wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

De grote Havo 4 geschiedenisquizzz

Total questions: 46

Worksheet time: 23mins

Name
Class
Date
1.

Welk kenmerkend aspect past bij deze afbeelding?

a)

De industriële revolutie die in de westerse wereld de basis legde voor een industriële samenleving

b)

De opkomst van emancipatiebewegingen: confessionalisme en feminisme

c)

de opkomst van handel en ambacht legde de basis voor het herleven van een agrarisch-urbane samenleving

d)

het begin van de Europese expansie overzee

2.

Bij welke tijd hoort het volgende icoontje?

a)

Monniken en Ridders

b)

Regenten en Vorsten

c)

Steden en Staten

d)

Pruiken en Revoluties

3.

Wie is de persoon op deze afbeelding?

a)

Maarten Luther

b)

Napoleon

c)

Lodewijk XIV

d)

Adolf Hitler

4.

In welk jaar brak de Franse Revolutie uit?

a)

1648

b)

1776

c)

1789

d)

1814

5.

Bij welk tijdvak hoort Maarten Luther

a)

Steden en Staten

b)

Ontdekkers en Hervormers

c)

Regenten en Vorsten

d)

Pruiken en Revoluties

6.
Welk kenmerkend aspect past bij deze afbeelding?
a)
Het begin van de Europese expansie overzee
b)
De bijzondere plaats in staatkundig opzicht en de bloei in economisch en cultureel – opzicht van de Nederlandse Republiek
c)
De hernieuwde oriëntatie op het erfgoed van de klassieke oudheid
d)
Handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie
7.
Welk kenmerkend aspect past bij deze afbeelding?
a)
Rationeel optimisme en ‘verlicht denken’ werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen
b)
Het begin van de Europese expansie overzee
c)
Handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie
d)
Het streven van vorsten naar absolute macht
8.
Welk kenmerkend aspect past bij deze afbeelding?
a)
Het veranderende mens- en wereldbeeld van de renaissance en het begin van een nieuwe – wetenschappelijke belangstelling
b)
De protestantse reformatie had splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot – gevolg
c)
Handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie
d)
Discussies over de ‘sociale kwestie’
9.
Welk kenmerkend aspect past bij deze afbeelding?
a)
de opkomst van emancipatiebewegingen: confessionalisme en feminisme
b)
de toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren zestig van de 20e eeuw aanleiding – gaf tot ingrijpende sociaal-culturele veranderingsprocessen
c)
discussies over de ‘sociale kwestie’
d)
De Duitse bezetting van Nederland
10.

In welk land begon de Renaissance?

a)

Frankrijk

b)

Nederland

c)

Griekenland

d)

Italië

11.
Wat wordt bedoeld met Renaissance?
a)
Wedergeboorte van de middeleeuwse kunst.
b)
Nieuwe belangstelling voor de kunst van Grieken en Romeinen.
c)
Economische opleving na de pestepidemieën van de Middeleeuwen.
12.
Wat is de aanleiding voor de ontdekkingsreizen?
a)
Uitschakelen van de tussenhandel van de Arabieren
b)
Verspreiden van het christendom
c)
Uitbreiden van het grondgebied door de vorsten
d)
De uitvinding van het kompas
13.

Wat is de 'driehoekshandel' ?

a)

De handel tussen Europa, West Afrika en Amerika

b)

De handel tussen de Oostzee-landen, De Republiek en Amerika

c)

De handel tussen Afrika, Midden Amerika en Zuid Amerika

d)

De handel tussen Azië, Europa en Afrika

14.
Uit hoeveel gewesten bestond de Republiek in de 17 eeuw?
a)
7
b)
8
c)
9
d)
10
15.

Bij welke vrede erkenden de Spanjaarden officieel de Republiek als een Soeverein (dat betekent vrij en zelfstandig) land?

a)

Vrede van Munster

b)

Vrede van Munchen

c)

Pacificatie van Gent

d)

Vrede van Atrecht

16.
In Amsterdam worden allerlei goederen opgeslagen in pakhuizen. Vanuit daar worden ze verder verhandeld. Amsterdam is een...
a)
wereldstad
b)
beurs
c)
multinational
d)
stapelmarkt
17.
In welk jaar vond de beeldenstorm plaats?
a)
1517
b)
1560
c)
1566
d)
1584
18.

In welk document werd Filips II definitief als koning afgezet door de Noordelijke Nederlanden?

a)

Unie van Utrecht

b)

Unie van Atrecht

c)

Acte van Verlatinghe

d)

Pacificatie van Gent

19.

Wat was de moedernegotie?

a)

De handel in slaven met Afrika

b)

De handel in specerijen met Nederlands-Indië

c)

De handel in hout en graan met het Oostzeegebied

20.

Waarom was de Nederlandse kunst in de Gouden Eeuw zo bijzonder?

a)

Er werden vaak gewone burgers op afgebeeld

b)

Er waren alleen koningen en mensen van adel die werden afgebeeld.

c)

Het kleurgebruik was in die tijd heel modern

21.

Wat is geen kenmerk van de Verlichting?

a)

Gelijkheid

b)

Vrijheid

c)

Traditie

d)

Tegen religieus fanatisme

22.

Wat is geen kenmerk van het ancien regime?

a)

standensamenleving

b)

adel werd alleen maar machtiger

c)

absolutisme

d)

democratisering

23.

Wat past niet bij het verlicht absolutisme?

a)

Alles voor het volk, niets door het volk

b)

Frederik de Grote van Pruisen

c)

Opstellen van wetboeken

d)

Regeren volgens de goddelijke macht

24.

Wat was geen oorzaak van de Amerikaanse Revolutie?

a)

Nieuwe belastingen vanuit Engeland

b)

Zucht naar vrijheid onder de Amerikanen

c)

De invloed van de Franse Revolutie 5 jaar eerder

d)

Gebrek aan vertegenwoordiging in Britse politiek

e)

Verlichte ideeën

25.

In welk jaar verklaarden de Amerikaanse staten zichzelf onafhankelijk van Engeland?

a)

1776

b)

1789

c)

1747

d)

1804

26.

Wat was geen oorzaak van de Franse Revolutie?

a)

Kritiek op standensamenleving

b)

Armoede en hongersnood

c)

Toenemende inspraak Franse bevolking

d)

Gebrek aan inspraak burgerij

27.

Aletta jacobs hoort in tijdvak...

a)

8 Burgers en Stoommachines

b)

6 Regenten en Vorsten

c)

7 Pruiken en Revoluties

d)

9 Wereldoorlogen

28.

Aletta Jacobs streed voor het...

a)

Nationalisme

b)

Feminisme

c)

Conventionalisme

29.
De industriële revolutie begon 
a)
in Europa rond 1800
b)
in Engeland na 1770
c)
in Frankrijk na 1815
d)
in Engeland na 1815
30.
Door de stoommachine 
a)
verplaatsten fabrieken zich naar het platteland
b)
verplaatsten fabrieken naar de steden
c)
werden steden steeds groter
d)
ging de bevolking groeien
31.

De grondwet van Nederland van 1848 was vooral

a)

Democratisch

b)

Liberaal

c)

Conservatief

d)

Socialistisch

32.

De aanleg van het Suezkanaal past het beste bij...

a)

Conservatisme

b)

Confessionalisme

c)

Modern Imperialisme

d)

Nationalisme

33.

Wat hoort niet thuis bij het liberalisme?

a)

Grondwet

b)

Autoritair bestuur

c)

Individuele vrijheden

d)

Marktmechanisme

34.

Bij welke ideologie past deze uitspraak over de Sociale Kwestie:

"Arbeiders moeten zich verenigen in vakbonden, zodat zij sterker staan in hun terechte eis voor betere lonen"

a)

liberalisme

b)

conservatisme

c)

socialisme

d)

confessionalisme

35.

Welke motieven waren er voor het modern-imperialisme? (meerdere antwoorden mogelijk!)

a)

Het verkrijgen van nationaal aanzien in Europa

b)

Het verkrijgen van goedkope grondstoffen

c)

Het verspreiden van het "ware geloof" (lees: christendom)

d)

Het beschaven van "achtergestelde" volken

36.

In Tijdvak 6 en 7 waren vanuit Europa al veel gebieden gekoloniseerd. Waarom gingen Europese landen in de loop van de negentiende eeuw opnieuw gebieden koloniseren?

a)

Door de bevolkingsgroei was er behoefte aan gebiedsuitbreiding voor emigranten uit Europa.

b)

Door de bevolkingsgroei was er een tekort aan voedsel; daarom waren meer plantages nodig.

c)

Door de industriële revolutie ontstonden conflicten die in de kolonies werden uitgevochten

d)

Door de industriële revolutie was er een groeiende behoefte aan grondstoffen en afzetmarkten

37.

Europese mogendheden hadden verschillende doelen met het modern-Imperialisme.

Wat is een voorbeeld van cultureel imperialisme?

a)

Pogingen van België om de inwoners van Congo verplicht te laten werken op de rubberplantages.

b)

Pogingen van Duitsland om volken uit te roeien die zich verzetten tegen het koloniale bestuur.

c)

Pogingen van Groot-Brittannië om in de kolonies het Engels als taal verplicht te stellen voor de inwoners.

d)

Pogingen van Portugal om inwoners in te schakelen bij het plaatselijke bestuur.

38.

Britse rijk: Om welke twee redenen gingen de Engelsen Noord-Amerika verkennen in de 16e eeuw?

a)

Strijd tegen Spanje en Strijd tegen de Indianen

b)

Strijd tegen Spanje en zoektocht naar goud en zilver

c)

Zoektocht naar goud en zilver en Strijd tegen indianen

d)

Plek om plantage-koloniën op te richten en zoektocht naar grondstoffen

39.

Waarom heetten de eerste bewoners Pilgrim Fathers?

a)

Waarom heetten de eerste bewoners Pilgrim Fathers?

b)

Ze waren de vaders van de pelgrims

c)

Ze waren Anglicanen op zoek naar een nieuw land voor hun geloof

d)

Hun vaders waren de pelgrims

40.

Goed of fout?

Een vestigingskolonie is gericht op het grootschalig verbouwen van gewassen zoals tabak en katoen

a)

Goed

b)

Fout

41.

Wat is een federale staat?

a)

Een staat met 1 leider die alles bepaalt

b)

Een staat met een parlement

c)

Deelstaten met een bestuur van 1 overheid

d)

Deelstaten met eigen bestuur onder 1 overheid

42.

Wie van deze personen is Willem van Oranje?

a)
b)
c)
d)
43.

Waarom trokken 'The Pilgrim Fathers' naar de Verenigde Staten?

a)

Ze vonden de kerkhervormingen van de Engelse kerk niet ver genoeg gaan

b)

Ze werden vervolgd vanwege hun radicale ideeën

44.

Wat was het eerste?

a)

Een schip vaart met ijzer en textiel naar West-Afrika

b)

Een schip met suikerriet vaart naar Europa

45.

Wie van deze personen is Columbus?

a)
b)
c)
d)
46.

Waarom werd de Chrystal Palace gebouwd?

a)

Als tentoonstellingsruimte in Londen tijdens de wereldtentoonstelling van 1851

b)

Als tuinkas voor bij het Paleis van Versailles van Lodewijk XIV

c)

Als paleis van een slavenhouder op de Britse plantages in Noord-Amerika

d)

Als geraamte voor het Paleis op de Dam in Amsterdam