Font size
WorksheetsVoorzetsels
Total questions: 10
Worksheet time: 3mins
Vul aan met een voorzetsel.
Men zegt dat ik lijk (a) mijn grootmoeder.
Vul aan met een voorzetsel.
De dokter verschaft de nodige uitleg (a) de patiënt.
Vul aan met een voorzetsel.
Gelukkig leven wij (a) de eenentwintigste eeuw!
Vul aan met een voorzetsel.
De vogels vluchten (a) de aankomende storm.
Vul aan met een voorzetsel.
De kustwacht hield de haven goed (a) de gaten.
Vul aan met een voorzetsel.
Mijn ouders verwachten te veel (a) mij.
Vul aan met een voorzetsel.
Je bent zelf verantwoordelijk (a) je daden.
Vul aan met een voorzetsel.
Waarom heb jij een hekel (a) mij?
Vul aan met een voorzetsel.
Beperk je (a) de essentie, je hoeft de details niet te kennen.
Vul aan met een voorzetsel.
Schaam je je niet (a) je ongepast gedrag?
