wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Oefenen biologie 1. 1 t/m 1.4

Total questions: 23

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.
Wat betekend biologie?
a)
De leer van het leven
b)
De leer van de aarde
c)
De leer van het menselijk lichaam
d)
Een schoolvak heeft geen betekenis
2.
Wat is asfalt?
a)
Levenloos
b)
Levend
c)
Dood
3.
Wat is geen levenskenmerk?
a)
Voeden
b)
Bewegen
c)
Slapen
d)
Voortplanten
4.
Uit een kiem groeit een nieuwe plant.
a)
Waar
b)
Niet waar
5.
Hoeveel zaadlobben heeft een bruine boon?
a)
één
b)
twee
c)
drie
d)
vier
6.
Wat betekent ontwikkelen?
a)
Het optreden van veranderingen in de bouw van een organisme
b)
Het groter en zwaarder worden van een organisme
c)
Geen van beide
d)
Allebei
7.
Wat betekent groeispurt?
a)
Een periode van snelle groei
b)
Een periode van geen groei
c)
Een periode van ontwikkeling
8.

Wat wordt er gemaakt bij de fotosynthese?

a)

glucose en zuurstof

b)

water en zuurstof

c)

koolstofdioxide en zuurstof

d)

glucose en koolstofdioxide

9.

Wat neemt een plant op bij de fotosynthese?

a)

glucose en lucht

b)

koolstofdioxide en water

c)

water en lucht

d)

energie en glucose

10.

Waar in de plant vindt fotosynthese plaats?

a)

In de wortels

b)

in de bladgroenkorrels

c)

In alle plantendelen

d)

in de stengels

11.
Welke organismen kunnen fotosynthese  doen?
a)
Alle organismen
b)
Alleen planten en schimmels
c)
Alleen planten en dieren
d)
Alleen planten
12.

Leren rekenen is een voorbeeld van...

a)

Geestelijke ontwikkeling

b)

Motorische ontwikkeling

c)

Lichamelijke ontwikkeling

13.

Welke van onderstaande antwoorden is een vorm van motorische ontwikkeling?

a)

Haargroei

b)

Leren fietsen

c)

Leren communiceren

d)

Zwanger worden

14.

In welke twee levensfasen onderga je een groeispurt?

a)

Baby

b)

Peuter

c)

Schoolkind

d)

Puber

e)

Adolescent

15.

In welke levensfase leer je volledig zelfstandig te zijn?

a)

Schoolkind

b)

Puber

c)

Adolescent

d)

Volwassene

16.

In welke levensfase bevindt iemand van 5 jaar zich?

a)

Baby

b)

Peuter

c)

Kleuter

d)

Schoolkind

17.

Wat is een geestelijke ontwikkeling die kleuters leren?

a)

Leren communiceren

b)

Leren rekenen

c)

Leren fietsen

d)

Leren schrijven

18.

Hoe oud ben je als je een puber bent?

a)

Tussen de 11 en 16 jaar

b)

Tussen de 12 en 16 jaar

c)

Tussen de 12 en 18 jaar

d)

Tussen de 11 en 18 jaar

19.

Wat is hier afgebeeld?

a)

levenscyclus

b)

levensloop

c)

fotosynthese

20.

Dit is selderij. Dit komt van een plant. Welk deel van de plant eet jij hier op?

a)

De wortels

b)

De stengel

c)

De bladeren

21.

Dit is een rode biet. Wat rood is, kan je opeten. Welk deel van de plant eet je?

a)

De wortel

b)

De stengel

c)

De bladeren

22.

Dit is spinazie. Dit komt van een plant. Welk deel van de plant eet je hier op?

a)

De wortel

b)

De stengel

c)

De bladeren

23.

Waar zie je een volwassen plant?

a)

nummer 4

b)

nummer 5

c)

nummer 6

d)

nummer 7