenden en niet-werkenden in de ganse samenleving.

b)

Ze komen enkel op voor de belangen van de zelfstandigen.

c)

Ze komen op voor de belangen van de werkgevers.

d)

Ze onderhandelen over afspraken met de werkgeversorganisaties.

e)

Ze onderhandelen over milieunormen en ecologische aspecten.

8.

Iedereen in ons land is wettelijk verplicht om zich te verzekeren tegen ziekte en invaliditeit. Je moet je daarom aansluiten bij een ziekenfonds. Wanneer moet jij je ZELF gaan aansluiten?

a)

Als je nog thuis woont na je 18 jaar

b)

Als je gaat werken en nog thuis woont

c)

Als je gaat werken en alleen gaat wonen

d)

Als je gaat verder studeren na je secundaire opleiding

9.

Welke mutualiteiten ken je uit dit lijstje? Duid ENKEL de organisaties aan die geen mutualiteit zijn.

a)
b)
c)
d)
e)
10.

Naast de CM, De Voorzorg en het OZ is er nog één mutualiteit of ziekenfonds. Welke mutualiteit? Zorg dat je het juist schrijft.

(a)  

11.

Bedenk één concrete situatie waarvoor je als schoolverlater of werknemer bij een vakbond kan aankloppen.

4 lines
12.

Bekijk het filmpje en noteer twee voordelen die je hebt als je je bij de christelijke mutualiteit (CM) aansluit.

Op S bij vaknieuws staat deze Youtube-link ook. Je kan van daaruit ook eerst de filmpjes bekijken. Je krijgt in totaal 15 minuten. Het filmpje duurt 2:45. https://www.youtube.com/watch?v=-zAqKrgFPLc&t=44s

4 lines
13.

Bekijk het tweede filmpje over de socialistische mutualiteiten. En duid daarna aan wat solidariteit wil zeggen in het kader van de sociale zekerheid. Het filmpje duurt 3:39. Kijk het helemaal uit. https://www.youtube.com/watch?v=SFVRCqZqLfw&t=111s

a)

... het is een fundamentele bouwsteen van onze sociale zekerheid.

b)

... is iets dat veel geld kost en veel geld waard is.

c)

....is iedereen zorgt voor zichzelf.

d)

... is de wet van de sterkste.

14.

Bekijk het laatste (grappige) filmpje. En duid aan waar de vakbonden zoal mee voor gezorgd hebben in het verleden. Het filmpje duurt 2:17.

https://www.youtube.com/watch?v=ZNKTFzW9eCs

a)

pensioenen

b)

werkloosheidsuitkering

c)

zwangerschapsverlof

d)

ziekteverzekering

e)

betaald verlof