wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Taalvoutjes

Total questions: 15

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Wat is er fout?

a)

kattenspek moet katenspek zijn

b)

roggenbrood moet roggebrood zijn

c)

er is niets fout

d)

zowel roggenbrood als kattenspek zijn fout

2.

Wat klopt er niet?

a)

container moet contener zijn

b)

plat maken moet platmaken zijn

c)

bestemd moet bestemt zijn

d)

cartoon moet karton zijn

3.

Wat had het moeten zijn?...

a)

Niets, het is goed zo

b)

vrijmaken moet vrij maken zijn

c)

bijbel signaal moet bij belsignaal zijn

d)

elk woord is verkeerd gespeld

4.

Autsj...?

a)

er is niets mis

b)

'voor' en 'van' moeten omgedraaid worden

c)

'jouw' moet zonder de w, dus 'jou'

5.

Bijzonder symptoom van Corona...

a)

snorneus klopt niet

b)

vermoeidheid moet vermoeidhijd zijn

c)

griep is geen symptoom van Corona

d)

alle woorden zijn juist

6.

Het is ook lastig.. wat klopt er niet?

a)

terras moet teras zijn

b)

verward moet verwart zijn

c)

verward moet verwarde zijn

d)

verward moet verwarmde zijn

7.

Nomnomnom...

a)

er is niets fout

b)

er zijn te veel fouten om op te noemen

c)

de komma in 6,95 staat niet goed

d)

gekaktballen ipv gehaktballen

8.

Ik ben niet gek, ik ben een...

a)

er is niets fout

b)

vliegtuig moet vliechtuig zijn

c)

het moet vrachtwagen ipv vliegtuig zijn

9.

Hoe spel je het wél?

a)

gewoon zoals op het plaatje

b)

quaqamole

c)

guacamole

d)

guagamole

10.

Zeg dat wel, ja!

a)

laaggelletterdheid moet laaggeletterdheid zijn

b)

laaggelletterdheid is goed

c)

laaggelletterdheid moet laagelletterdheid zijn

d)

laaggelletterdheid moet laageletterdheid zijn

11.

Wat betekent dit?

a)

dat er konijnenvlees in zoetzure saus zit

b)

dat er konijnen zijn die scheten laten in zoetzure saus

12.

Wat staat hier nou??

a)

dat wij op konijnen gaan zitten in onze eigen keuken

b)

dat wij konijnenvlees klaarmaken in onze eigen keuken

c)

het moet konein zijn

13.

Ja, juf...?

a)

juf heeft alles goed gedaan, hoor

b)

verbeterd moet verbeter zijn

c)

verbeterd moet verbetert zijn

d)

verbeterd moet verbeterdt zijn

14.

Juist, Kruidvat

a)

een woord staat er twee keer in, ipv één keer...

b)

wordt moet word zijn

c)

oergoeie moet oergoede zijn

d)

Hollandse moet Hollandsche zijn

15.

Goed schrobben, dus!

a)

brillen moet billen zijn

b)

billen moet brillen zijn

c)

het klopt gewoon

d)

kruidvat moet kruitvat zijn