wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2LAT werkwoord en naamwoord eind oktober

Total questions: 20

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Vertaal paraverunt

a)

ze maken klaar

b)

ze maakten klaar

c)

ze worden klaargemaakt

d)

ze zullen klaarmaken

2.

Vertaal aude

a)

durf

b)

durven

c)

hoor

d)

luister

3.

Vertaal incendam

a)

ik stak in brand

b)

ik heb in brand gestoken

c)

ik steek in brand

d)

ik zal in brand steken

4.

Vertaal fuerunt

a)

ze zijn geweest

b)

ze waren geweest

c)

ze waren

d)

ze zullen zijn

5.

Vertaal delevit

a)

hij heeft vernield

b)

hij had vernield

c)

hij vernielt

d)

het wordt vernield

6.

Vertaal tangebantur

a)

ze hebben aangeraakt

b)

ze worden aangeraakt

c)

ze werden aangeraakt

d)

ze raakten aan

7.

Vertaal cogitas

a)

je denkt

b)

ze dwingt

c)

je hoedt

d)

je brengt bijeen

8.

Vertaal promitti

a)

beloof!

b)

beloofd worden

c)

ik heb beloofd

d)

beloven

9.

Vertaal scribebatur

a)

het werd geschreven

b)

het is geschreven

c)

het wordt geschreven

d)

het zal geschreven worden

10.

Vertaal metuisti

a)

jullie hebben gevreesd

b)

je hebt gevreesd

c)

jullie vreesden

d)

je wordt gevreesd

11.

Determineer somniis. Geef alle mogelijkheden.

a)

abl mv

b)

acc mv

c)

gen enk

d)

dat mv

12.

Determineer umbra. Geef alle mogelijkheden.

a)

abl enk

b)

nom enk

c)

acc mv

d)

nom mv

13.

Determineer facili. Geef alle mogelijkheden.

a)

abl m enk

b)

nom o enk

c)

dat m mv

d)

gen v enk

14.

Determineer callidorum. Geef alle mogelijkheden.

a)

acc m enk

b)

nom o enk

c)

gen m mv

d)

gen v mv

15.

Determineer regionis. Geef alle mogelijkheden.

a)

gen m enk

b)

gen v enk

c)

acc v mv

d)

nom v mv

16.

Determineer tauro. Geef alle mogelijkheden.

a)

dat m enk

b)

abl m enk

c)

dat o enk

d)

abl o enk

17.

Determineer ventum. Geef alle mogelijkheden.

a)

nom o enk

b)

acc o enk

c)

acc m enk

d)

gen m mv

18.

Determineer officii. Geef alle mogelijkheden.

a)

gen o enk

b)

dat o enk

c)

abl o enk

d)

gen m enk

19.

Determineer potentes. Geef alle mogelijkheden.

a)

nom m mv

b)

acc m mv

c)

nom v mv

d)

acc v mv

20.

Determineer reginae. Geef alle mogelijkheden.

a)

nom v mv

b)

gen v enk

c)

dat v enk

d)

abl v enk