wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Ecologie

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Wat is Ecologie

a)

wetenschap die leven bestudeert

b)

wetenschap die voedselrelaties bestudeert

c)

wetenschap die relaties in de natuur bestudeert

d)

wetenschap die de aarde bestudeert

2.

een individu is ...

a)

een groep organismen van dezelfde soort

b)

een eenling van een soort

c)

een eenling van een populatie in een bepaald gebied

3.

een populatie is ..

a)

een groep organismen in een bepaald gebied

b)

een groep organismen van een soort

c)

een groep organismen van dezelfde soort in een bepaald gebied

4.

Kijk goed naar de afbeelding. Een dergelijke afbeelding heet ook wel ...

a)

een ecosysteem

b)

een voedselketen

c)

een voedselweb

d)

een levensgemeenschap

5.

De producenten in deze afbeelding zijn...

a)

planteneters

b)

vleeseters

c)

planten

d)

dieren

6.

De consumenten in deze afbeelding zijn...

a)

planteneters en vleeseters

b)

vleeseters

c)

planteneters

7.

reducenten zijn ..

a)

planten en schimmels

b)

dieren en bacteriën

c)

bacteriën en schimmels

d)

planten, dieren, bacteriën en schimmels

8.

Kijk goed naar de volgende afbeelding. De herbivoren in deze afbeelding zijn ...

a)

krab en inktvis

b)

krab en garnaal

c)

meeuw en pinguin

d)

garnaal en vis

9.

Kijk goed naar de volgende afbeelding. Carnivoren in deze afbeelding zijn ...

a)

krab en inktvis

b)

krab en garnaal

c)

meeuw en pinguin

d)

garnaal en vis

10.

Kijk goed naar de volgende afbeelding. Zijn in deze afbeelding omnivoren te zien?

a)

ja

b)

nee

11.

Om in een bepaald gebied te kunnen (over)leven zijn bepaalde aanpassingen nodig. In een bergachtig gebied leef je anders dan in een woestijn. Een aanpassing van een plant in de woestijn is ...

a)

een groot, breed wortelstelsel

b)

grote bladeren

12.

Om in een bepaald gebied te kunnen (over)leven zijn bepaalde aanpassingen nodig. In een bergachtig gebied leef je anders dan in een woestijn. Een aanpassing van een dier in de woestijn is ...

a)

overdag slapen/rusten, in de nacht actief

b)

dikke vacht en veel vetreserve

13.

Je kunt op verschillende manieren bewegen in jouw omgeving, op de platte voet, je tenen of zelfs op je nagels (hoeven). In de afbeelding is de beer is een ...

a)

topganger

b)

teen ganger

c)

zoolganger

14.

Je kunt op verschillende manieren bewegen in jouw omgeving, op de platte voet, je tenen of zelfs op je nagels (hoeven). In de afbeelding is de kat is een ...

a)

topganger

b)

teen ganger

c)

zoolganger

15.

Je kunt op verschillende manieren bewegen in jouw omgeving, op de platte voet, je tenen of zelfs op je nagels (hoeven). In de afbeelding is de paard is een ...

a)

topganger

b)

teen ganger

c)

zoolganger

16.

De mens houdt van de vrije natuur. Is de mens een producent, consument of reducent?

a)

producent

b)

consument

c)

reducent

17.

Het milieu levert ons ook energie. Wat is een voorbeeld van Groene Energie?

a)

Windmolens

b)

aardgas

c)

aardolie

d)

steenkool

18.

De boer gebruikt het milieu om zijn gewassen te telen. Als je maar 1 gewas teelt heet dit...

a)

multicultuur

b)

monocultuur

c)

bicultuur

19.

Wat is GFT-afval?

a)

Groente, fijn afval en tuinafval

b)

Groente Fruit en Tuinafval

c)

Groente, fijn chemisch en thee

20.

Dit type snavel is echt geschikt voor het eten van ..

a)

zaden

b)

insecten

c)

wormen

d)

fruit