Font size
Worksheetsvoorkennistest woordleer
Total questions: 10
Worksheet time: 5mins
'Met de zomer in aantocht, is het tijd om de barbecue boven te halen.'
In deze zin staan... zelfstandige naamwoorden.
2
3
4
5
'Met de zomer in aantocht, is het tijd om de barbecue boven te halen.'
De werkwoorden in deze zin zijn...?
is
is en halen
halen
is, halen en barbecue
'Met de zomer in aantocht, is het tijd om de barbecue boven te halen.'
Welke lidwoorden herken je in deze zin?
de en het
2x de
enkel de
enkel het
De heerlijke vuurkruiden die ik op de hete kolen strooide, maken iedereen lekker jaloers.
De bijvoeglijke naamwoorden zijn...?
heerlijke
hete
lekker
jaloers
'De heerlijke vuurkruiden die ik op de hete kolen strooide, maken iedereen lekker jaloers.'
Wat zijn bijwoorden?
heerlijke
hete
lekker
jaloers
'De heerlijke vuurkruiden die ik op de hete kolen strooide, maken iedereen lekker jaloers.'
Hoeveel voornaamwoorden staan er in de zin?
1
2
3
4
'De heerlijke vuurkruiden die ik op de hete kolen strooide, maken iedereen lekker jaloers.'
Welk betrekkelijk voornaamwoord herken je?
(a)
'Op de barbecue van Stef liggen naast vier kleine worstjes, twee kippenbillen en enkele ribbetjes te grillen.'
Geef het voegwoord uit deze zin?
(a)
'Op de barbecue van Stef liggen naast vier kleine worstjes, twee kippenbillen en enkele ribbetjes te grillen.'
Hoeveel telwoorden tel je in deze zin?
1
2
3
4
'Op de barbecue van Stef liggen naast vier kleine worstjes, twee kippenbillen en enkele ribbetjes te grillen.'
Geef de voorzetsels.
op
vier
naast
van
