wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

laatste les

Total questions: 20

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.
Bereken de vergrotingsfactor
a)
4,5
b)
2.88
c)
0,22
d)
4,4
2.
Foto 2 is een vergroting van foto 1.
Foto 2 is 5.44 cm lang en foto 1 is 3.2 cm.
Wat is de vergrotingsfactor ( je mag je rekenmachine gebruiken)
a)
12,4
b)
1,8
c)
1,7
d)
0.59
3.

In een doos passen precies 27 kubusjes.

Men vindt deze doos te klein, dus koopt men een nieuwe doos.

Deze nieuwe doos is een vergroting van de oude doos met een factor 2.

Hoeveel kubusjes passen er in de nieuwe doos.

a)

27

b)

54

c)

108

d)

216

4.
Zijn de driehoeken gelijkvormig?
a)
Ja
b)
Nee
5.
Bij welke figuur kun je de stelling van Pythagoras gebruiken?
a)
Een cirkel
b)
Een rechthoek
c)
Een gelijkzijdige driehoek
d)
Een rechthoekige driehoek
6.
a)

De wortel van 11

b)

De wortel van 25

c)

De wortel van 30

d)

De wortel van 61

7.

Reiko trakteert in de klas op chocola. 35% van de kinderen neemt een Twix. Welk deel van de kinderen neemt een Mars?

a)

45%

b)

35%

c)

55%

d)

65%

8.

Lisanne, Hester en Serah kopen samen een zak snoep.

Lisanne eet 1/5 deel van de snoep uit het zakje.

Hester eet 1/4 deel.

Serah eet 1/8 deel.

Wie heeft de meeste snoep gegeten?

a)

Lisanne

b)

Hester

c)

Serah

9.

Reken uit: 60% van 200 =

a)

60

b)

80

c)

100

d)

120

10.

Hoeveel procent is gelijk aan de breuk 9/20?

a)

9 %

b)

180 %

c)

85 %

d)

45 %

11.
Wat is het getal pi?
a)
De verhouding van de diameter en de omtrek
b)
De verhouding van de omtrek en de straal
c)
De verhouding van de straal en de omtrek
d)
De verhouding van de omtrek en de diameter
12.
Hoeveel is -(-3)²
a)
-9
b)
9
c)
-6
d)
6
13.

het product van 3 en 4

a)

1

b)

7

c)

12

d)

14

14.

het quotiënt van 15 en 5

a)

3

b)

5

c)

10

d)

20

15.

Hoek A is (a)   graden

16.

Alle hoeken van een driehoek zijn samen (a)   graden

17.

Dit is een gelijkbenige driehoek.

Hoek A is (a)   graden.

18.
Hoort hier een lineaire grafiek bij?
a)
Ja
b)
Nee
19.
Welke formule hoort bij dit tabel?
a)
w= 25 + 50 x a
b)
w = 50 x a + 25
c)
w = 50 + 25 x a
d)
a = w x 25 + 50
20.

Welke vorm heeft de grafiek van een kwadratische formule?

a)

Parabool

b)

Rechte lijn

c)

Lineair

d)

Exponentieel