wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Rivierlandschappen 6OBB

Total questions: 11

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Welke woorden horen bij het begrip saltatie? Er zijn meerdere mogelijkheden.

a)

zweven

b)

transport

c)

rollen

d)

glijden

e)

sprongetjes

2.

welke begrippen horen bij een delta?

a)

monding

b)

zee met getijden

c)

sedimentatie

d)

lage stroomsnelheid

3.

Geef de naam voor een bocht in een rivier?

4 lines
4.

Welke begrippen plaats je bij de bovenloop van een rivier?

a)

erosie

b)

selectieve sedimentatie

c)

veel hellingsprocessen

d)

afbraak

5.

de juiste volgorde van de bron naar de monding in een rivier is

a)

bovenloop - middenloop - benedenloop

b)

benedenloop - middenloop - bovenloop

c)

middenloop - benedenloop - bovenloop

d)

bovenloop - benedenloop - middenloop

6.

Welke uitspraken zijn juist?

a)

In de benedenloop is de snelheid van het water het kleinst door het kleine verval

b)

In de bovenloop is de snelheid van het water het hoogst door de grote hoeveelheid water

c)

In de bovenloop is de snelheid van het water het hoogst door het steile verval

d)

In de benedenloop is de snelheid van het water het kleinst door de grote hoeveelheid water

7.

Bekijk de bijgevoegde foto. Welke uitspraak is het meest correct?

a)

dit is een U-dal ontstaan door de uitschurende werking van ijs

b)

dit is een U-dal ontstaan door de uitschurende werking van een rivier

c)

dit is een V-dal ontstaan door de uitschurende werking van een rivier

d)

dit is een V-dal ontstaan door de uitschurende werking van een rivier en hellingserosie

8.

Bekijk de bijgevoegde foto. Welke uitspraak is het meest correct?

a)

dit is een U-dal ontstaan door de uitschurende werking van ijs

b)

dit is een U-dal ontstaan door de uitschurende werking van een rivier

c)

dit is een V-dal ontstaan door de uitschurende werking van een rivier

d)

dit is een V-dal ontstaan door de uitschurende werking van een rivier en hellingserosie

9.

Dit is een kloofdal. Een kloofdal is ontstaan door

a)

hellingsprocessen

b)

zijdelingse erosie

c)

verticale erosie

d)

verticale erosie en hellingsprocessen

10.

Welke omschrijving past het best bij een holle oever?

a)

het een buitenbocht in een rivier, de snelheid van het water is hoog, de dalflank is zacht, de rivier erodeert.

b)

het een buitenbocht in een rivier, de snelheid van het water is laag, de dalflank is steil, de rivier sedimenteertt.

c)

het een binnenbocht in een rivier, de snelheid van het water is hoog, de dalflank is steil, de rivier erodeert.

d)

het een buitenbocht in een rivier, de snelheid van het water is hoog, de dalflank is steil, de rivier erodeert.

11.

Welke verschillende vormen van erosie kan je op deze vakantiefoto van de Grand Canyon zien.

4 lines