Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Rekenblad Excel

Total questions: 15

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Een formule begin je met ...

a)

=

b)

-

c)

:

2.

Welke formule is juist?

a)

SOM(A1;A2)

b)

=SOM(A1,A2)

c)

=SOM(A1;A2)

d)

=SOM(A1;A2

3.

=MIN(A1;A3) geeft als resultaat ...

a)

Het laagste getal van cellen A1, A2 en A3

b)

Het hoogste getal van cellen A1 en A3

c)

Het laagste getal van cellen A1 en A3

4.

=MAX(B1;D1) geeft als resultaat ...

a)

het hoogste getal van cellen B1, C1 en D1

b)

het hoogste getal van cellen B1 en D1

c)

het laagste getal van cellen B1 en D1

5.

Een kolom bestaat uit ..

a)

meerdere cellen naast elkaar

b)

meerdere cellen onder elkaar

6.

Een rij bestaat uit ..

a)

meerdere cellen naast elkaar

b)

meerdere cellen onder elkaar

7.

De vulgreep is ...

a)

Een manier om snel een formule te gebruiken voor meerdere cellen

b)

Een grijpautomaat op de kermis

c)

Een manier om cellen snel te kopiëren en te plakken

d)

Een tiktokdansje

8.

De vulgreep gebruik je door ...

a)

een cel te kopiëren en te plakken op een andere cel

b)

te klikken op het vetgedrukte vierkantje links bovenaan de cel en daarna te slepen

c)

te klikken op het vetgedrukte vierkantje rechts onderaan de cel en daarna te slepen

9.

Bij de som ga je getallen ...

a)

Optellen

b)

Aftrekken

c)

Vermenigvuldigen

d)

Delen

10.

Bij het verschil ga je getallen ...

a)

Optellen

b)

Aftrekken

c)

Vermenigvuldigen

d)

Delen

11.

Bij het product ga je getallen ...

a)

Optellen

b)

Aftrekken

c)

Vermenigvuldigen

d)

Delen

12.

Bij het quotiënt is het de bedoeling dat je getallen gaat ...

a)

Optellen

b)

Aftrekken

c)

Vermenigvuldigen

d)

Delen

13.

De functie AANTALARG gebruik je om...

a)

totaal aantal rijen met tekst te tellen

b)

totaal aantal kolommen met tekst te tellen

c)

aantal cellen te tellen

d)

aantal lege cellen te tellen

14.

De functie waarmee je altijd de huidige datum krijgt is ..

a)

datumvandaag()

b)

=datumvandaag()

c)

vandaag()

d)

=vandaag()

15.

Wat geeft de functie =NU()?

a)

Huidige datum en tijd

b)

Huidige maand en tijd

c)

Huidige dag en maand

d)

Huidige tijd, aantal dagen van het jaar