wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Rekenen basisbegrippen

Total questions: 16

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

 614\frac{6}{14}  Bij een breuk staat altijd een getal boven en onder de deelstreep. Maar hoe noemen we die? 

a)

Het bovenste getal noemen we Harry en het onderste getal Peter.

b)

Het bovenste getal is de noemer en het onderste getal de teller.

c)

Het bovenste getal noemen we Fortnite en het onderste getal Minecraft.

d)

Het bovenste getal is de teller en het onderste getal de noemer.

2.

In de wiskundetaal gebruiken we soms andere tekens dan je gewend bent. Wat betekent bijvoorbeeld

 \ne  

a)

Bij dit teken krijg je een vermenigvuldiging.

b)

Hierbij moet je het getal wat erna komt roze tekenen. 

c)

Dit betekent hetzelfde als een  == 

d)

Dit teken betekent dat iets ongelijk aan iets anders is. 

3.

Een ander woord voor een kommagetal is...

a)

een decibeet getal.

b)

een minigetal.

c)

een decimaal getal.

d)

een afgerond getal.

4.

Breuken kun je ook schrijven als decimaal getal. Hoe schrijf je de breuk  2\frac{3}{4}  als decimaal getal? 



(a)  

5.

Een ander wiskundeteken wat jullie al kennen is

 >  


Wat betekent dit teken? 

a)

Is groter dan 

b)

Is gigantisch

c)

Is kleiner dan

d)

Is minuscuul

6.

 6×(85)+206\times\left(8-5\right)+20  
Bereken het antwoord en vul in. 

(a)  

7.

Een ander woord voor een deelsom is ...

a)

een ingrediënt.

b)

een quotiënt.

c)

een patiënt.

d)

een notificant.

8.

Een kwadraat van een getal is een getal wat vermenigvuldigd wordt met zichzelf.


Wat is het kwadraat van 7?

(a)  

9.

Uit hoeveel blokjes bestaat deze kubus?

(a)  

10.

 10042×(3323)=100-4^2\times\left(3^3-23\right)=  

(a)  

11.

 6×23=6\times2^3=  

(a)  

12.

Het leukste van school vind ik

a)

wiskunde

b)

Wiskunde

c)

Wiskunde!

d)

YES! WISKUNDE!

13.

 2,93  1,04 =2,93\ -\ 1,04\ =  

(a)  

14.

 737^3  
Bij een macht hebben beide getallen een naam. Wat zijn die namen?

a)

Pieter en Cornelis.

b)

Kwadraat en machtsverheffing.

c)

Grondtal en exponent.

d)

Donnie en Demi. 

15.

Sjonnie heeft €3,05 op zak. In de kantine kosten de broodjes €0,35 per stuk. Hoeveel broodjes kan Sjonnie maximaal betalen?

a)

7

b)

8

c)

9

d)

10

16.

Steve wil een voorraad diamanten pickaxes maken om zijn bouwplannen te voltooien. Per stuk heeft hij hier drie diamanten en twee stokken voor nodig. Hij wil 50 pickaxes maken.


Hoeveel diamanten en stokken heeft Steve nodig?

a)

50 diamanten en 25 stokken.

b)

75 diamanten en 150 stokken.

c)

150 diamanten en 100 stokken.

d)

25 diamanten en 50 stokken.