wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Fasen en faseovergangen

Total questions: 12

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Hoe wordt water in de vaste fase genoemd?

a)

Water

b)

IJs

c)

Waterdamp

2.

Hoe wordt de faseovergang van vloeibaar naar vast genoemd?

a)

Stollen

b)

Smelten

c)

Condenseren

d)

Verdampen

e)

Rijpen

3.

Hoe wordt de faseovergang van vast naar vloeibaar genoemd?

a)

Stollen

b)

Smelten

c)

Condenseren

d)

Verdampen

e)

Sublimeren

4.

Hoe wordt de faseovergang van gas naar vloeibaar genoemd?

a)

Stollen

b)

Smelten

c)

Condenseren

d)

Verdampen

e)

Rijpen

5.

Hoe wordt de faseovergang van vast naar gas genoemd?

a)

Stollen

b)

Verdampen

c)

Condenseren

d)

Sublimeren

e)

Rijpen

6.

Waar of niet waar?

Moleculen trekken elkaar aan, soms heel sterk en soms heel zwak.

a)

Waar

b)

Niet waar

7.

Hoe bewegen de moleculen in een vaste stof?

a)

De moleculen trillen op een vaste plek.

b)

De moleculen bewegen door elkaar heen.

c)

De moleculen verspreiden zich door de hele ruimte.

8.

Hoe bewegen de moleculen in een vloeistof?

a)

De moleculen trillen op een vaste plek.

b)

De moleculen bewegen door elkaar heen.

c)

De moleculen verspreiden zich door de hele ruimte.

9.

Waar of niet waar?

Het kookpunt is de temperatuur waarbij een stof smelt.

a)

Waar

b)

Niet waar

10.

Wat is het kookpunt van water?

a)

100 °C

b)

0 °C

c)

-10 °C

11.

Het smeltpunt van alcohol is -114 °C en het kookpunt is 78 °C. Wat is de fase van alcohol bij 20 °C?

a)

Vast

b)

Vloeibaar

c)

Gas

12.

Het smeltpunt van alcohol is -114 °C en het kookpunt is 78 °C. Wat is de fase van alcohol bij -115 °C?

a)

Vast

b)

Vloeibaar

c)

Gas