Font size
Worksheetsherhaling unité 26
Total questions: 20
Worksheet time: 16mins
Geef de vertaling van 'een kaart'.
une balle
une carte
une jambe
une main
Geef de vertaling van 'een been'.
une balle
un doigt
une main
une jambe
Vul in: de vertaling van 'een wandeling'.
(a)
Vul in: de vertaling van 'gisteren'.
(a)
Vul in: de vertaling van 'winnen'.
(a)
Vul in: de vertaling van 'vertellen'.
(a)
Met welke hulpwerkwoorden wordt de passé composé gevormd?
aller
être
faire
avoir
Geef de franse vertaling: 'ik heb gedaan'.
(a)
Wat is de vertaling van 'met de boot'?
en bateau
un bateau
des bateaux
Wat is de vertaling van 'een vinger'?
une promenade
une main
une jambe
un doigt
Wat is de vertaling van 'tot binnenkort'?
à demain
bienvenue
à bientôt
bonjour
Geef de vertaling van 'ik heb gehad'
(a)
Geef de vertaling van 'ik ben geweest'.
(a)
Geef de vertaling van 'ik heb geslapen'.
(a)
Duid de juiste vertaling aan van 'jij bent geweest'
tu as été
j'ai été
tu es été
je suis été
Duid de juiste vertaling aan van 'jij hebt gezongen'.
tu es chanté
j'ai chanté
il a chanté
tu as chanté
Geef de vertaling van: 'zij is vertrokken' (let op vrouwelijk!)
(a)
Geef de vertaling van: 'zij zijn aangekomen' (mannelijk meervoud)
(a)
Ik ken de woordenschat van unité 26...
helemaal niet.
een beetje.
voldoende.
perfect!
Ik ken de passé composé...
helemaal niet, ik krijg graag extra uitleg.
een beetje.
voldoende.
perfect!
