wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Stones Basis 3 Thema 1

Total questions: 14

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Vertaal de zin:


Would you like to go to a concert in November?

a)

Zou je in november naar een concert willen gaan?

b)

Heb je zin om in november naar een film te gaan?

c)

Zou je bij mij thuis willen komen eten in november?

d)

Heb je zin om zaterdag naar het schoolfeest te gaan?

2.

Geef antwoord op de vraag (er zijn meerdere antwoorden mogelijk):


Would you like to go to a concert in November?

a)

Yes, I do.

b)

Yes, I would.

c)

No, I don't.

d)

No, I wouldn't

3.

Vertaal de volgende vraag:


Would you like to come to my house for dinner?

a)

Zou je naar een concert willen gaan met mij?

b)

Heb je zin om bij mij thuis te willen eten?

c)

Zou je bij mij thuis willen komen eten?

d)

Heb je zin om zaterdag bij mij thuis te komen eten?

4.

Geef antwoord op de volgende vraag (er zijn meerdere antwoorden mogelijk):


Would you like to come to my house for dinner?

a)

No, I wouldn't.

b)

No, I don't.

c)

Yes, I would.

d)

Yes, I do.

5.

Vertaal de volgende vraag:


Do you feel like seeing a film tonight at half past eight?

a)

Heb je zin om zaterdag een film te kijken om half negen?

b)

Zou je naar een film willen gaan om half negen?

c)

Zou je bij mij een film willen kijken om half negen?

d)

Heb je zin om een film te kijken om half negen?

6.

Geef antwoord op de vraag (er zijn meerdere antwoorden mogelijk).


Do you feel like seeing a film tonight at half past eight?

a)

Yes, I do.

b)

No, I don't.

c)

Yes, I would.

d)

No, I wouldn't.

7.

Vertaal de volgende vraag:


Do you feel like going to the school dance on Saturday?

a)

Heb je zin om zaterdag naar het schoolfeest te gaan?

b)

Heb je zin om zaterdag een film te zien?

c)

Zou je zaterdag naar een concert willen gaan?

d)

Zou je zaterdag naar het schoolfeest gaan?

8.

Geef antwoord op de volgende vraag (meerdere antwoorden zijn mogelijk):


Do you feel like going to the school dance on Saturday?

a)

Yes, I would.

b)

No, I wouldn't.

c)

Yes, I do.

d)

No, I don't.

9.

Vertaal het volgende antwoord:


Sure, sounds great!

a)

Zeker, ik zou heel graag gaan!

b)

Zeker, klinkt goed!

c)

Zeker.

d)

Ik heb andere plannen.

10.

Vertaal het volgende antwoord:


Sure, I'd love to go!

a)

Zeker, ik zou heel graag gaan!

b)

Zeker, klinkt goed!

c)

Zeker.

d)

Ik heb andere plannen.

11.

Vertaal het volgende antwoord:


I'm sorry, but I can't

a)

Sorry, gaat niet.

b)

Sorry, ik heb andere plannen.

c)

Sorry, maar ik kan niet.

d)

Sorry, maar ik kan niet op zaterdag.

12.

Vertaal het volgende antwoord:


I have other plans for that day.

a)

Ik kan niet.

b)

Ik kan die dag niet.

c)

Ik kan alleen een andere dag.

d)

Ik heb andere plannen die dag.

13.

Vertaal het volgende antwoord:


I can't make it on Saturday.

a)

Ik haal het op zaterdag niet.

b)

Ik kan zaterdag niet.

c)

Zaterdag gaat niet.

d)

Zaterdag heb ik al andere plannen.

14.

Vertaal de volgende vraag:


Could we go another day?

a)

Kunnen we zaterdag gaan?

b)

Sorry, maar kunnen we een andere keer?

c)

Kunnen we een andere dag gaan?

d)

Ik heb al plannen, zullen we een andere dag gaan?