wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

4.5 t/m 4.7

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Wat is de gemiddelde grootte van de ecologische voedafdruk van een Nederlander?

a)

50 hectare

b)

6 vierkante meter

c)

5 hectare

d)

20 000 vierkante meter

2.

Wat is de energietransitie?

a)

Helemaal geen energie meer gaan gebruiken.

b)

Nooit meer in de auto rijden.

c)

Overstappen naar fossiele energiebronnen.

d)

Overstappen naar duurzame energie.

3.

Waar of niet waar?

Energieneutraal zijn is hetzelfde als alleen Groene stroom gebruiken.

a)

Waar.

b)

Niet waar.

4.

Wat zijn voorbeelden van fossiele energiebronnen?

a)

Wind

b)

Olie

c)

Kern Energie

d)

Water kracht.

5.

Waar of niet waar?

Het OV gebruiken is beter voor het milieu als zelf rijden.

a)

Waar

b)

Niet waar.

6.

Welke vorm van ecologische voetafdruk word verkleind door Circulaire economie te gebruiken.

a)

Voedselafdruk

b)

Klimaat - afdruk

c)

Afvalvoetafdruk

7.

Wat betekend monocultuur?

a)

Veel verschillende producten verbouwen op grote stukken grond.

b)

2 of 3 verschillende producten verbouwen die elkaar helpen met groeien op grote stukken grond.

c)

1 product verbouwen op grote stukken grond.

8.

Wat gebeurd er als er een ziekte komt bij één van de grote gewassen in Nederland.

a)

De boeren gaan de ziekte bestrijden met chemische stoffen.

b)

De boeren gooien de zieke planten weg.

c)

De boeren plaatsen alle planten over naar kassen

d)

De boeren verbranden de gewassen.

9.

Waar of niet waar?

Voor biologische landbouw is meer ruimte nodig.

a)

Waar.

b)

Niet waar.

10.

Waar of niet waar?

Door biologische landbouw is er meer opbrengst.

a)

Waar.

b)

Niet waar.

11.

Waar of niet waar?

Door biologische Landbouw vergroten we onze voedselafdruk.

a)

Waar.

b)

Niet waar.

12.

Waarom kunnen we in Nederland het hele jaar door alle soorten groente/fruit eten?

a)

Het maakt niet uit wanneer je groenten/fruit verbouwd, alle planten kunnen altijd groeien.

b)

Alle groenten/fruit worden ingevroren om het volgende seizoen te ontdooien.

c)

De groenten/fruit worden verbouwd in kassen of ze komen uit een ander land.

13.

Waar of niet waar?

Het is beter om groente/fruit te kopen dat uit een ander land komt.

a)

Waar.

b)

Niet waar.

14.

Wat is fijnstof?

a)

Een speciaal soort katoen om duurzame kleding mee te maken.

b)

Kleine stukjes zand.

c)

Roet.

15.

De stad Almere wil in 2022 energieneutraal zijn.

Wat betekend energieneutraal?

a)

Er word net zoveel energieopgewekt als verbruikt

b)

Er word meer energie opgewekt als gebruikt.

16.

Wat is recyclen?

a)

Bloemen verzamelen.

b)

Het verwerken van afvalmateriaal tot een hoogwaardige grondstof.

c)

Afval op een schone manier verbranden

d)

Afvalmaterialen opnieuw gebruiken.

17.

Wat is upcyclen?

a)

Het verwerken van afvalmateriaal tot een hoogwaardige grondstof.

b)

Hetzelfde als recyclen.

c)

Afval verbranden.

d)

Fijnstof verwijderen uit de lucht.

18.

Wat is geothermie?

a)

Zonnepanelen bouwen in fabrieken die gebruik maken van zonne-energie

b)

Plaatselijk de grond warm maken om de huizen in een wijk te verwarmen.

c)

Gebruikmaken van de warmte van de aarde om energie op te wekken.

19.

Wat zijn Cradle-to-cradle producten?

a)

Producten die weggegeven zijn door de fabriek aan armere mensen.

b)

Producten die gemaakt worden door kinderen.

c)

Producten die worden gebruikt soor baby's (denk aan luiers en babykleding).

d)

Producten die hergebruikt kunnen worden in een nieuw product.

20.

Kunnen natuurlijke hulpbronnen opraken?

a)

Ja.

b)

Nee.