Font size
Worksheetsbasisgrootheden en eenheden natuurkunde
Total questions: 13
Worksheet time: 7mins
massa heeft als symbool
(a)
de eenheid van massa heeft als symbool
(a)
als er staat: 32 m, hoort dit bij de grootheid
(a)
tijd heeft als symbool
(a)
Als er staat: T = 293 (a) , moet er op de stippellijnen komen te staan
Welke grootheid wordt bedoeld als het antwoord is: 8,5 A
(a)
De massa m = 92 (a) Welke eenheid (symbool) moet op de stippellijnen komen te staan?
(a) = 0,25 s. Welk symbool moet op de stippellijnen komen te staan?
Je ziet een verkeersbord met daarop het getal 50, zie deze afbeelding.
Welke grootheid, en welke eenheid horen hierbij?
de grootheid s en de eenheid m/s
de grootheid v en de eenheid km/h
de grootheid km/h en de eenheid v
De grootheid m/s en de eenheid s
Vul de beste oplossing op de stippellijn in:
Als je snelheid groter is, dan leg je in dezelfde tijd een ..... afstand af
grotere
kleinere
kortere
langere
Er past 1 woord op de stippellijn die het beste is. Welke?
Als de tijd minder groot is, dan kun je met dezelfde snelheid een ........ afstand afleggen
grotere
kleinere
kortere
langere
Stel, je reist met een snelheid van 25 m/s. Wat gebeurt er met je reistijd als afstand kleiner wordt?
die wordt groter
die wordt kleiner
die blijft gelijk
Vul het beste antwoord in:
Een auto rijdt een bepaalde afstand in een kortere tijd. Wat gebeurt er dan met de snelheid?
die wordt groter
die wordt kleiner
die blijft gelijk
die wordt harder
