wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Arm en Rijk klas 3TL

Total questions: 31

Worksheet time: 24mins

Name
Class
Date
1.

Lees wat Janne en Finn zeggen over honger.

Janne zegt: ‘Nigerianen die te vaak fastfood eten, zijn kwalitatief ondervoed.’

Finn zegt: ‘Bij kwantitatieve honger is er wel voldoende voedsel, maar dan zitten er te weinig vitaminen en mineralen in die je lichaam nodig heeft.’

Wie heeft gelijk?

a)

Janne en Finn hebben allebei gelijk.

b)

Janne heeft gelijk en Finn heeft ongelijk.

c)

Janne heeft ongelijk en Finn heeft gelijk.

d)

Janne en Finn hebben allebei ongelijk.

2.

De zuigelingensterfte is in Nigeria lager / hoger dan in Nederland.

a)

Lager

b)

Hoger

3.

In Nigeria ligt de levensverwachting lager / hoger dan in Nederland.

a)

Lager

b)

Hoger

4.

Het aantal slachtoffers van infectieziekten is in Nigeria lager / hoger dan in Nederland.

a)

Lager

b)

Hoger

5.

Waarover gaat deze figuur ?

a)

over de bevolkingsgroei in de Verenigde Staten

b)

over de inkomensverdeling in de Verenigde Staten

c)

over de stijging van het bnp per inwoner van de Verenigde Staten

d)

over het percentage inwoners onder de armoedegrens in de Verenigde Staten

6.

Bekijk de figuur

→ Wat is de belangrijkste voorwaarde om ervoor te zorgen dat de wijk op de foto van de figuur weer door meer mensen bewoond zal worden?

a)

de aanwezigheid van winkels

b)

de aanwezigheid van parken

c)

de aanwezigheid van werk

d)

de aanwezigheid van goede scholen en ziekenhuizen

7.

Detroit was dé autostad van de Verenigde Staten. Nu is het een stad met veel problemen.

Donna zegt: ‘Voor veel arme mensen in het centrum van Detroit is gezond eten te duur. Ze eten daarom vaak ongezond. De gezondheidsproblemen zijn daardoor toegenomen.’

Jochem zegt: ‘Het onderwijs is slechter geworden. De stad Detroit krijgt tegenwoordig minder belasting binnen omdat er weinig fabrieken meer zijn en er minder rijke mensen wonen. Er is dus weinig geld voor goed onderwijs.’

a)

Donna en Jochem hebben allebei gelijk.

b)

Donna heeft gelijk en Jochem heeft ongelijk.

c)

Jochem heeft gelijk.

d)

Donna en Jochem hebben allebei ongelijk.

8.

De suburbs in Detroit hebben verschillende kenmerken.

→ Wat is geen kenmerk van de suburbs van Detroit?

a)

De huizen en de woonomgeving zijn goed onderhouden.

b)

In de suburbs staan veel grote, vrijstaande huizen.

c)

In de suburbs wonen veel mensen met weinig koopkracht.

d)

Veel bewoners hebben een of meerdere auto’s.

9.

Ismaël zegt: ‘Door de migratie van hoogopgeleide mensen uit Mexico naar de Verenigde Staten, is er in Mexico sprake van een [1].’

→ Wat kan niet op de plaats van 1 staan?

a)

braindrain

b)

stijging van het aantal inwoners onder de armoedegrens

c)

gebrek aan werkgelegenheid voor banen waar veel kennis voor nodig is

d)

verlies aan jonge arbeidskrachten

10.

Medewerkers van Google tijdens lunchtijd in Silicon Valley, California.

Silicon Valley in California trekt mensen van over de hele wereld. Dat kwam door de globalisering.

→ Welke baan vind je niet in Silicon Valley door de globalisering?

a)

het bedenken van advertenties voor producten van bijvoorbeeld Google of Apple

b)

het in elkaar zetten van de nieuwste smartphones

c)

het ontwerpen van de nieuwste mode

d)

het schoonmaken van de bedrijfsgebouwen van bijvoorbeeld Google of Apple

11.

→ Waarom is meer variatie in leeftijd en inkomen goed voor een buurt?

a)

De bewoners kunnen dan van dezelfde voorzieningen gebruikmaken.

b)

Dan komen er ook meer verschillende culturen in de buurt.

c)

Dan wordt de buurt gezelliger met meer straatfeesten.

d)

Dan wordt de buurt leefbaarder.

12.

Lees de volgende stellingen.

1 Het uitvoeren van een project om de leefbaarheid in een wijk te verbeteren, is een onderdeel van stedelijke vernieuwing.

2 Stedelijke vernieuwing en sanering betekenen hetzelfde.

→ Welke stelling is juist?

a)

Stelling 1 en 2 zijn allebei juist.

b)

Stelling 1 is juist en stelling 2 is onjuist.

c)

Stelling 1 is onjuist en stelling 2 is juist.

d)

Stelling 1 en 2 zijn allebei onjuist.

13.

Het organiseren van een buurtbarbecue verbetert de leefbaarheid in een wijk.

→ Waar is dit een voorbeeld van?

a)

van armoedebeleid

b)

van renovatie

c)

van sanering

d)

van stedelijke vernieuwing

14.

Wat is een juiste titel voor deze kaart?

a)

Het minimumloon in Nederland.

b)

Het besteedbaar inkomen in Nederland.

c)

De sociaal-economische status in Nederland.

d)

De vergrijzing in Nederland.

15.

Wat is een groot nadeel van het hebben van tijdelijk werk?

a)

Je verdient het minimumloon.

b)

Het is lastiger om een huis te kopen.

c)

Het is alleen voor hogeropgeleiden.

d)

Het is alleen voor studenten.

16.

Wat is een juiste omschrijving van het begrip minimumloon?

a)

Het loon dat je krijgt vanaf je 18e verjaardag.

b)

Het laagste loon dat een werkgever je mag betalen op een bepaalde leeftijd.

c)

Het loon dat je krijgt als je laagopgeleid bent.

17.

Lees de volgende zinnen.

A Buurman Henk organiseert ieder jaar een buurtbarbecue.

B Bijna de hele wijk voetbalt voor de nieuwe sportclub.

C De groenvoorzieningen in de wijk worden onderhouden door een team van buurtvrijwilligers.

D De middelbare school in de wijk probeert het opleidingsniveau met huiswerktrainingen te verhogen.

→ Wat is geen juist voorbeeld van het bevorderen van de sociale cohesie in een wijk?

a)

A

b)

B

c)

C

d)

D

18.
Beoordeel de volgende stellingen. Welke is juist?
I De hoogte van het analfabetisme zegt iets over het welzijn in een land.
II Het percentage mensen dat in de landbouw werkt, zegt iets over de welvaart in een land.
a)
Alleen I is juist.
b)
Alleen II is juist.
c)
Beide zijn juist.
d)
Beide zijn onjuist.
19.
Wat is het bnp per hoofd van de bevolking?
a)
Het bnp/hoofd is alle inkomsten van een land gedeeld door de beroepsbevolking.
b)
Het bnp/hoofd is het gemiddeld inkomen van een land.
c)
Het bnp/hoofd is alle inkomsten gedeeld door alle mensen die in een land wonen.
d)
Het bnp/hoofd is het gemiddeld inkomen van de beroepsbevolking.
20.
Abena woont in Ghana. Ze is twaalf, gaat niet naar school en verkoopt sandwiches die haar moeder heeft gemaakt op straat.Welke uitspraak is juist?
a)
Dit meisje werkt in de formele sector als verkoopster.
b)
Dit meisjes werkt in de informele sector, zij heeft geen vast inkomsten.
c)
Dit meisje werkt in de informele sector en verdient een vast salaris.
d)
Dit meisje werkt in de formele sector, haar inkomsten wisselen per dag.
21.

Het begrip ondervoeding betekent...

a)

Dat iemand te weinig eten binnenkrijgt

b)

Dat iemand heel veel slecht eten heeft gegeten

c)

Dat iemand heel ziek is geworden van eten

22.

Waar heeft iemand last van als hij/zij onder de armoedegrens leeft

a)

Die mensen hebben niet genoeg geld voor eten, kleding en een dak boven hun hoofd

b)

Die mensen hebben geen tijd om te werken

c)

Die mensen hebben geen zin om te werken, omdat zij al geld genoeg hebben

23.

Wat betekent het woord krottenwijk? Kies de twee goede antwoorden.

a)

Een krottenwijk is een illegaal gebouwde wijk

b)

Een krottenwijk is voor mensen die niet genoeg geld hebben om in de stad te kunnen wonen

c)

Een krottenwijk is een veilige wijk voor rijkere mensen

d)

Een krottenwijk is een nette wijk met goede winkels

24.

Een analfabeet is iemand die ...

a)

Niet kan lezen en schrijven

b)

Goed is in rekenen

c)

Goed is in lezen en schrijven

d)

Niet kan rekenen

25.

in ontwikkelingslanden werken veel mensen in de landbouwsector

a)

Waar

b)

Niet waar

26.

In ontwikkelingslanden is een goede gezondheidszorg en kunnen de mensen de makkelijk naar het ziekenhuis.

a)

Waar

b)

Niet waar

27.

Sociale bevolkingsgroei is

a)

emigratie min immigratie

b)

immigratie min emigratie

c)

sterfte min geboorte

d)

geboorte min sterfte

28.
Noem een kenmerk van een probleemwijk
a)
Mooie, dure huizen
b)
Veel werkloosheid
c)
Mensen hebben een hoog inkomen
d)
Het is er veilig
29.
Waar in Nederland zijn de meeste files?
a)
Noord
b)
Oost
c)
West
d)
Zuid
30.

In welke wijk is de leefbaarheid het grootste?

a)
b)
c)
d)
31.

Boris stelt: Als de bebouwingsdichtheid hoog is, is er weinig ruimte voor groen. Dat is slecht voor de leefbaarheid.


Is dit juist of onjuist?

a)

juist

b)

onjuist