Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

VWO 3: H1: Wereldeconomie 1.1 t/m 1.3

Total questions: 15

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.
Het grootste voordeel van goederentransport met een container is dat
a)
de containerschepen havens over de hele wereld verbinden.
b)
de containers met meerdere soorten transportmiddelen kunnen worden vervoerd.
c)
containerschepen veel sneller zijn dan gewone vrachtschepen.
d)
er voor het laden en lossen van containers speciale havens zijn ontwikkeld.
2.
Goed bestuur is voor een land een belangrijke voorwaarde om tot ontwikkeling te komen. Welk van onderstaande kenmerken is geen goed voorbeeld van goed bestuur?
a)
bescherming van privébezit
b)
bevoordelen van de elite
c)
stimuleren van initiatief van de burgers
d)
vrije verkiezingen
3.
Na 1973 neemt de omvang van de wereldhandel veel sneller toe dan de omvang van de productie van industriegoederen. Wat is daar de belangrijkste oorzaak voor?
a)
daling van de transportkosten
b)
opdeling van de productieketen
c)
groei van de wereldbevolking
d)
global shift
4.
Beoordeel de volgende stellingen.
I Global shift stimuleert de ontwikkeling van een multipolaire wereldeconomie.
II Global shift tast de economische positie van de BRICS-landen in het wereldsysteem aan
a)
Alleen I is juist.
b)
Alleen II is juist.
c)
Beide zijn juist.
d)
Beide zijn onjuist.
5.
Het economisch wereldbeeld bestaat uit drie blokken in de fase van
a)
het handelskolonialisme.
b)
de Koude Oorlog.
c)
het industrieel kolonialisme.
d)
de multipolaire wereldeconomie.
6.
Westerse mno's delen de productieketen van goederen steeds meer op over verschillende gebieden. Dat doen ze omdat
a)
de transportkosten stijgen.
b)
de lonen in andere landen veel lager zijn.
c)
door de globalisering gebieden steeds meer vervlechten.
d)
de handelsgrenzen steeds meer verdwijnen.
7.

Voor welk land staat de C uit de BRICS-landen

a)

Congo

b)

China

c)

Cambodja

d)

Canada

8.

Door globalisering is een zonnebril uit China ... dan in Nederland

a)

Duurder

b)

Goedkoper

c)

Even duur

9.

Waar is een grotere afzetmarkt voor bedrijf ''X''

a)

Hoofddorp

b)

Nieuw-Vennep

c)

Amsterdam

10.

Waar staat de B voor in de BRICS-landen?

a)

Bolivia

b)

Brazilië

c)

Brunei

d)

Beiroet

11.

Nederland is een ... land

a)

Semiperiferie

b)

Centrum

c)

Periferie

12.

Geld verdienen door grondgebieden van andere landen noemen we

a)

Kapitalisme

b)

Kolonialisme

c)

Communisme

13.

De belangrijkste rol van een exploitatiekolonie is...

a)

Het leveren van diensten

b)

Het leveren van grondstoffen

c)

Het leveren van eindproducten

d)

Het leveren van machines

14.

Stelling: een krimpende beroepsbevolking, zoals in Japan, is gunstig voor de economie.


Is dit juist of juist?

a)

Juist

b)

Onjuist

15.

In tijden van de handelskolonialisme waren dit de belangrijke spelers in de wereldeconomie:

a)

Brazilië en de Verenigde Staten

b)

Spanje en Portugal

c)

Indonesië en Rusland

d)

Peru en Colombia