Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Herhaling natuur - water(s)nood!

Total questions: 19

Worksheet time: 19mins

Name
Class
Date
1.

Wat is een atoom?

a)

Een molecule

b)

Macroniveau

c)

Een bouwsteen voor molecule

d)

Microniveau

2.

Verschillende atomen samen vormen een...

a)

Atoom

b)

Atomos

c)

Molecuul

d)

Water

3.

Een verbinding van twee waterstofatomen met één zuurstofatoom schrijf je als:

a)

H2O

b)

O2H

c)

OH

d)

HO2

4.

Hoeveel aggregatietoestanden zijn er?

a)

2

b)

3

c)

4

d)

5

5.

Een ijsblokje in een glas limonade...

a)

Smelt

b)

Verdampt

c)

Condenseert

d)

Stolt

6.

Welke faseovergang zie je op de afbeelding?

a)

smelten

b)

verdampen

c)

condenseren

d)

sublimeren

7.

Welke aggregatietoestand herken je?

a)

vast

b)

vloeibaar

c)

gas

8.

Ramen beslaan in een volle bus = ...

a)

condenseren

b)

verdampen

c)

smelten

d)

sublimeren

9.

Maken van ijsklontjes in de vriezer = ...

a)

verdampen

b)

bevriezen

c)

sublimeren

d)

desublimeren

10.

De geur van een stuk zeep kan je waarnemen doordat de zeep ...

a)

smelt

b)

verdampt

c)

sublimeert

d)

condenseert

e)

desublimeert

11.

In een vaste stof rollen de deeltjes over elkaar.

a)

Juist

b)

Fout

12.

Waar bestaat urine uit?

(meerdere antwoorden zijn goed)

a)

water

b)

gele stoffen

c)

overtollige zouten

d)

schadelijke stoffen

e)

suikers

13.

Wat zijn de zuiveringsinstallaties van je lichaam?

a)

lever en maag

b)

lever en nieren

c)

maag en nieren

d)

lever, maag en nieren

14.

Kijk goed naar dit plaatje. Welke naam hoort bij nummer 8?

a)

Urineblaas

b)

Galblaas

c)

Nier

d)

Baarmoeder

15.

Kijk goed naar dit plaatje. Welke naam hoort bij nummer 7?

a)

Urinebuis

b)

Urineleider

16.

Welke functie hebben de nieren?

a)

het uitscheiden van schadelijke, overbodige stoffen, waaronder afval van de stofwisseling, met behoud van voor het lichaam nuttige stoffen

b)

het handhaven van de juiste hoeveelheid water in de bloedsomloop en het lichaam

c)

het handhaven van de juiste zuurgraad in het plasma, in samenwerking met de ademhaling

d)

alle bovengenoemde antwoorden

17.

Wat geeft het inwendig milieu af aan de longen?

(a)  

18.

In welk orgaan worden voedingsstoffen in het bloed opgenomen?

a)

Maag

b)

Twaalfvingerige darm

c)

Dunne darm

d)

Dikke darm

19.

Wat is de functie van zweet?

a)

Het afkoelen van je lichaam door verdamping.

b)

Het opwarmen van je lichaam door verdamping.

c)

Het afkoelen van je lichaam door een isolerend laagje te vormen.

d)

Het opwarmen van je lichaam door een isolerend laagje te vormen.