Font size
WorksheetsArchitectuur TERMINOLOGIE - E/F (TEKST)
Total questions: 11
Worksheet time: 6mins
De vroege Engelse gotiek.
(a)
Geprofileerd kussenachtig deel van het Dorische kapiteel.
(a)
Zwelling van een zuil in het midden of het onderdeel van haar schacht.
(a)
Monumentale poort met één of drie doorgangen. Door de Romeinen ter herinnering aan hun keizers of veldheren gebouwd. Ook de boog voor de koorruimte van een basiliek met een Christusvoorstelling.
(a)
Ter herinnering aan een keizer in de Romeinse keizertijid opgerichte meestal met relifs versierde zuil. Aan de binnenzijde is vaak een trap (Trajanuszuil).
(a)
Kleine, buiten de muur van een bovenverdieping of aan de huishoek uitstekende overkapte voorbouw.
(a)
Late vorm der Franse gotiek met vlamachtig maaswerk vooral in de visblaas.
(a)
Wandschildering waarbij de verf op de natte kalk wordt aangebracht en zich tijdens het drogen daarmee verbindt. Vooral in Italil sinds ca. 1250. Tegenovergestelde: “al secco .
(a)
Het tussen architraaf en kroonlijst liggende veld van het gebind van een Grieks-Romeinse tempel, dikwijls versierd. Ook benaming voor iedere geschilderde of gemetselde band ter geleding van een muur.
(a)
Romeins markt- en vergaderplein. (vergelijking van het griekse agora)
(a)
Bekroning van een gevel, ingang of venster naar klassieke trant, in de vorm van een drie hoek een segmentboog of een variatie hierop.
(a)
