wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2.6 Stad in de steigers - Diagnostische toets

Total questions: 10

Worksheet time: 19mins

Name
Class
Date
1.

Dit zijn twee kaartjes van Eindhoven en omliggende gemeenten. Welke uitspraak hierover is de juiste?

a)

Kaartje A hoort bij 1970 en hierdoor wordt de stad armer.

Kaartje B hoort bij 2000 en hierdoor wordt de stad rijker.

b)

Kaartje A hoort bij 1970 en hierdoor wordt de stad rijker,

Kaartje B hoort bij 2000 en hierdoor wordt de stad armer.

c)

Kaartje A hoort bij 2000 en hierdoor wordt de stad armer.

Kaartje B hoort bij 1970 en hierdoor wordt de stad rijker.

d)

Kaartje A hoort bij 2000 en hierdoor wordt de stad rijker.

Kaartje B hoort bij 1970 en hierdoor wordt de stad armer.

2.

In Raalte is de Hartkampschool enkele jaren geleden gesloopt, omdat deze school samenging met een andere school. Nu worden er nieuwe woningen gebouwd. Past dit in het idee van 'De Compacte Stad'?

a)

Ja, want de Hartkampschool werd gesloopt om plaats te maken voor nieuwe huizen (sanering).

b)

Ja, want deze open plek in Raalte wordt benut om nieuwe huizen te bouwen.

c)

Nee, want de woningdichtheid neemt hierdoor te weinig toe.

d)

Nee, want een Vinex-wijk is veel groter dan enkele nieuwe huizenblokken.

3.

Dit is een voorbeeld van:

a)

renovatie

b)

segregatie

c)

sanering

d)

woningdichtheid

4.

Welke uitspraak is waar?

a)

Bij sanering daalt de woningdichtheid en neemt het aantal inwoners in een wijk af.

b)

Bij sanering daalt de woningdichtheid en neemt het aantal inwoners in een wijk toe.

c)

Bij sanering stijgt de woningdichtheid en neemt het aantal inwoners in een wijk af.

d)

Bij sanering stijgt de woningdichtheid en neemt het aantal inwoners in een wijk toe.

5.

In vrijwel alle grote steden kom je probleemwijken tegen. Hier wonen vaak mensen met een laag inkomen en een niet-westerse migratieachtergrond. Zij leven en wonen min of meer gescheiden van de andere stadsbewoners. Welke uitspraak klopt?

a)

Dit is een voorbeeld van integratie.

b)

Dit is een voorbeeld van cultuurbeleid.

c)

Dit is een voorbeeld van migratie.

d)

Dit is een voorbeeld van segregatie.

6.

Dit kaartje laat met drie trefwoorden schematisch oorzaken zien van de verstedelijking van Eindhoven vanaf 1900.

Hieronder staan vier oorzaken. Welke hoort niet bij de verstedelijking van Eindhoven?

a)

Het hoge geboorteoverschot.

b)

De vestiging van industrie.

c)

De mechanisatie van de landbouw.

d)

Het idee van de compacte stad.

7.

Dit kaartje laat met drie trefwoorden schematisch oorzaken zien van suburbanisatie in de regio Eindhoven vanaf 1960.

Hieronder staan vier oorzaken. Welke hoort niet bij de suburbanisatie in de regio Eindhoven?

a)

Fabrieken in de stad verhuizen naar de rand van de stad of lagelonenlanden.

b)

Wonen in een nieuwbouwwijk in Best.

c)

De buurt wordt gesaneerd en gerenoveerd.

d)

De oude wijken in de stad krijgen bewoners met een laag inkomen.

8.

Dit kaartje laat met drie trefwoorden schematisch oorzaken zien van re-urbanisatie in de regio Eindhoven vanaf 1990.

Hieronder staan vier oorzaken. Welke hoort niet bij de re-urbanisatie in de regio Eindhoven?

a)

Er zijn groeikernen ontwikkeld met nieuwe, ruime woonwijken.

b)

De fabrieken zijn verdwenen, maar in de mooiste gebouwen kun je wonen en zijn er tal van bedrijfjes.

c)

Oude buurten dicht bij het centrum worden opgeknapt en modern ingericht.

d)

Het idee van de compacte stad.

9.

Je ziet hier de toe- en afname per gemeente van jonge gezinnen met ouders tussen de 30 en 39 jaar (periode 2011-2016).

De legenda is niet compleet. Welke uitspraak klopt?

a)

Blauw is toename, bruin is afname. Dit komt doordat de woningen in de grote steden te duur worden.

b)

Blauw is toename, bruin is afname. Dit komt doordat er sprake is van re-urbanisatie.

c)

Blauw is afname, bruin is toename. Dit komt doordat het Groene Hart niet bebouwd mag worden.

d)

Blauw is afname, bruin is toename. Dit komt doordat de woningen in gemeenten in de buurt van grote steden te duur worden.

10.

Veel gemeenten hebben een buurtbeleid: men probeert armere en rijkere huishoudens te mengen en de publieke ruimte wordt opgeknapt. Het idee is dat armere gezinnen zich zullen optrekken aan de rijkere buurtgenoten.

Welke uitspraak klopt?

a)

De buurt verbetert niet en de arme bewoners blijven even arm.

b)

De buurt verbetert wel, maar de arme bewoners blijven even arm.

c)

De buurt verbetert en de buurtbewoners integreren.

d)

De buurt verbetert niet en de segregatie wordt versterkt doordat arm en rijk in de buurt van elkaar komen te wonen.