wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

5V - Kern- en Deeltjesprocessen

Total questions: 13

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Wat is de lading van een alfadeeltje?

a)

-1

b)

0

c)

+1

d)

+2

2.

Wat wordt bedoeld met de 'kromtestraal' van een deeltje?

a)

Het formaat van het deeltje

b)

De straal van de cirkelbaan waarlangs het deeltje beweegt

c)

De straal van de cirkelbaan van de elektronen rond hun kern

3.

Welke eigenschappen hebben invloed op de kromtestraal van een deeltje?

a)

De massa van het deeltje

b)

De snelheid van het deeltje

c)

De lading van het deeltje

d)

De sterkte van het magneetveld waarin het deeljte beweegt

4.

Wat is de lading van een positron?

a)

-1

b)

0

c)

+1

d)

+2

5.

Wat is geen correcte notatie voor een atoomkern die bestaat uit 6 protonen en 7 neutronen?

a)

613C_6^{13}C

b)

13C_{ }^{13}C

c)

C-13

d)

Koolstof-13

e)

6C_6^{ }C

6.

Welke vorm(en) van straling komt/komen vrij bij het radioactief verval van het isotoop Zuurstof-19 (O-19)?

a)

alfastraling

b)

bètastraling (+)

c)

bètastraling (-)

d)

gammastraling

7.

Een kernreactie kan alleen plaatsvinden wanneer de totale massa van de deeltjes voor de pijl _______ is dan de totale massa na de pijl.

a)

groter

b)

kleiner

8.

Het element Mg-28 is radioactief en vervalt onder uitzending van negatieve bètastraling. Welk isotoop ontstaat hierdoor?

a)

Al-28

b)

Na-28

c)

Ne-24

9.

Hoe noem je het type radioactief verval waarbij er een elektron op de kern valt, waarbij een van de aanwezige protonen samengaat met dat elektron en een neutron wordt?

(a)  

10.

Wat is de elektrische lading van een elektronneutrino?

a)

-1

b)

0

c)

+1

d)

+2

11.

Welk deeltje uit onderstaande rijtje is geen lepton?

a)

Elektron

b)

Elektroneutrino

c)

Proton

d)

Muon

12.

Het radioactieve isotoop Boor-8 (B-8) vervalt onder uitzending van positieve bètastraling. Welke deeltjes ontstaan hierbij nog meer?

a)

Beryllium-8 (Be-8)

b)

Koolstof-8 (C-8)

c)

Elektronneutrino

d)

Anti-elektronneutrino

e)

Gammastraling

13.

Het radioactieve isotoop Chroom-51 (Cr-51) vervalt door middel van K-vangst en gammastraling. Welke deeltjes ontstaan hierbij na de pijl?

a)

Vanadium-51 (V-51)

b)

Mangaan-51 (Mn-51)

c)

Elektronneutrino

d)

Anti-elektronneutrino

e)

Gammastraling