wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Griekenlandboekje - H1

Total questions: 26

Worksheet time: 27mins

Name
Class
Date
1.

'akropolis' betekent letterlijk

a)

religieus centrum

b)

hoogste (deel van de) stad

c)

hoge tempel

d)

heilige stad

2.

In welk jaar werd Athene de hoofdstad van Griekenland?

a)

878 v.Chr.

b)

451 v.Chr.

c)

395 n.Chr.

d)

1834 n.Chr.

3.

De propyleeën zijn

a)

het poortgebouw van de Akropolis

b)

een tempel voor Nikè

c)

een soort bibliotheek met afbeeldingen van veldslagen

d)

de beelden die bij de ingang van de Akropolis stonden

4.

De schrijver die een soort reisgids over Griekenland schreef, heette

a)

Herodotus

b)

Homerus

c)

Pausanias

d)

Thucydides

5.

Aigeus was de vader van ...

(a)  

6.

De dochter van Minos heette ...

(a)  

7.

Hoe heette het wezen dat Pasiphaë baarde en dat werd opgesloten in het labyrinth?

(a)  

8.

Je mag nu je boekje opendoen!

Tekst 1a: ἑτέραν δὲ οὐ παρέχεται - welke reden(en) noemt Pausanias daarvoor?

a)

Ἐς δὲ τὴν ἀκρόπολίν ἐστιν ἔσοδος μία (r.1)

b)

πᾶσα ἀπότομος οὖσα (r.2)

c)

τεῖχος ἔχουσα ἐχυρόν (r.3)

d)

Τὰ δὲ προπύλαια λίθου λευκοῦ τὴν ὀροφὴν ἔχει (r.3)

9.

tekst 1a:

Wat maakt de Propyleeën volgens Pausanias zo indrukwekkend?

a)

τεῖχος ἔχουσα ἐχυρόν (r.2)

b)

λίθου λευκοῦ τὴν ὀροφὴν ἔχει (r.3)

c)

κόσμῳ καὶ μεγέθει τῶν λίθων (r.3-4)

d)

μέχρι γε καὶ ἐμοῦ προεῖχε (r.4)

10.

Tekst 1a r.5-6:

Wat zegt Pausanias over de ruiterstandbeelden in de Propyleeën?

a)

ze stellen misschien de kinderen van Xenophon voor

b)

ze stellen misschien de inwoners van Xenophon voor

c)

ze dienen misschien als versiering

d)

ze laten het ideaalbeeld van schoonheid zien

11.

Tekst 1a:

Welke uitspraak is niet waar?

a)

aan de rechterkant van de Propyleeën was een tempel voor Nikè

b)

Dat Nikè werd afgebeeld zonder vleugels, was niet normaal

c)

vanaf de Nikè-tempel kun je de zee niet zien

d)

Aigeus heeft zich bij de Nikè-tempel van de rotsen geworpen

12.

Tekst 1b:

Wat is het onderwerp van Ἀνήγετο (r.1)?

a)

ἡ ναῦς

b)

μέλασιν

c)

ἡ τοὺς

d)

Θησεὺς

13.

Tekst 1b:

καλούμενον (r.12) is een

a)

ptc praes A

b)

ptc praes M

c)

ptc aor A

d)

ptc aor M

14.

Tekst 1b:

de vertaling van Μίνω (r.12) is

a)

Minotaurus

b)

Minos

c)

van Minos

d)

stier van Minos

15.

Tekst 1b:

πλέῃ (r.13) is een

a)

coni futuralis

b)

coni generalis

c)

opt obliquus (vervangingsoptativus)

d)

opt potentialis

16.

Tekst 1b:

ὡς (r.15) vertaal je hier als

a)

zoals

b)

dat

c)

toen

d)

hoe

17.

Tekst 1b:

τεθνάναι (r.16) is een infinitivus ...

a)

praesens

b)

futurum

c)

aoristus

d)

perfectum

18.

Tekst 1b:

αὑτὸν (r.16) =

a)

Aigeus

b)

Ariadne

c)

het schip met de zwarte zeilen

d)

Theseus

19.

Tekst 1b:

οἱ (r.17) =

a)

Aigeus

b)

Ariadne

c)

de Atheners

d)

Theseus

20.

Op de Akropolis in Athene stond een standbeeld van ...

a)

Athena

b)

Nikè

c)

Theseus

d)

Zeus

21.

Wie verloor de strijd om de vraag wie er stadsgod van Athene mocht worden?

(a)  

22.

Wat gaf Athene aan de Atheners als geschenk, in de strijd om stadsgod te worden?

(a)  

23.

Tekst 1c:

ἐπεμνήσθην is een

a)

imp ev praes A

b)

ind impf A 3e mv

c)

ind aor P 1e ev

d)

ind perf M 2e ev

24.

Tekst 1c:

Waaruit bestonden die μαρτύρια (r.5)? Vink de juiste antwoorden aan:

a)

νηός (r.2)

b)

ἐλαίη (r.3)

c)

θάλασσα (r.3)

d)

λόγος (r.3)

25.

Tekst 1c:

ἀναδεδραμηκότα (r.9) is een participium

a)

praesens

b)

futurum

c)

aoristus

d)

perfectum

26.

De Areopagus werd gebruikt voor

a)

volksvergaderingen

b)

markten

c)

executies

d)

rechtszaken