WorksheetsArgus Clou geschiedenis gr7 thema 2
Total questions: 15
Worksheet time: 9mins
Vanaf het jaar 400 breekt er een tijd aan van volksverhuizingen. Wat wordt hiermee bedoeld?
Alle volken kregen een eigen land.
Alle volken moesten door oorlogen hun land verlaten.
Veel volken trokken dwars door Europa.
Veel volken verlieten Europa.
Wie was Clovis?
Clovis was een Romein die zich liet kronen tot Germaanse koning.
Clovis was de Frankische koning die christen werd.
Clovis was een christen die het geloof van de Saksen afkeurde.
Veel onderdanen van Clovis werden christen. Wat was het voordeel van één godsdienst?
Er was minder geld nodig en er kwam meer voedsel.
Er was minder overleg nodig en er werd meer gebeden.
Er was minder ruzie en meer saamhorigheidsgevoel.
Wie waren Frankische koningen? Het zijn er 2!
Karel de Lange
Karel Martel
Johannes Merovinger
Pippijn de Korte
Wie was Karel de Grote?
Karel de Grote was de koning van de Franken. Hij gebruikte het leenstelsel om zijn rijk te besturen.
Karel de Grote was koning van de Franken. Hij verzette zich tegen het leenstelsel.
Karel de Grote was een leenman die geld voor de koning moest innen.
Wat hoort bij het leenstelsel? Twee antwoorden zijn goed.
Het land werd verdeeld onder leenmannen in graafschappen.
Het land werd teruggebracht tot één graafschap.
Leenmannen verdeelden het geld onder de bevolking.
Leenmannen inden belasting, spraken recht en verdedigden de grenzen.
Welk voordeel had het leenstelsel?
Karel de Grote kon eindelijk keizer worden.
Karel de Grote had controle over zijn grote rijk.
Karel de Grote kon het leenmanschap erfelijk maken.
Karel de Grote raakte door het leenstelsel bevriend met de Paus.
Wie volgde Karel de Grote op na zijn dood?
Zijn eerste vrouw volgde hem op.
Zijn twee leenheren volgden hem op.
Zijn drie kleinzonen volgden hem op.
De Paus volgde hem op.
Het leenmanschap werd erfelijk. Wat waren de gevolgen daarvan?
Het rijk viel uiteen in graafschappen.
De graafschappen werden samengevoegd.
De graven hadden niet meer te vertellen.
De graven werden steeds machtiger.
Wie was Floris V?
Hij was graaf van Holland en Zeeland en leenman van de Duitse koning.
Hij was graaf van Holland en Utrecht en leenman van de Franse koning.
Hij was graaf van Holland en Gelderland en leenman van de Spaanse koning.
Waarom kreeg Floris V ruzie met zijn leenmannen?
Omdat Floris V de leenmannen veel rechten gaf.
Omdat Floris V de boeren veel rechten gaf.
Omdat Floris V de leenmannen hun rechten afpakte.
Omdat Floris V de boeren minder rechten gaf.
Waarom werd Floris V door zijn leenmannen vermoord?
Omdat Floris V hulp vroeg van de Franse koning.
Omdat Floris V leenman werd van de Duitse koning.
Omdat Floris V in zijn kasteel Huis ten Haghe bleef.
Wie was Filips de Goede?
Filips de Goede was een koning in Duitsland.
Filips de Goede was een graaf in Holland.
Filips de Goede was een hertog in Bourgondië.
Hoe zag het leven aan het hof van Filips eruit? Je moet 2 antwoorden aanklikken.
Er werd veel gedanst en muziek gemaakt aan het hof.
Er werden veel gevechten gehouden aan het hof.
Er werden gevangenen gemarteld aan het hof.
Er veel toneelgespeeld aan het hof.
Wanneer werden de Staten door Filips bijeen geroepen?
Als Filips grond wilde samenvoegen.
Als Filips advies wilde.
Als Filips nieuwe graven nodig had.
Als Filips geld nodig had.
