wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Chili, het land waar de aarde ophoudt

Total questions: 58

Worksheet time: 30mins

Name
Class
Date
1.
In Chili komen veel aardbevingen voor door:
a)
transforme plaatbewegingen
b)
divergente plaatbewegingen
c)
convergente plaatbewegingen
d)
subductie
2.
Wat wordt er bedoeld met de Ring van Vuur?
a)
het gebied rond de Pacifische Oceaan waar veel vulkanen voorkomen
b)
het gebied rond de Atlatische Oceaan waar veel bosbranden zijn
c)
het gebied op aarde waar schepen en vliegtuigen zomaar verdwijnen
d)
Het gebied in Mexico waar een grote meteorietinslag is geweest
3.
Welke bewering is juist?
a)
In het westen van Zuid-Amerika zijn vooral zware aardbevingen met een diep liggend hypocentrum
b)
In het westen van Zui-Amerika zijn vooral zware aardbevingen met een ondiep liggend hypocentrum
c)
In het midden van Zuid-Amerika zijn vooral lichte aardbevingen met een ondiep liggend hypocentrum
d)
In het midden van Zuid-Amerika zijn vooral zware aardbevingen met een diep liggend hypocentrum
4.

Welk begrip hoort bij nummer 3?

a)

aardmantel

b)

aardkern

c)

convectiestromen

d)

aardkorst

5.

Op welke plaat ligt Chili

a)

Zuid-Amerikaanse plaat

b)

Nazca plaat

c)

Antarctische plaat

d)

Grote-Oceanische plaat

6.

Hoe noem je een gebied waar al lang geen zware aardbeving is voorgekomen, in vergelijking met aanliggende gebieden?

a)

Semisch gat

b)

Seismisch gebied

c)

leeg gat

d)

Seismisch gat

7.

Wat voor soort uitbarsting heeft een stratovulkaan?

a)

Paddestoel wolk van as

b)

Explosieve uitbarsting

c)

Een lavastroom

d)

Een beetje as en rook

8.

Als gesteente snel afkoelt, ontstaat graniet

a)

Waar

b)

Niet waar

9.

Als gesteente langzaam afkoelt, ontstaat geen basalt

a)

Waar

b)

Niet waar

10.

Welke bewering over een schildvulkaan is onjuist

a)

De uitbarsting noem je effusief

b)

Ze zijn opgebouwd uit verschillende lagen

c)

Het magma is maar net gesmolten

d)

Het magma stroomt verweg

11.
Uit welke delen is de aarde opgebouwd?
a)
Kern, Aardkorst, convectiestromingen
b)
Kern, magma, aardkorst
c)
kern, aardmantel, aardkorst
d)
Aardkorst, mantel, gebergten
12.
De temperatuur in de aardkern is hoger dan in de aardkorst
a)
Juist
b)
Onjuist
13.
Ontstaat op de plek van cijfer 4 een mid-oceanische rug?
a)
Altijd
b)
Soms
c)
Vaak
d)
Nooit
14.
Bij een Mid- Oceanische rug schuiven twee plaaten.....
a)
Langs elkaar
b)
Van elkaar weg
c)
Naar elkaar toe
15.
Bij een botsing schuift de zwaardere continentale korst  onder de lichtere oceanische korst.
a)
Juist
b)
Onjuist
16.
 Aardbevingen kunnen ontstaan als....
a)
Platen uit elkaar bewegen  en langs elkaar schuiven.
b)
Platen naar elkaar toe bewegen en langs elkaar schuiven
17.

"Het punt aan het aardoppervlak waar de aardbeving het sterkst is." Deze uitleg hoort bij het begrip:

a)

Aardbevingshaard

b)

Tsunami

c)

Epicentrum

d)

Hypocentrum

18.

Een strato vulkaan is een

a)

Rustige vulkaan

b)

Explosieve vulkaan

c)

Vulkaan op de zeebodem

19.

Nederland ligt aan de grens van een plaat.

a)

Juist

b)

Onjuist

20.
Wat wordt er bedoeld met de Ring van Vuur?
a)
het gebied rond de Pacifische Oceaan waar veel vulkanen voorkomen
b)
het gebied rond de Atlatische Oceaan waar veel bosbranden zijn
c)
het gebied op aarde waar schepen en vliegtuigen zomaar verdwijnen
d)
Het gebied in Mexico waar een grote meteorietinslag is geweest
21.
Welke gevolgen heeft subductie voor het landschap in Chili?
a)
Er ontstaan troggen, plooiingsgebergten en schildvulkanen
b)
er ontstaan epicentra, troggen en stratovulkanen
c)
er ontstaan hypocentra, troggen en plooiingsgebergten
d)
er ontstaan plooiingsgebergten, troggen en stratovulkanen
22.
waardoor vallen er indirecte slachtoffers bij aardbevingen?
a)
doordat huizen, viaducten en andere bouwwerken instorten
b)
doordat er branden uitbreken, die niet geblust kunnen worden
c)
doordat de hulpverlening de slachtoffers niet kan bereiken met voedsel en medische hulp
d)
door branden, ziektes, gebrek aan voedsel en medische zorg en onderdak
23.

Als platen uit elkaar drijven... Wat gebeurt dan met de magma?

a)

De magma koelt af en wordt gesteente

b)

De magma vormt een vulkaan

c)

Er gebeurt niets

24.

Juist of fout? Onder oceanen is de aardkost het dunst

a)

juist

b)

fout

25.

Gunstige gevolgen van een vulkaanuitbarsting:

a)

Kostbare metalen en bruikbare stenen

b)

onbruikbare stenen en kostbare metalen

c)

Vruchtbare grond

d)

Veel aandacht in het nieuws

26.

Wat is platentektoniek?

a)

Het ontstaan van vulkanen

b)

De soort platen.

c)

Het bewegen van de platen door de convectiestromen.

27.

Wat is de Schaal van Richter?

a)

Hiermee meet je de kracht van een vulkaan.

b)

Hiermee zie je de aardplaten verschuiven.

c)

Hiermee meet je de sterkte van een aardbeving.

d)

Hiermee voel je een aardbeving aankomen.

28.

Welke twee soorten aardplaten kennen we?

a)

Oceanische

b)

Etnische

c)

Aardse

d)

Continetale

29.

Wat is/zijn de verschilen tussen een hypocentrum en epicentrum

a)

epicentrum punt waar de aardbeving aan de oppervlakte komt

b)

Epicentrum punt waar de aardbeving ontstaat

c)

Hypocentrum punt waar de aardbeving aan de oppervlakte komt

d)

Hypocentrum punt waar de aardbeving ontstaat

30.

Welk soort vulkaan ontstaat er bij divergentie

a)

Schildvulkaan

b)

Stratovulkaan

c)

Hotspot

d)

Caldeira

31.

Relief is bijvoorbeeld wanneer je aan het fietsen bent je de bult op moet en weer naar beneden.

a)

Ja

b)

nee

32.

Waaraan herken je een oud gebergte?

a)

Aan afgeronde, platte pieken en toppen.

b)

Aan scherpe pieken en toppen.

c)

Aan bergen die hoger dan 4000 meter zijn.

d)

Oude gebergtes komen alleen voor in Noord-Amerika.

33.

Wat voor gebergte zie je?

a)

Jong gebergte

b)

Oud gebergte

34.

Welke reliëfvorm herken je hier?

a)

Vlakte

b)

Plateau

c)

Heuvel

d)

Gebergte

35.

De eilandenketen van Hawaii is ontstaan

a)

Door divergerende plaatranden waardoor er vulkanische eilanden gevormd zijn

b)

Door een hotspot waardoor er vulkanische eilanden gevormd zijn

c)

Door convergerende plaatranden waardoor er vulkanische eilanden gevormd zijn

d)

Door transformerende plaatranden waardoor er vulkanische eilanden gevormd zijn

36.
Wat wordt er bedoeld met de Ring van Vuur?
a)
het gebied rond de Pacifische Oceaan waar veel vulkanen voorkomen
b)
het gebied rond de Atlatische Oceaan waar veel bosbranden zijn
c)
het gebied op aarde waar schepen en vliegtuigen zomaar verdwijnen
d)
Het gebied in Mexico waar een grote meteorietinslag is geweest
37.
Welke gevolgen heeft subductie voor het landschap in Chili?
a)
Er ontstaan troggen, plooiingsgebergten en schildvulkanen
b)
er ontstaan epicentra, troggen en stratovulkanen
c)
er ontstaan hypocentra, troggen en plooiingsgebergten
d)
er ontstaan plooiingsgebergten, troggen en stratovulkanen
38.
Welke reeks verklaart het ontstaan van de vulkanen in Chili?
a)
subductie -> continentale plaat smelt -> magma stijgt op en vormt een vulkaan
b)
divergentie--> oceanische plaat smelt --> magma stijgt op en vormt een vulkaan
c)
subductie--> oceanische plaat smelt--> magma stijgt op en vormt een vulkaan
d)
mantelpluim onder het vasteland van Chili stijgt op en vormt een vulkaan
39.
Waardoor ontstaat er een rij vulkanen midden op een aardplaat?
a)
Doordat hier sprake is van divergentie
b)
Doordat hier zwakke plekken in de aardkorst zitten
c)
Doordat hier transforme breuken voorkomen
d)
Doordat hier een plaat over een hotspot schuift
40.

Welk begrip hoort bij nummer 3?

a)

aardmantel

b)

aardkern

c)

convectiestromen

d)

aardkorst

41.
Welke kenmerken horen bij schildvulkanen?
a)
dikke magma, groot oppervlak, flauwe helling , divergentie, hotspot
b)
dunne magma, groot oppervlak, flauwe helling, subductie, hotspot
c)
dikke magma, steile helling, klein oppervlak, subductie, explosieve uitbarsting
d)
dunne magma, groot oppervlak, divergentie, hotspot, rustige uitbarsting
42.

Uit welk gesteente bestaat continentale korst?

a)

Basalt

b)

Graniet

43.

De Ring van Vuur is een.....

a)

Convergentiezone

b)

Subductiezone

c)

Divergentiezone

44.

Een Mid-Oceanische rug ontstaat in een....

a)

Convergentiezone

b)

Subductiezone

c)

Divergentiezone

45.

Het vulkanisme op Hawaii is het gevolg van

a)

Subductie

b)

Divergentie

c)

Hotspots

d)

Convergentie

46.

De gesteentekringloop heeft een korte cyclus

a)

Waar

b)

Niet waar

47.

Endogene krachten zijn:

a)

Krachten van buitenaf

b)

Krachten van binnenuit

c)

Krachten die soms van binnen en soms van buiten komen

48.

De structuur van de aarde is als volgt van binnen naar buiten:

a)

Kern > Mantel > korst

b)

Kern > Korst > Mantel

c)

Mantel > Kern > Korst

d)

Mantel > Korst > Kern

49.
De oceaanbodem bestaat uit....
a)
Basalt
b)
Graniet
50.

Subductie betekent letterlijk....

a)

onderduiking

b)

vernietiging

c)

verstopping

d)

onder leiding

51.

Welk begrip hoort niet bij de afbeelding?

a)

mid-oceanische rug

b)

zeevloerspreiding

c)

convergentie

d)

divergentie

52.

Welk kenmerk hoort niet bij een oceanische korst?

a)

basalt

b)

relatief zwaar

c)

graniet

d)

dun

53.

Bij welke plaatbeweging komt geen vulkanisme voor?

a)

continent-continent

b)

oceaan-oceaan

c)

oceaan-continent

54.

Woningbezetting is een ......

a)

Gebiedskenmerk

b)

bevolkingskenmerk

55.

De ligging en het klimaat zijn voorbeelden van ...

a)

bevolkingskenmerken

b)

gebiedskenmerken

56.

Bestuur van het land

a)

gebiedskenmerk

b)

bevolkingskenmerk

57.

Welke natuurlijke grens isoleert Chili niet?

a)

Woestijn

b)

Himalaya gebergte

c)

oceaan

d)

Antarctica

58.

Wat is het nadeel van het klimaat in Chili

a)

Het regent in de zomer nauwelijks

b)

er valt veel regen