Font size
WorksheetsHerhalingsquiz Nederlands 1A
Total questions: 70
Worksheet time: 57mins
Welk soort zin is dit?
De strijd was losgebarsten op 28 juli 1914.
WWG
NWG
Welk soort zin is dit?
Anderen herinneren zich die dag niet zo precies.
WWG
NWG
Welk soort zin is dit?
Alfie zou het nooit vergeten.
WWG
NWG
Welk soort zin is dit?
Hij was die dag vijf geworden.
WWG
NWG
Welk soort zin is dit?
Zijn ouders gaven een feestje om het te vieren.
WWG
NWG
Hoe noemen we het schuingedrukte deel van de zin?
Er kwam maar een handjevol mensen opdraven.
voltooid deelwoord
wederkerend voornaamwoord
adpv
infinitief
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Oma Summerfield zat de hele tijd haar zakdoek nat te huilen.
te + adpv
te + infinitief
te + voltooid deelwoord
te + wederkerend voornaamwoord
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Alfies moeder zei dat als ze zich niet kon beheersen, ze beter weg kon gaan.
voltooid deelwoord
wederkerend voornaamwoord
infinitief
adpv
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Alfie had de meeste van zijn vriendjes uit Damley Road uitgenodigd.
voltooid deelwoord
infinitief
adpv
wederkerend voornaamwoord
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Die ochtend klopten een heleboel moeders aan bij de familie Summerfield.
voltooid deelwoord
infinitief
adpv
wederkerend voornaamwoord
Welk woord past bij de X?
In de X van dit medicijn waarschuwt men voor bloedklonters.
(a)
Welk woord past bij de X?
Tijdens de sessie 'Leren leren' kreeg ik een handige X van de leerkracht.
(a)
Welk woord past bij de X?
In de lessen techniek moeten we zeer precies, of X, onze bevindingen noteren.
(a)
Welke uitdrukking past hier best?
Mijn mama zorgt zeer goed voor mij, ze is echt ... .
pienter
hartverwarmend
één uit de duizend
inventief
Welke uitdrukking past hier?
De man kreeg geen boete, maar de politie zou hem wel ... .
kampen met
in de gaten houden
uit de hoed toveren
uit de hand lopen
Hier mag iedereen komen. Het is een ... .
openbare plaats
gebod
verbod
bijsluiter
Hoe noemen we dit fenomeen?
(a)
Welke taal gebruik je best in de volgende situatie?
Je spreekt iemand voor de eerste keer aan uit een andere provincie.
formele taal
informele taal
Welke taal gebruik je best in de volgende situatie?
Je gaat op bezoek bij jouw grootouders.
formele taal
informele taal
Welke taal gebruik je best in de volgende situatie?
Je wil iets vragen aan de opvoeder op school.
formele taal
informele taal
Welke taal gebruik je best in de volgende situatie?
Je voert een telefoongesprek met jouw beste vriend.
formele taal
informele taal
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Marie-Evelyne zette haar voet op de trede die uit de vloer verscheen.
persoonlijk voornaamwoord
bezittelijk voornaamwoord
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Ze liet de rugtas over haar armen glijden.
persoonlijk voornaamwoord
bezittelijk voornaamwoord
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Ze hield haar ogen over Daphnes hoofd gericht.
persoonlijk voornaamwoord
bezittelijk voornaamwoord
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Met een wipje overbrugde ze de laatste trede die onder haar voeten wegzonk.
persoonlijk voornaamwoord
bezittelijk voornaamwoord
Hoe noemen we het schuingedrukte deel?
Zonder commentaar volgde Daphne haar.
persoonlijk voornaamwoord
bezittelijk voornaamwoord
Schrijf je jou of jouw bij de X?
Ik wil het X graag vertellen.
(a)
Schrijf je jou of jouw bij de X?
Mag ik X telefoonnummer hebben?
(a)
Schrijf je jou of jouw bij de X?
Dan kan ik eens met X afspreken.
(a)
Schrijf je jou of jouw bij de X?
Of geef je dit enkel aan X vrienden?
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
Het vliegtuig landen om 15.45 uur op Schiphol.
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
De man in rij 4 hebben de hele reis in zijn stoel gezeten.
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
Er staan veel op het spel.
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
Hij doen langzaam zijn ogen open.
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
Een oude dame glimlachen in zijn richting.
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
Ze staan naast hem.
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
De oudere dame turen naar het zwarte gat waar de koffers en tassen uit zouden komen rollen.
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
Haar ogen stralen toen ze naar hem knikte.
(a)
Het gekleurde woord staat in de infinitief. Plaats het in de OVT.
De oudere dame turen naar het zwate gat waar de koffers en tassen uit zouden komen rollen.
(a)
Welk synoniem past bij het gekleurde woord?
De metro stopte bruusk.
rustig
plots
in het station
tussen twee stations
Welk synoniem past bij het gekleurde woord?
Deuren klapten open en Marie-Evelyne wachtte tot de laatste passagier uitgestapt was.
gingen
sloten
maakten lawaai
waren zichtbaar
Welk synoniem past bij het gekleurde woord?
In een oogwenk had ze gezien dat er nergens ziplaatsen vrij waren.
door te kijken
plots
zeer snel
het was zichtbaar
Welk synoniem past bij het gekleurde woord?
Marie-Evelyne liet haar ogen langs de oranje zitjes van hard plastic dwalen.
passagiers
ramen
staanplaatsen
stoeltjes
Welk synoniem past bij het gekleurde woord?
'Je moet deze taak toch ook maken?' drong Daphne aan.
opdracht
toets
straf
spreekbeurt
Welk antoniem past bij het gekleurde woord?
Hij grijnsde wat moeilijk en keek van haar weg.
klein
snel
makkelijk
het lukte niet
Welk antoniem past bij het gekleurde woord?
Vroeger was Nederland ook zijn thuis, maar hij had het zeven jaar geleden de rug toegekeerd.
tien jaar geleden
overmorgen
in Spanje
in het verleden
Welk antoniem past bij het gekleurde woord?
Zijn terugkeer was een vorm van gezichtsverlies.
zijn migratie
zijn verlies
zijn aankomst
zijn vertrek
Welk antoniem past bij het gekleurde woord?
De eerste lading koffers en tassen kwam op de bagageband voorbij.
de laatste
de tweede
de derde
de vierde
Welk zinsdeel is het lijdend voorwerp?
Alfies moeder zei dat ze helemaal niets zou afzeggen.
Alfies moeder
dat
niets
dat ze helemaal niets zou afzeggen
Welk zinsdeel is het lijdend voorwerp?
Alfie wou al het lekkers zelf opeten.
opeten
al het lekkers
zelf
Alfie
Welk zinsdeel is het lijdend voorwerp?
Georgie gaf Alfies moeder een kus op de wang.
gaf
Alfies moeder
een kus op de wang
Georgie
Welk zinsdeel is het lijdend voorwerp?
Hij pakte Alfie stevig vast.
Alfie
pakte
stevig
hij
Welk zinsdeel is het meewerkend voorwerp?
Georgie gaf Alfies moeder een kus op de wang.
gaf
Alfies moeder
een kus op de wang
Georgie
Welk zinsdeel is het meewerkend voorwerp?
Daarna gaf hij Alfie een cadeautje voor zijn verjaardag.
gaf
een cadeautje
Alfie
voor zijn verjaardag
Welk zinsdeel is het meewerkend voorwerp?
Heb je het paard een klopje gegeven, pap?
je
pap
een klopje
het paard
Vul aan: Vooraleer je op een site wil gaan, moet je je ... .
(a)
Het coronavirus kennen we ondertussen allemaal. Het hoeft geen ... meer te krijgen.
(a)
Vul aan: We verkopen paaseitjes ... onze jeugdbeweging.
(a)
Welk spreekwoord is dit?
(a)
Welk woord past bij de X?
De journalist gaf wat meer uitleg bij het nieuws, hij wou het X.
protesteren
nuanceren
uitzonderen
bekritiseren
Welk woord past bij de X?
Normaal mochten we het pretpark niet betreden buiten de openingsuren. We kregen X de toestemming.
aantrekkelijk
gerangschikt
uitzonderen
uitzonderlijk
Welke uitdrukking past bij deze afbeelding?
(a)
Welke vergelijking past bij deze afbeelding?
(a)
Welke vergelijking past bij deze afbeelding?
(a)
Is dit een zin met letterlijk of figuurlijk taalgebruik?
De gasten kregen een kil ontvangst. Ze waren precies niet welkom.
letterlijk taalgebruik
figuurlijk taalgebruik
Is dit een zin met letterlijk of figuurlijk taalgebruik?
Na deze slechte nacht, voelde ik me echt gebroken.
letterlijk taalgebruik
figuurlijk taalgebruik
Is dit een zin met letterlijk of figuurlijk taalgebruik?
De hond had het lekkere eten geroken.
letterlijk taalgebruik
figuurlijk taalgebruik
Welke vergelijking past bij deze afbeelding?
(a)
Welk woord past bij de X?
De filmster wou de X van het boek absoluut vermijden.
overeenkomst
publicatie
aantrekking
uitzondering
Welk woord past bij de X?
Na alle kritiek zal de auteur het boek moeten X.
uitzonderen
aantrekken
aanpassen
introduceren
