wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Test HV3 H7

Total questions: 10

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Wat betekent inflatie?

a)

Geld wordt minder waard.

b)

Renteontvangsten.

c)

Een gemiddelde prijsstijging.

d)

Geld wordt meer waard.

2.

Stel: er staat gemiddeld een bedrag van €25.000 op een spaarrekening. Het rentepercentage is 0,2%. Hoeveel euro rente ontvang je na een jaar?

a)

€500

b)

€50

c)

€5

d)

€0,50

3.

Stel: je ontvangt een rentebedrag van €960. Het rentepercentage is 1,2%. Hoeveel euro stond er gemiddeld op de spaarrekening?

a)

€80.000

b)

€8.000

c)

€115,20

d)

€11,52

4.

Als Mars de kwaliteit van hun candybars verbetert, is er sprake van een...

a)

productinnovatie

b)

basisinnovatie

c)

procesinnovatie

5.

Bekijk de tabel. 2019 is het basisjaar. Wat is het prijsindexcijfer van 2018?

a)

90

b)

111

c)

100

d)

78

6.

Stel:

Het loon stijgt met 2%

De prijzen dalen met 1%


Wat is dan de koopkrachtstijging?

a)

3%

b)

-3%

c)

1%

d)

-1%

7.

Wat wordt er bedoeld met investeren?

a)

Meer geld uitgeven.

b)

Nu geld uitgeven, om in de toekomst te profiteren.

c)

Schulden aflossen.

d)

De prijzen verhogen zodat je meer winst maakt.

8.

Leo beweert: 'de vergrijzing is een ernstige bedreiging voor de oudedagsvoorziening. Er zijn steeds minder werkenden die de uitkeringen van de ouderen betalen.'


Heeft Leo gelijk?

a)

Alleen bij financiering volgens het kapitaaldekkingsstelsel.

b)

Alleen bij financiering volgens het omslagstelsel.

c)

Ja, zowel bij financiering volgens het kapitaaldekkingsstelsel als bij financiering volgens het omslagstelsel.

d)

Leo heeft in het geheel ongelijk.

9.

Ieder jaar wordt in september de rijksbegroting voor het volgende jaar gepresenteerd. Deze dag heet: Prinsjesdag. Op welke dag vindt dit plaats?

a)

De eerste dinsdag van september.

b)

De tweede dinsdag van september.

c)

De derde dinsdag van september.

d)

De vierde dinsdag van september.

10.

In sommige fabrieken wordt er water gebruikt om de machines te koelen. Onder welke productiefactor valt dit koelwater?

a)

arbeid

b)

natuur

c)

kapitaal