Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

mavo 2a Hoofdstuk 2, stoffen

Total questions: 20

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

welk symbool zie je hier?

a)

licht ontvlambaar

b)

giftig

c)

irriterend

d)

corrosief of bijtend

2.

waar aan herken je stoffen?

a)

stofeigenschappen

b)

kleur

c)

geur

d)

smaak

3.

een thermoharder

a)

worden niet zacht als je ze verwarmt

b)

flessen zijn hiervan gemaakt

c)

heet ook wel plastic

d)

je kunt het van vorm veranderen

4.

een legering is

a)

2 kunststoffen bij elkaar

b)

verdikkingsmiddel

c)

emulgator

d)

2 metalen bij elkaar

5.

waar staat Na voor?

(a)  

6.

wat is een mengsel

a)

bestaat uit 1 stof

b)

bestaat uit 2 of meer stoffen

7.

shampoo bestaat uit water, zeep, een kleurstof en....

a)

emulgator

b)

verdikkingsmiddel

c)

legering

d)

indicator

8.

een oplossing (meerdere antwoorden zijn goed).

a)

is helder

b)

je kunt er doorheen kijken

c)

zit een verdikkingsmiddel in

d)

hoeft niet kleurloos te zijn

9.

een emulgator

a)

zorgt er voor dat een stof dikker wordt

b)

zorgt er voor dat een mengsel helder wordt

c)

zorgt ervoor dat de stoffen goed gemengd blijven.

d)

zorgt er voor dat een mengsel minder zuur wordt

10.

een zure stof heeft een zuurtegraad

a)

hoger dan 7

b)

lager dan 7

c)

of precies 7

11.

hoe meet je de pH-waarde

a)

met een emulsie

b)

met een indicator

c)

met water

12.

wat is een zuivere stof

a)

cola

b)

pindakaas

c)

zout

d)

melk

13.

stoffen bestaan uit

(a)  

14.

moleculen bestaan uit

a)

atomen

b)

kristallen

15.

ijzer heet ook wel

a)

Cu

b)

Fe

c)

Al

d)

C

16.

Al staat voor

a)

goud

b)

chloor

c)

aluminium

d)

koper

17.

waterstof kort je af met een

a)

H

b)

O

c)

N

d)

C

18.

in een bak waar KCA op staat mag je

a)

groente in gooien

b)

plastic in gooien

c)

restafval in gooien

d)

verfresten en batterijen in gooien

19.

is rioolwater ook een soort afval?

a)

ja

b)

nee

20.

recyclen

a)

is hergebruik van voorwerpen

b)

afval wordt gebruikt voor nieuwe produkten

c)

glazen potten worden meteen weer gevuld met voedsel