wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Een woning huren

Total questions: 10

Worksheet time: 3mins

Name
Class
Date
1.

Een huurovereenkomst voor 1 tot 3 jaar is ...

a)

een huurcontract van lange duur

b)

een huurcontract van korte duur

c)

een huurcontract van korte termijn

2.

Ik of de verhuurder wil het huurcontract stopzetten. Wat is dan de opzeggingstermijn voor beiden?

a)

De huurder moet 3 maanden van tevoren opzeggen, de verhuurder 6 maanden.

b)

De verhuurder moet 3 maanden van tevoren opzeggen, de huurder 6 maanden.

c)

Beiden moeten 3 maanden van tevoren opzeggen.

3.

In welke situatie mag de verhuurder VOOR de einddatum het contract opzeggen?

a)

altijd

b)

als hij nieuwe en betere huurders heeft gevonden

c)

als zijn zoon in het huis wil komen wonen

4.

De huurder wil al het eerste jaar het contract opzeggen. Hoeveel schadevergoeding moet hij betalen?

a)

niets

b)

3 maanden huur

c)

1 maand huur

5.

Welke zin is juist?

a)

De verhuurder moet het contract binnen de 2 maand registreren.

b)

De huurder moet het contract binnen de 2 maand registreren.

c)

Beiden moeten het contract binnen de 2 maand registreren.

6.

Je gaat verhuizen. De huisbaas wil je waarborg niet terug betalen omdat er veel schade is. Mag hij dit doen?

a)

Nee, de huisbaas moet de waarborg altijd terug betalen.

b)

Ja, ook als er geen plaatsbeschrijving is.

c)

Ja, als er een plaatsbeschrijving is en deze schade niet in de beschrijving staat.

7.

Ik kan de waarborg niet betalen. Wat kan ik doen?

a)

Ik kan naar het OCMW gaan.

b)

Jammer, ik kan de woning niet huren.

c)

Ik kan aan de huisbaas vragen om geen waarborg te moeten betalen.

8.

De verwarmingsketel is kapot. Wie moet dit herstellen?

a)

de huurder

b)

de verhuurder

9.

Ik ga 3 maanden naar mijn familie in het buitenland. Ondertussen verhuur ik mijn appartement aan een vriend. Mag dit?

a)

Nee

b)

Ja

10.

Ik woon in een heel slecht appartement en de huisbaas doet niets. De elektriciteit is niet in orde, er zijn geen rookmelders, er is overal schimmel. Wat kan ik doen?

a)

Ik kan de politie bellen.

b)

Ik kan voor de tiende keer de huisbaas bellen.

c)

Ik kan de woning onbewoonbaar laten verklaren.