wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Nieuw Nederlands - 1 h/v - H2 - toetsvoorbereiding

Total questions: 26

Worksheet time: 41mins

Name
Class
Date
1.

Een tekst is vaak verdeeld in een inleiding, (a)   en een slot.

2.

Wat betekent behendig?

(a)  

3.

Wat betekent adembenemend?

(a)  

4.

Wat betekent affiche?

(a)  

5.

Wat wordt bedoeld met onbekend maakt onbemind?

a)

Iets wat je niet kent, waardeer je niet

b)

Iemand die plotseling veel succes heeft

c)

De openbare aandacht op iets vestigen

d)

Iets helemaal 'af' maken

6.

Maak een goedlopende zin met minimaal tien woorden, met de volgende uitdrukking: De puntjes op de -i zetten.

4 lines
7.

Wat betekent het woord doubleren?

a)

Een doelpunt maken

b)

Blijven zitten

c)

Een spelletje met dobbelstenen

d)

Jongleren

8.

Vul een passende uitdrukking in:


De winnares van Heel Holland bakt (a)   met haar verjaardagstaart, die de hoge verwachtingen van de jury zelfs overtrof.

9.

Welk woord past in de volgende zin?


Prinses Beatrix is de (a)   koningin van Nederland.

10.

Vul de juiste vorm van het bijvoeglijk naamwoord in:


De (a)   (verwoesten) storm richtte veel schade aan.

11.

Vul de juiste vorm van het bijvoeglijk naamwoord in:


De (a)   (lijden) schade zou vergoed worden.

12.

Klik alle stoffelijke bijvoeglijke naamwoorden uit onderstaande zinnen aan:


1. De buitenlandse kunstenaar maakte een gipsen beeld en een paars kleiwerk.

2 Die vilten sjaal staat helemaal niet bij die dure, chique trui!

a)

buitenlandse

b)

dure

c)

gipsen

d)

paars

e)

vilten

13.

Als je het onderwerp verandert van enkelvoud in meervoud, verandert de (a)   ?

14.

Welke verdeling in zinsdelen is juist?

a)

Twee meisjes uit het Limburgse Maastricht / gaan / met de trein / een reis door Europa maken.

b)

Twee meisjes uit het Limburgse Maastricht / gaan / met de trein / een reis door Europa / maken.

c)

Twee meisjes / uit het Limburgse Maastricht / gaan / met de trein een reis / door Europa / maken.

d)

Twee meisjes / uit het Limburgse Maastricht / gaan / met de trein / een reis door Euopa / maken.

15.

Wat is de pv in onderstaande zin?


De felgekleurde brillenkoker van Sim is tijdens de Engelse les zoekgeraakt.

(a)  

16.

Wat is het ow in onderstaande zin:


Op de boot naar Engeland zou je zeeziek kunnen worden.

(a)  

17.

Vul het juiste verwijswoord in. Kies uit: deze, die, dit en dat:


Het vak (a)   ik het leukst op school vind, krijgen we van meneer Tim.

18.

Vul het juiste verwijswoord in. Kies uit: deze, die, dit en dat:


Xander liet zijn horloge, (a)   hij nieuw had gekocht, zien aan Faisal.

19.

Vul het juiste verwijswoord in. Kies uit: deze, die, dit en dat:


Je zou volgend jaar naar dit eiland kunnen gaan in plaats van weer voor (a)   bekende locatie te kiezen.

20.

De brandweerlieden redden de bewoners uit het brandende huis.


Leg uit waarom onderstaande zin twee betekenissen kan hebben.

4 lines
21.

Kies van de onderstaande werkwoorden alleen de zwakke werkwoorden.

a)

beklagen

b)

liggen

c)

leiden

d)

lijden

e)

bevrijden

22.

Noteer de verleden tijd enkelvoud van het niet-bestaande werkwoord beransen.

(a)  

23.

Romana (a)   haar voet tijdens de boswandeling.


Kies hieronder het juiste werkwoord bovenstaande zin en noteer het in de verleden tijd.


beperken – bezeren – durven – landen – misten – reduceren

24.

Gisteren (a)   het in het hele land.


Kies hieronder het juiste werkwoord voor bovenstaande zin en noteer het in de verleden tijd.


beperken – bezeren – durven – landen – misten – reduceren

25.

Noteer de pv van onderstaande zin in de verleden tijd:


De duiven (a)   (poepen) op het pas schoongemaakte standbeeld van Piet Hein.

26.

Noteer de pv van de onderstaande zin in de verleden tijd:


De dj (a)   (draaien) voornamelijk hits uit de jaren ’90.