wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Terugkijk op aardrijkskunde in 4TT

Total questions: 30

Worksheet time: 29mins

Name
Class
Date
1.

Het meest bevolkte land van de wereld is ...

a)

Verenigde Staten

b)

India

c)

China

d)

Rusland

2.

Wat is de prognose voor het aantal bewoners in de wereld in het jaar 2050?

a)

8 miljard

b)

9 miljard

c)

10 miljard

d)

11 miljard

3.

De natuurlijke bevolkingsaangroei in Ethiopië bedraagt 3,2%. Welke uitspraak is het meest correct?

a)

er vindt een bevolkingsexplosie plaats, het aantal geboorten is veel hoger dan het aantal sterfgevallen

b)

er vindt een bevolkingsexplosie plaats, het aantal sterfgevallen is veel hoger dan het aantal geboorten

c)

de bevolking neemt af, het aantal sterfgevallen is veel hoger dan het aantal geboorten

d)

de bevolking stagneert, het aantal sterfgevallen is gelijk aan het aantal geboorten

4.

Lees bijgevoegd artikeltje. Duid de gevolgen aan voor de Japanse bevolking op langere termijn (2 gevolgen)

a)

een toenemende vergrijzing

b)

een negatief aangroeicijfer

c)

een toenemende schoolbevolking

d)

een afname van de alfabetiseringsgraad

5.

In welk wereldblok voorspelt men de sterkste bevolkingstoename de komende 30 jaar?

a)

Moesson - Azië

b)

Latijns - Amerika

c)

Sub Sahara Afrika

d)

Arabische Wereld

6.

Welke van de volgende uitspraken is niet juist?

a)

een land met een hoge HDI heeft een laag analfabetisme, een lage bevolkingsaangroei en een hoge levensverwachting

b)

een land met een hoge HDI heeft een hoog analfabetisme, een lage bevolkingsaangroei en een hoge levensverwachting

c)

een land met een lage HDI heeft een lage scholingsgraad, een hoge bevolkingsaangroei en een groot deel van de bevolking dat in armoede leeft.

d)

een land met een hoge HDI heeft een hoog analfabetisme, een lage bevolkingsaangroei en een hoge levensverwachting

7.

Bekijk het histogram van de bevolking van China in 2015. Welke uitspraken zijn niet juist.

a)

bij de jongeren zijn er meer jongens dan meisjes

b)

bij de ouderen zijn er meer vrouwen dan mannen

c)

in het begin van de jaren 80 was het geboortecijfer in China zeer laag

d)

het geboortecijfer is de laatste jaren heel lichtjes afgenomen.

e)

de invloed van de éénkindpolitiek is goed zichtbaar vanaf de leeftijdsgroep 40-44 jarigen.

8.

Kies voor welk land - Duitsland of Oeganda - volgende kenmerken het meest duidelijk zijn in het histogram. Een laag geboortecijfer, een laag sterftecijfer en een hoge vergrijzing.

a)
b)
9.

Zoet water is belangrijk om te overleven. Welke uitspraak is juist.

a)

98% van de watervoorraad op aarde is zoet water, slechts 2 % procent zout water. Het grootste deel van het zoete water zit in rivieren en meren.

b)

98% van de watervoorraad op aarde is zout water, slechts 2 % procent zoet water. Het grootste deel van het zoete water zit in ijskappen en gletsjers.

c)

98% van de watervoorraad op aarde is zout water, slechts 2 % procent zoet water. Het grootste deel van het zoete water zit in rivieren en meren.

d)

98% van de watervoorraad op aarde is zout water, slechts 2 % procent zoet water. Het grootste deel van het zoete water zit in opgeslagen in de ondergrond

10.

Wat betekent virtueel waterverbruik?

a)

dat is water dat verloren gaat als we de kraan laten openstaan

b)

dat is water dat gebruikt wordt om consumptiegoederen te produceren

c)

is het gemiddelde waterverbruik in Vlaanderen per dag per persoon, zo'n 120 liter per dag per persoon

d)

dat is water dat gebruikt wordt om vlees te produceren

11.

De Nijl is een belangrijke rivier in Afrika. Welk land hoort niet tot het stroomgebied van de NIjl.

a)

Ethiopië

b)

Zimbawe

c)

Zuid - Soedan

d)

Egypte

12.

Wat betekent ontzilting van zeewater?

a)

men maakt zout uit zeewater

b)

met maakt zoet water uit zeewater

c)

men gebruikt zeewater om te irrigeren

d)

geen van de gegeven antwoorden is correct.

13.

Welk klimatogram hoort bij de bovenloop van de Nijl?

a)
b)
c)
14.

Cairo is een miljoenenstad in het noorden van Egypte. Het klimaat is droog. Hoe komt men aan water voor al die inwoners? Duid het meest correcte antwoord aan.

a)

De Nijl stroomt door Caïro en brengt voldoende water mee

b)

Stroomopwaarts is een stuwdam gebouwd, waardoor de Egyptenaren hun watertoevoer van de Nijl kunnen regelen.

c)

Stroomafwaarts is een stuwdam gebouwd, waardoor de Egyptenaren hun watertoevoer van de Nijl kunnen regelen.

d)

ze zijn heel zuinig met het aanwezige regenwater en Nijlwater

15.

Welke drie landen zijn het meest afhankelijk van water van buiten hun grenzen? Duid de juiste reeks aan.

a)

Democratische Republiek Congo - Burundi - Uganda

b)

Soedan - Zuid-Soedan - Ethiopië

c)

Egypte - Zuid-Soedan - Eritrea

d)

Egypte - Soedan - Zuid-Soedan

16.

Welk klimatogram komt overeen met de vegetatie tropisch regenwoud? Maak je keuze.

a)
b)
c)
d)
17.

Waarom liggen tropische regenwouden bij de evenaar?

a)

Door de schuine zonnestralen is het er koud en door de stijgende lucht nat.

b)

Door de loodrechte zonnestralen is het er warm en door de stijgende lucht nat.

c)

Door de loodrechte zonnestralen is het er koud en door de dalende lucht nat.

18.

Bekijk de bijgevoegde grafiek. Welke uitspraak is niet juist als je deze grafiek afleest.

a)

de ontbossing van het Amazonewoud in Brazilië is sinds 2004 afgenomen.

b)

In 2012 is de kleinste oppervlakte Amazonewoud ontbost sinds 1988.

c)

In het jaar 2015 was de oppervlakte ontbost gebied groter dan in het jaar 2000.

d)

In 1995 werd de grootste oppervlakte Amazonewoud in Brazilië ontbost.

19.

De Amazonerivier eindigt in...

a)

Brazilië

b)

De Atlantische Oceaan

c)

De Grote Oceaan

d)

Nergens

20.

Het regenwoud wordt bedreigd door...

a)

Indianen

b)

Zoeken naar delfstoffen

21.

Het regenwoud wordt bedreigd door...

a)

Illegaal kappen en ontbossing

b)

Fair Trade

22.

Kies bij de beschrijving van een vestigingsfactor van de industrie een juist begrip.

Aanwezigheid van voldoende financiële middelen en de nodige machines/technologie om het werk uit te voeren.

a)

afzetmarkt

b)

kapitaal

c)

transport

d)

arbeidskrachten

23.

Kies bij de beschrijving van een vestigingsfactor van de industrie een juist begrip.

Mogelijkheid om afgewerkte producten te verkopen.

a)

arbeidskrachten

b)

grondstoffen

c)

transport

d)

afzetmarkt

24.

Wat betekent maritimisatie?

a)

de bevolkingsdichtheid is het hoogst in kustgebieden

b)

Grondstoffen en energie worden naar de kustgebieden gebracht omdat daar industrie is

c)

door het goedkope zeetransport ontwikkelde de industrie zich in kustgebieden

25.

Er werd gevraagd om de tekst 'Siberië' beleeft zijn Exxon-Valdez drama (publicatie 5 juni 2020) te lezen. Volgende vraag gaat over deze tekst.

Waarom is de opslagtank waaruit diesel lekt beschadigd?

a)

de opslagtank is niet onderhouden

b)

door de hoge temperaturen is de ondergrond ontdooid

c)

er is een schip tegen gevaren

d)

iemand is vergeten de opslagtank goed af te sluiten

26.

Er werd gevraagd om de tekst 'Siberië' beleeft zijn Exxon-Valdez drama (publicatie 5 juni 2020) te lezen. Volgende vraag gaat over deze tekst.

Voor welke bevolkingsgroep wordt de voedselvoorziening bedreigd na het lek in de opslagtank?

(a)  

27.

Er werd gevraagd om de tekst 'Siberië' beleeft zijn Exxon-Valdez drama (publicatie 5 juni 2020) te lezen. Volgende vraag gaat over deze tekst.

Norilsk is een belangrijk industriegebied in Siberië. De omgeving is reeds zwaar vervuild door de ontginning van grondstoffen. Welke grondstofontginning zorgde eerder al voor vervuiling?

a)

goud

b)

nikkel

c)

ijzererts

d)

aluminium

28.

Er werd gevraagd om de tekst 'Siberië' beleeft zijn Exxon-Valdez drama (publicatie 5 juni 2020) te lezen. Volgende vraag gaat over deze tekst.

In het zuiden van Siberië zijn al gedurende langere tijd bosbranden. Wat is de oorzaak van deze bosbranden?

a)

menselijk ingrijpen

b)

hogere temperaturen dan normaal

c)

droogte

d)

alle vermelde oorzaken zijn correct

29.

Welke vaststellingen heeft men gedaan over de waarde CO2 in de atmosfeer tijdens de coronacrisis?

a)

is toegenomen

b)

is gelijk gebleven

c)

is afgenomen

30.

door deze online - vragenlijst weet ik dat

a)

ik toch beter de leerstof nog eens grondig herhaal

b)

ik eigenlijk al wel goed de leerstof beheers

c)

ik toch moet proberen om de vragen grondig te lezen, dit is voor mij een werkpunt

d)

ik misschien toch iets meer aandachtig ben in de lessen