wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

STEMolympiade: Natuur

Total questions: 25

Worksheet time: 32mins

Name
Class
Date
1.

Estella Saprinetta kijkt ‘s avonds graag naar de televisie. Op een avond onweert het zeer hard.

Op een elektriciteitspaal in de buurt slaat de bliksem in en haar televisietoestel gaat stuk.

Nadat alles hersteld is belt ze naar Jommeke om raad.

Wat kon Estella Saprinetta doen om te voorkomen dat de tv stuk ging?

a)

De televisie moet volledig uitgezet zijn.

b)

De stekker moet uit het stopcontact zijn.

c)

Dit kan je nooit voorkomen.

2.

In de zomer steekt papa de barbecue aan.

Hiervoor gebruikt hij kolen.

Hij steekt de kolen in brand met wat papier en aanmaakhout.

Vuur wakkert men aan door extra zuurstof.

Papa heeft niet veel tijd, want de bezoekers zijn al aangekomen.

Hoe zorgt papa ervoor dat de kolen sneller branden?

a)

Papa zet een grote plastic bak over het vuur zodanig dat de zuurstof niet weg kan.

b)

Papa blaast lucht op de kolen.

c)

Papa voegt er nog een heleboel kolen bovenop.

3.

De vliegende bol van Gobelijn ziet eruit als een ei.

Dat is zo omdat dit een sterke vorm is.

Tijdens het design van zijn vliegende bol, deed Gobelijk een klein experimentje met rauwe eieren.

Hij plaatste 9 eieren rechtop en plaatste daarboven een plank.

Daarna vroeg hij aan Jommeke, Flip en Choco om op de plaat te gaan staan.

Wanneer zullen de eieren breken?

a)

Als Flip op de plaat staat.

b)

Als Flip en Choco samen op de plaat staan.

c)

Als Flip en Jommeke samen op de plaat staan.

4.

Witte asperges groeien in bedden van zand onder de grond.

Als ze door het zandbed groeien, dan worden ze groen!

Waarom worden de asperges eigenlijk groen als ze door het zandbed groeien?

a)

Door meer lucht.

b)

Door minder water.

c)

Door meer zonlicht.

5.

De herfst is sinds 22 september begonnen, maar door het warme en droge weer duurde het lang voor de bomen hun blaadjes verloren.

Voordat de bladeren van de boom vallen verkleuren ze eerst.

Hoe komt het dat de bladeren verkleuren?

a)

De bladeren krijgen minder zonlicht waardoor er minder chlorofyl, dat voor de groene kleur zorgt, aangemaakt wordt.

b)

Het teveel aan regen spoelt de groene kleur van de bladeren weg.

c)

Bladeren leven maar enkele maanden en sterven door ouderdom.

6.

Thomas is bioloog en doet onderzoek naar planten.

Thomas bestudeert hoe die groeien en gebruikt een kleuringstechniek waarmee hij de nerven van de bladeren blauw kan kleuren.

Waarvoor dienen die nerven eigenlijk?

a)

De nerven transporteren water en andere voedingsstoffen, zoals onze aders.

b)

De nerven zuigen zuurstof uit de lucht om te ademen, zoals onze luchtwegen.

c)

De nerven zorgen voor het afvoeren van afvalstoffen, zoals onze darmen.

7.

De opa van Yaro heeft een compostvat in de tuin geplaatst.

Opa vertelt Yaro dat hij zijn bananenschil vanaf nu in het compostvat moet doen en niet in de vuilniszak.

De bananenschil zal in het compostvat samen met de rest van het keuken- en tuinafval worden omgezet in compost.

De compost zal opa gebruiken om de groenten in de moestuin een goede bodem te geven.

Wat gebeurt er met de bananenschil van Yaro in het compostvat?

a)

De bananenschil wordt verteerd door microben en wormen tot compost.

b)

De bananenschil droogt uit en verkruimelt tot compost.

c)

De bananenschil wordt door knaagdieren in stukjes gebeten en gemengd tot compost.

8.

Het is Moederdag.

De mama van Indra en Timon is dol op yoghurt.

Samen met hun papa geven ze haar een yoghurtmachine cadeau om zelf lekkere yoghurt te maken.

Yoghurt is een gefermenteerd melkproduct: het is melk die verzuurd wordt door er een 'yoghurtcultuur' aan toe te voegen.

Waaruit bestaat die yoghurtcultuur?

a)

Bacteriën.

b)

Gisten.

c)

Zwammen.

9.

In het album ’Kaas met gaatjes‘ verstoppen Jommeke en zijn vrienden een baby in een grote kaasbol, waarin ze gaatjes maken zodat de baby zou kunnen ademen.

In veel kaassoorten zitten echter al automatisch gaten.

Hoe komt het dat er in veel kaassoorten gaten zitten?

a)

Er wordt lucht ingespoten tijdens de bereiding.

b)

De melk wordt in een vorm met gaten gespoten vooraleer hij tot kaas verhardt.

c)

Bacteriën die in de kaas leven produceren een gas dat voor belletjes in de kaas zorgt.

10.

Fien heeft thuis een serre en kweekt tomaten.

Ze vindt dit belangrijk dat je zelf ook wat voedsel kan produceren.

Haar buurman heeft een tomatenbedrijf en daar komt ze soms in de serre om mee te helpen tomaten plukken.

Zoals je weet doen planten aan fotosynthese (zie schema).

Fien heeft al gezien dat de buurman soms gas in de serre spuit om de groei van de planten te bevorderen.

Welk gas spuit de buurman in de serre?

a)

Zuurstof.

b)

Koolstofdioxide.

c)

Stikstofgas.

11.

In het internationaal ruimtestation ISS wordt geëxperimenteerd met plantengroei.

Het normale gedrag op aarde kan gedeeltelijk nagebootst worden in het ISS, maar niet alles.

Wat kun je niet nabootsen en is dus ook de hoofdreden waarom de groei van de plantjes moet onderzocht worden?

a)

Er is geen lucht in het ISS.

b)

Er is geen ‘boven en onder’ in het ruimtestation, omdat er geen zwaartekracht is.

c)

Er is geen natuurlijk zonlicht in het ruimtestation.

12.

Als Liesl op het strand wil strandzeilen met een blokart of een strandzeilwagentje, merkt ze dat ze niet alle richtingen uit kan.

Dit komt door de wind.

Op de figuur hieronder zie je de positie van een strandwagentje en ook waar het opgespannen zeil zich bevindt.

Bij welke van de drie windsituaties zal het wagentje effectief vooruit rijden?

a)

Situatie A: de wind waait van linksvoor.

b)

Situatie B: de wind waait van rechtsvoor.

c)

Situatie C: de wind waait van rechtsachter.

13.

Als Jenna en Evi in de winter door de bossen trekken, zien ze veel minder dieren dan in de zomer.

Veel dieren houden dan namelijk een winterslaap.

Waarom houden dieren een winterslaap?

a)

Uit verveling: in de winter valt er in het bos niet veel te beleven.

b)

In de zomer gaan de dieren op jacht waardoor ze genoeg gegeten hebben en in de winter niet meer hoeven te zoeken naar voedsel.

c)

In de winter is er geen voedsel te vinden. Door te slapen verbruiken de dieren minder energie en hebben ze dus geen voedsel nodig.

14.

Tijdens een reis in Afrika komt Pekkie plotseling de tent ingewandeld met een bot in zijn bek.

Het bot lijkt verdacht veel op dat van een mens, of dat van een van onze voorouders.

Om na te gaan of het inderdaad over een oud bot gaat, kijkt men naar de hoeveelheid radioactieve koolstof die zich in de beenderen bevindt (C14-datering).

Als je een heel recent bot bekijkt, dan verwacht je daar een bepaalde hoeveelheid van dat materiaal, maar die hoeveelheid zakt na verloop van de tijd heel snel (vanwege een proces dat radioactief verval genoemd wordt, zie grafiek).

De hoeveelheid C14 die gevonden werd in het door Pekkie opgegraven bot is slechts 0,005%.

Over welk type mens gaat het dan?

a)

Een Homo Sapiens (leefde vanaf 100.000 jaar geleden tot nu).

b)

Een Homo Neanderthalensis (leefde ongeveer 250.000 jaar geleden).

c)

Een Homo Erectus (leefde ongeveer 1,8 miljoen jaar geleden).

15.

We zien ze misschien niet, maar we zijn omringd door vele miljoenen kleine organismen zoals bacteriën, virussen, parasieten, …

Sommige van deze beestjes zijn niet leuk en kunnen jeuk veroorzaken.

Hieronder zie je een vlo, een luis en een teek met volgende eigenschappen:

• Teken hebben 8 poten en geen vleugels.

• Luizen hebben een verdikt, peervormig achterlijf dat is opgedeeld in segmenten en ze zijn een beetje doorzichtig.

• Vlooien hebben een lijf dat is opgedeeld in segmenten.

Wat is het juiste beestje?

a)

Teek (1), luis (2) en vlo (3).

b)

Luis (1), vlo (2) en teek (3).

c)

Vlo (1), teek (2) en luis (3).

16.

Onderzoek naar het ontstaan van leven op Aarde, heeft aangetoond dat de eerste vormen van leven in het water zijn ontstaan.

Later hebben de dieren zich aangepast waardoor ze steeds minder en minder de aanwezigheid van water of waterachtige stoffen nodig hadden.

Hieronder staan 5 dieren afgebeeld (het varken, de gekko, de kikker, de forel de parkiet), met daarbij ook een foto van hun eieren, en wat uitleg over de leefomgeving van dit dier.

Welke volgorde (van vroeg ontstaan tot laat ontstaan tijdens de evolutie) is de correcte?

a)

D-A-C-B-E

b)

D-C-B-E-A

c)

C-D-B-E-A

17.

Mona is een biologe die onderzoek doet naar de voortplanting bij wormen.

Er bestaan heel wat verschillende soorten wormen, die in aparte klasses kunnen opgedeeld worden.

Zo heb je onder andere deze 4 types:

• Ringwormen: bestaan uit segmenten, en zijn redelijk dik

• Snaarwormen: zijn heel langwerpig, cilindervormig en dun

• Platwormen: zijn zoals de naam laat vermoeden heel plat

• Rondworm: zijn ongesegmenteerd, cilindervormig en relatief dik

De worm waar Mona op focust in haar onderzoek is de regenworm, die bijvoorbeeld ingezet kan worden om voetbalvelden beter te draineren.

Hierboven zie je een foto van de regenworm.

a)
b)
c)
d)
18.

Een kikker is een amfibie en doorloopt verschillende stadia tijdens zijn leven.

Tijdens welke fase ademt het dier volledig door kieuwen?

a)
b)
c)
19.

Een voedingspiramide toont aan wat elk dier eet.

Zo eet een leeuw graag een giraf op, terwijl een giraf zich voedt met blaadjes van de bomen.

Welk van de volgende voedselpiramides is correct?

a)
b)
c)
20.

Hier zie je een voedselweb.

Het duidt aan welk dier of plant gegeten wordt door welk dier.

Elk pijltje tussen een prooi en een jager wordt een schakel genoemd.

Een voedselketen bestaat uit verschillende schakels, bijvoorbeeld ree ==> vos ==> wolf.

Dit zijn dus 2 schakels.

Uit hoeveel schakels bestaat de langste voedselketen op de figuur?

a)

Uit 5 schakels.

b)

Uit 6 schakels.

c)

Uit 7 schakels.

21.

In album 131 waren de kippen van Gobelijn plots veel groter dan normale kippen.

Hij verkreeg dit resultaat met een wonderdrankje.

In werkelijkheid worden dierenrassen en plantensoorten door genetische manipulatie geoptimaliseerd voor het nut van de mens.

Als men bijvoorbeeld superkippen wil kweken, wat houdt genetische manipulatie dan in?

a)

Door de sterkste mooiste haan en de grootste kip met elkaar te kruisen krijg je steeds mooiere eieren en jongen.

b)

Je geeft de kippetjes granen en kruiden waar meer voedingswaarde in voorkomt.

c)

Door het DNA van een kippenei te analyseren en te wijzigen in een laboratorium verander je de eigenschappen van de kip die uit dat ei geboren wordt en creëer je eigenlijk een nieuwe soort.

22.

Bij de voortplanting worden zowel bij dieren als planten kenmerken doorgegeven.

Dat kan op verschillende manieren:

• Dominant-recessief (één van de kenmerken van de ouders overheerst en wordt dominant genoemd, het niet overheersende kenmerk noemt men recessief) – hier komt dit overeen met de tulpen (rode huisje).

• Intermediair (je krijgt een mix-versie) – hier komt dat overeen met de nachtschone (gele driehoekje).

• Codominant (beide kenmerken blijven aanwezig) – hier komt dat overeen met het schema van de Andalusische kip (groene bolletje).

Welke overerving vindt plaats bij de cavia’s die je op de foto hieronder ziet?

Tip: Je ziet papa en mama cavia, met 4 van hun jongen.

a)
b)
c)
23.

Jommeke kwam op zijn avonturen vaak vriendjes tegen die een andere huidskleur hebben.

Die huidskleur blijkt erfelijk bepaald te zijn.

Zo is het perfect mogelijk dat een zwarte papa en een blanke mama zowel een blank als een zwart kindje krijgen.

De kans is telkens ongeveer 1 op 4.

Er is echter meer kans dat hun kindje een huidskleur heeft dat donkerder is dan de huidskleur van de mama en lichter dan de huidskleur van de papa (± 50 %).

Als de eerste dochter van dat koppel een zwarte huidskleur heeft, hoe groot is dan de kans dat hun tweede kindje ook volledig zwart is?

a)

Ongeveer 0 %.

b)

Ongeveer 25 %.

c)

Ongeveer 50 %.

24.

Een Oostenrijkse monnik deed een experiment rond erfelijkheid bij planten.

Hij kruiste een rode tulp en een witte tulp met elkaar.

Dat deed hij door stuifmeel van de ene tulp (= het mannelijke zaad) op de stamper van de andere tulp (= de vrouwelijke eicel) aan te brengen.

Een eigenschap die bepaalt hoe de nakomeling eruit ziet, wordt dominant genoemd.

Welke eigenschap is hier dominant?

a)

Mannelijkheid is dominant.

b)

Rode kleur is dominant.

c)

Witte kleur is dominant.

25.

Neodarwinisme is de leer die bestudeert hoe bepaalde soorten evolueren.

Dat kan over zowel planten als dieren gaan.

Er blijken 4 basismechanismes te zijn die instaan voor evolutie, namelijk:

• Genmutaties: Door een defect ontstaan per toeval nieuwe biologische kenmerken.

• Natuurlijke selectie: Gunstige genen uit een mix van dieren zorgen voor meer aangepaste soorten en verhogen de kansen op overleven.

• Isolatie: Een fysische barrière zorgt voor geografische isolatie.

• Toeval: Door toeval zijn veel afstammelingen van hetzelfde type; wat zich bij een volgende generatie doorzet.

Op de foto hieronder zie je links de Indische olifant en rechts de Afrikaanse olifant.

Welk van de vier basismechanismes heeft hier ervoor gezorgd dat de dieren enkele verschillende kenmerken hebben, zoals de kleine oren en gestalte van de Indische olifant.

a)

Genmutaties.

b)

Natuurlijke selectie.

c)

Isolatie.

d)

Toeval.