wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Havo 4 Begrippentoets thema 1

Total questions: 26

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Wat is de functie van de kern?

a)

energiemotor

b)

regelaar, door DNA

c)

kernplasma vervoeren

d)

bezit de erfelijke informatie

2.

Wat is de functie van Endoplasmatisch reticulum (ER)?

a)

transport van stoffen in de cel

b)

transport van stoffen naar buiten de cel

c)

aanmaak eiwitten

d)

stevigheid geven aan een cel

3.

Wat is de functie van een ribosoom?

a)

Aanmaak van eiwtten

b)

stevigheid geven aan de cel

c)

energiemotor

d)

vervoer van stoffen in een cel

4.

Wat is de functie van het golgi systeem?

a)

Vervoer van eiwitten naar buiten de cel

b)

aanmaak eiwitten

c)

vervoer van stoffen in een cel

d)

aanmaak lysosomen

5.

Wat is de functie van een mitochondrium?

a)

energiemotor

b)

fotosynthese bedrijven

c)

aanmaak van ATP

d)

transport van stoffen in een cel

6.
Noem de functie van chloroplasten
a)
Hier vindt fotosynthese plaats.
b)
het geven van kleur aan bloemen, rijpe vruchten en bladeren.
c)
Dient als opslagruimte voor reservevoedsel.
7.

Wat wordt hier afgebeeld?

a)

ER

b)

Golgi complex

c)

Chloroplast

d)

Centrosoom

8.

Wat wordt hier afgebeeld bij nummer 1?

a)

Cytoplasma

b)

Cytosol

c)

Kernplasma

d)

Stroma

9.

Wat wordt hier afgebeeld bij nummer 2?

a)

Ribosomen

b)

Nucleus

c)

Lysosoom

d)

Nucleolus

10.

Wat wordt hier afgebeeld?

a)

Lysosoom

b)

Chloroplast

c)

RER

d)

Mitochondrie

11.

Dit celorganel vormt de grens tussen de cel en zijn omgeving en speelt een belangrijke rol bij de regeling van stoffen die in en uit de cel gaan.

a)

celmembraan

b)

kernmembraan

c)

celwand

d)

golgi complex

12.

In dit celorganel wordt water, voedingsstoffen, mineralen en kleurstoffen opgeslagen. Bij planten is dit celorganel meestal groot.

a)

celkern

b)

vacuole

c)

mitochondrie

d)

lysosoom

13.

Welk celorganel is typisch voor plantaardige cellen?

a)

celmembraan

b)

celkern

c)

celwand

d)

cytoplasma

14.

Welke functie heeft het RER?

a)

Glucose aanmaken uit zonlicht

b)

Energiecentrale van de cel

c)

Controlecentrum van de cel

d)

Synthese van eiwitten

15.

Welke organen zien we hier in het rood?

a)

Longen

b)

Nieren

c)

Alvleesklier

d)

Bloedvaten

16.

Bij welk orgaanstelsel past de volgende omschrijving?


Heeft als functie (taak) het voedsel kleiner maken.

a)

Het ademhalingsstelsel

b)

Het bloedvatenstelsel

c)

Het beenderstelsel

d)

Het verteringsstelsel

17.

Nummer 4 is..

a)

de maag

b)

de lever

c)

een buikspier

d)

een nier

18.

Nummer 8 is...

a)

de slokdarm

b)

de luchtpijp

c)

een bronchie

d)

de holle ader

19.

Dit is een dwarsdoorsnede van...

a)

de buikholte net onder de longen

b)

de borstholte

c)

de buikholte (ter hoogte van de navel)

20.
Welk organenstelsel is hier afgebeeld?
a)
bloedvatenstelsel
b)
zenuwstelsel
c)
spierenstelsel
d)
verteringsstelsel 
21.

De vorm van een orgaan wordt bepaald door de functie van het orgaan

a)

waar

b)

niet waar

22.

Met welke letter wordt de nier aangegeven?

a)

P

b)

Q

c)

R

23.

De huid is een:

a)

Cel

b)

Weefsel

c)

Orgaan

d)

Orgaanstelsel

24.

Welke delen spelen een rol bij de stevigheid van een plantaardige cel?

a)

1

b)

3

c)

5

d)

6

e)

7

25.

Wanneer een cel heel actief is, zal de cel veel zuurstof verbruiken. Bij zuurstofgebrek zullen alle organellen in de cel minder goed functioneren.


Welke organellen worden bij zuurstofgebrek als eerste in hun functie geremd?

a)

Bladgroenkorrels

b)

De celkern

c)

Mitochondriën

d)

Ribosomen

26.

Bij welke van de genummerde delen heb je de grootste kans ribosomen aan te treffen, of is dat niet te zeggen?

a)

Bij 1 en 5, want veel ribosomen liggen tegen het endoplasmatisch reticulum aan.

b)

Bij 4, want veel ribosomen liggen los in de celkern

c)

Bij 7, want veel ribosomen liggen tegen het golgisysteem aan.

d)

Dat is niet te zeggen, het verschilt per cel