wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2K Spelling 4-5

Total questions: 22

Worksheet time: 1hrs 6mins

Name
Class
Date
1.

Kies de juiste persoonsvorm in de verleden tijd van het werkwoord dat tussen haakjes staat.


Waarover (praten) je met je vrienden?

a)

praatte

b)

praate

c)

pratte

d)

prate

2.

Kies de juiste persoonsvorm in de verleden tijd van het werkwoord dat tussen haakjes staat.


‘Dat zeg ik niet,’ (antwoorden) de jongen.

a)

antwoorde

b)

antwoordde

c)

antwoordte

d)

antwordde

3.

Noteer de persoonsvorm in de verleden tijd van het werkwoord dat tussen haakjes staat.


Per ongeluk (stoten) ik daarbij mijn glas om.

(a)  

4.

Kies het bijvoeglijk gebruikte voltooid deelwoord van het werkwoord dat tussen haakjes staat.


(meten) - De ___ luchtkwaliteit in Rotterdam is niet goed.

a)

meette

b)

gemete

c)

gemeten

d)

metende

5.

Kies het bijvoeglijk gebruikte voltooid deelwoord van het werkwoord dat tussen haakjes staat.


(besteden) - Het is van belang dat het ___ geld ook echt naar het milieu gaat.

a)

besteden

b)

gebestede

c)

besteedde

d)

bestede

6.

Noteer het bijvoeglijk gebruikte voltooid deelwoord van het werkwoord dat tussen haakjes staat.


(bepalen) - Het stadsbestuur heeft (a)   dat daar wat aan gedaan moet worden.

7.

Samenstelling

Welke samenstelling is correct?


rijst + pap

a)

rijstpap

b)

rijstepap

c)

rijstenpap

8.

Samenstelling

Welke samenstelling is correct?


tomaat + soep

a)

tomaatsoep

b)

tomatesoep

c)

tomatensoep

9.

Samenstelling

Welke samenstelling is correct?


koning + dag

a)

koningdag

b)

koningendag

c)

koningsdag

10.

Samenstelling

Noteer de samenstelling van


pan + koek

a)

pankoek

b)

panskoek

c)

pannekoek

d)

pannenkoek

11.

Wat is de juiste vorm van het werkwoord dat tussen haakjes staat?


(bestellen) - Ik heb laatst eten ___ bij een pizzatent.

a)

bestelt

b)

besteld

12.

Wat is de juiste vorm van het werkwoord dat tussen haakjes staat?


(verspreiden) – Maar ik vond dat Benny daarmee geruchten ___.

a)

verspreide

b)

verspreidde

13.

Wat is de juiste vorm van het werkwoord dat tussen haakjes staat?


(gebeuren) – Helaas heb ik verloren, want wat hij voorspelde, is ook ___.

a)

gebeurt

b)

gebeurd

14.

Noteer de juiste vorm van het Engelse werkwoord dat tussen haakjes staat.


(bloggen) – Gisteren ___ een bekende Nederlander over zijn activiteiten.

a)

blogte

b)

blogde

15.

Noteer de juiste vorm van het Engelse werkwoord dat tussen haakjes staat.


(crashen) – Aan het eind van de dag was hij zo moe dat hij met zijn sportauto is ­­­___.

a)

gecrasht

b)

gecrashd

16.

Noteer de juiste vorm van het Engelse werkwoord dat tussen haakjes staat.


(shaken) – ‘Ik (a)   er nu nog helemaal van,’ schreef hij in zijn blog.

17.

Wat is de juiste meervoudsvorm van ...


taxi?

a)

taxis

b)

taxi's

18.

Wat is de juiste meervoudsvorm van ...


serie?

a)

series

b)

serie's

19.

Wat is de juiste meervoudsvorm van ...


tv?

a)

tvs

b)

tv's

20.

Lees de instructie tussen haakjes. Kies het woord dat wordt bedoeld.


(Geef aan dat het boek van Hans is.)

Het is ___ boek.

a)

Hans

b)

Hans'

21.

Lees de instructie tussen haakjes. Kies het woord dat wordt bedoeld.


(Geef het verkleinwoord.)

Een kleine puppy is een ___.

a)

puppytje

b)

puppy'tje

22.

Lees de instructie tussen haakjes. Kies het woord dat wordt bedoeld.


(Geef aan dat de sjaal van Leonie is.)

Het is (a)   sjaal.