wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

1.1 t/m 1.4 NL/Spanje 4TL AK

Total questions: 25

Worksheet time: 1hrs 17mins

Name
Class
Date
1.

1.1 Wat is een kenmerk van het gematigd zeeklimaat in Nederland?

a)

Hele warme zomers en koude winters.

b)

Relatief milde temperaturen en veel neerslag.

c)

Extreem droge periodes gedurende het jaar.

d)

Droge zomer en veel neerslag

2.

1.1 Waar komt de wind nu in Nederland vandaan?

a)

Westen

b)

Oosten

c)

Noorden

d)

Zuiden

3.

1.1 Twee leerlingen doen uitspraken over het weer in Nederland. Nina: ‘Voor een strenge winter in Nederland heb je wind nodig uit het oosten. Dan is de invloed van zee namelijk het minst.’ Tim: ‘Voor een strenge winter in Nederland moet de wind juist uit het westen komen. Vochtige lucht van zee zorgt voor sneeuw en ijs.’

Wie heeft gelijk: Nina of Tim?

a)

Nina

b)

Tim

c)

Beiden hebben ongelijk

4.

1.1 Bekijk de afbeelding en ga dan de vraag beantwoorden

a)

Hogedrukgebied en westenwind

b)

Lagedrukgebied en oostenwind

c)

Hogedrukgebied en oostenwind

d)

Lagedrukgebied en westenwind

5.

1.1 Wat kan in de winter voor extreem koude temperaturen zorgen? Twee goede antwoorden

a)

Landwind uit het noordoosten

b)

Zeewind uit het westen

c)

Een hogedrukgebied, waardoor het windstil is en de aardwarmte niet wordt vastgehouden door wolken.

d)

Een lagedrukgebied, want lucht brengt zo kou vanuit het zuidoosten.

6.

1.1 In welk seizoen past deze zin van Mart Hoogkamer het beste: 'In Spanje schijnt altijd de zon.'

a)

Winter

b)

Zomer

c)

Herfst

d)

Lente

7.

1.1 Bekijk de afbeelding. Welk seizoen is het op dit moment in Spanje?

a)

Zomer, want dan zijn er veel lagedrukgebieden.

b)

Winter, want dan zijn er veel lagedrukgebieden.

c)

Zomer, dat kun je zien omdat er weinig wind staat.

d)

Winter, dat kun je zien omdat er weinig wind staat.

8.

1.1 en 1.3 Bekijk de afbeelding

a)

Daalt, stijgingsregen en Nederland

b)

Daalt, stijgingsregen en Spanje

c)

Daalt, frontale regen en Spanje

d)

Stijgt, frontale regen en Nederland

e)

Stijgt, stijgingsregen en Spanje

9.

1.1 en 1.2 Bekijk de afbeelding.

a)

Beide zijn juist

b)

Beide zijn onjuist

c)

Uitspraak 1 = juist en uitspraak 2 = onjuist

d)

Uitspraak 1 = onjuist en uitspraak 2 = juist

10.

1.2 Zet het juiste klimaat bij het juiste gebied...

11.

1.2 Welke 2 verklaringen voor het steppeklimaat in Spanje zijn juist?

a)

Het heeft vaak landwind

b)

Het heeft vaak zeewind

c)

Het ligt aan de loefzijde

d)

Het ligt aan de lijzijde

12.

1.2 Vul de klimaatgrafiek in...

13.

1.2 Tot welk van de 4 klimaten aanwezig in Spanje behoort deze klimaatgrafiek toe?

a)

middellandse zeeklimaat

b)

woestijnklimaat

c)

gematigd zeeklimaat

d)

hooggebergteklimaat

14.

1.2 Bekijk de afbeelding. Welke klimaatgrafiek hoort bij Madrid?

a)

Grafiek 1

b)

Grafiek 2

c)

Grafiek 3

15.

1.2 Zet de klimaatgrafieken en kenmerken van bij het juiste Spaanse klimaat..

Categorize the following
Middellandse zeeklimaat
Gematigd zeeklimaat
Steppeklimaat
Hooggebergteklimaat
16.

1.3 Welke 2 uitspraken over landbouw in Nederland en Spanje zijn juist?

a)

Het verbouwen van olijven en druiven kan van nature het beste in Spanje plaatsvinden vanwege het klimaat.

b)

Spaanse boeren kunnen meer profiteren van een evenwichtige waterbalans dan Nederlandse boeren.

c)

In Spanje moeten boeren meer draineren in de winter dan in de zomer.

d)

In Nederland is er in de zomer een groter neerslagtekort dan in Spanje.

17.

1.3 Koppel de juiste zin aan het goede begrip...

a)

Het heeft paar weken in de zomer niet geregend...

1.

Verdroging

b)

Het afvoeren van water op een akker door buizen...

2.

Draineren

c)

Door een watertekort sproeit een boer regen over zijn akkers...

3.

Irrigatie

d)

Door de positieve waterbalans zakt er veel water in de grond...

4.

Infiltratie

18.

1.3 In welk deel van Spanje worden dezelfde gewassen verbouwd als in Nederland?

a)

in het binnenland

b)

in het noordoosten

c)

in het noordwesten

d)

in het zuidoosten

19.

1.3 Zet de kenmerken bij de juiste plaats...

20.

1.4 Met welke klimaatverandering zal Nederland te maken krijgen?

a)

De neerslagintensiteit zal toenemen.

b)

Er gaat minder neerslag vallen.

c)

Hittegolven zullen minder voorkomen.

21.

1.4 Wat zal er in Nederland door klimaatverandering veranderen? Kies 2 antwoorden.

a)

Er komen nieuwe plantensoorten uit Polen.

b)

Er komen nieuwe diersoorten vanuit Frankrijk

c)

De kans op overstromingen neemt toe

d)

De uv-straling zal dalen

22.

1.4 Bekijk de afbeelding. Welke 2 uitspraken over de afbeelding zijn juist?

a)

De temperatuur zal in Spanje meer toenemen

b)

De temperatuur zal in Spanje en Nederland in de toekomst even veel toenemen.

c)

In Spanje zullen delen veranderen in woestijnen.

d)

De waterbalans zal in Spanje positiever worden.

23.

1.4 Wat heeft de grootste kans op een hoge UV-straling?

a)

Temperaturen van 15 graden

b)

Regen

c)

Mist

d)

Geen wolken

24.

1.4 Nederland en Spanje bedenken manieren om met klimaatverandering om te gaan. Koppel de afbeelding aan de juiste zin...

a)

1.

Riool niet laten overstromen

b)

2.

Verdroging/verwoestijning

c)

3.

Aardwarmte in plaats van gas gebruiken

d)

4.

Meer fonteinen en bomen plaatsen

25.

Reflectie. Geef aan welke begrippen, onderwerpen en/of paragrafen jij nog lastig vindt...

4 lines