wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

tijdvak 10: 10.3 - 10.5

Total questions: 23

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Welke redenen hadden migranten de afgelopen 60 jaar om naar Nederland te komen?

a)

Het prettige klimaat

b)

werk

c)

gezinshereniging

d)

veiligheid, op de vlucht voor oorlog of ander geweld

e)

ze woonden in Nederlandse koloniën en die werden onafhankelijk. Uit angst voor onrust kwamen ze naar Nederland

2.

Pluriforme samenleving

a)

een samenleving van mensen met verschillende culturen en leefstijlen.

b)

een samenleving van mensen met verschillende culturen en leefstijlen.

3.

Culturele diversiteit

a)

het bestaan van grote culturele verschillen binnen een land.

b)

het bestaan van grote culturele verschillen binnen een land.

4.

Na welke oorlog gingen Europese landen samenwerken?

a)

Eerste Wereldoorlog

b)

Tweede Wereldoorlog

c)

Koude Oorlog

d)

Krimoorlog

5.

De samenwerkingen van de EEG ging vooral om ...

a)

economie / handel

b)

onderwijs

c)

gezondsheidszorg

d)

veiligheid

6.

Elk land in de Europese Unie gebruikt de euro

a)

Juist

b)

Fout

7.

In welke stad werd de Europese Unie opgericht?

a)

Parijs

b)

Brussel

c)

Maastricht

d)

Schengen

8.
Vul het juiste antwoord in: Doordat Nederland lid is van de Europese Unie ......
a)
heeft Nederland geen leger meer nodig.
b)
voert Nederland alleen wetten in die door de EU zijn goedgekeurd.
c)
kun je in elk ander EU-land wonen, werken of studeren.
d)
is eens in de 15 jaar een Nederlander de president.
9.

In welk jaar kwam de EGKS tot stand?

a)

1962

b)

1957

c)

1951

d)

1953

10.
Welk kenmerkend aspect past bij deze afbeelding?
a)
De dekolonisatie maakte een eind aan de westerse hegemonie in de wereld
b)
De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een – wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog
c)
De toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren zestig van de 20e eeuw aanleiding – gaf tot ingrijpende sociaal-culturele veranderingsprocessen
d)
Het in de praktijk brengen van de totalitaire ideologieën communisme en fascisme/nationaal-socialisme
11.
Welk kenmerkend aspect past bij deze afbeelding?
a)
Het in de praktijk brengen van de totalitaire ideologieën communisme en fascisme/nationaal-socialisme
b)
De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een – wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog
c)
Het voeren van twee wereldoorlogen
d)
De eenwording van Europa
12.

Welk kenmerkend aspect past bij deze afbeelding?

a)

de ontwikkeling van pluriforme en multiculturele samenlevingen

b)

de toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren zestig van de 20e eeuw aanleiding – gaf tot ingrijpende sociaal-culturele veranderingsprocessen

c)

Vormen van verzet tegen het West-Europese imperialisme

d)

De Duitse bezetting van Nederland

13.

Wat hoort bij de verzorgingsstaat?

a)

staat verzorgt veel maatschappelijke voorzieningen

b)

je kunt naar een verzorgingstehuis als je oud bent

c)

de staat zorgt voor marktwerking

d)

je moet jezelf voor alles verzekeren

14.

Welke stelling is juist:

I Vanaf 1945 vervagen de traditionele gezinsnormen.

II De Dolle Mina's horen bij de eerste feministische golf

a)

alleen stelling 1 juist

b)

alleen stelling 2 juist

c)

beide juist

d)

beide onjuist

15.

Welke stelling is juist:

I Nederland nodigde gastarbeiders uit in de jaren ''60.

II Dekolonisatie en de komst van gastarbeiders maakten van NL een immigratieland

a)

alleen stelling 1 juist

b)

alleen stelling 2 juist

c)

beide juist

d)

beide onjuist

16.

Wat is een jongerencultuur?

a)

Een land waarin jongeren de baas zijn

b)

Een cultuur waarin niemand iets doet

c)

Een cultuur alleen voor jongeren die zich afzet tegen hun ouders

17.

Waar streden vrouwen in de Tweede feministische golf niet voor

a)

Meer en betere kinderopvang

b)

Gelijke lonen

c)

Kiesrecht

d)

Gelijke opleidingskansen

18.

Wat is de wederopbouw?

a)

De herstelperiode na de Tweede Wereldoorlog

b)

Het opnieuw bouwen van door rebellen gesloopte gebouwen

c)

Periode na de Tweede wereldoorlog waarin Duitsland werd heropgevoed

19.

Wat gebeurde er in de jaren '60 waardoor de consumptiemaatschappij kon ontstaan?

a)

De welvaart in Nederland steeg

b)

Minder mensen gingen met pensioen

c)

Mensen hadden meer spullen nodig

20.

Wat houdt de verzorgingsstaat in?

a)

Een staat waarin burgers zonder baan of die niet kunnen werken een uitkering krijgen

b)

Een staat waarin de zieken goede zorg krijgen in ziekenhuizen

21.

Welke partij in Nederland werd opgericht door een combinatie van protestanten en katholieken ? Noteer enkel de afkorting!

(a)  

22.

Wat past niet bij de individualisering in de jaren '90?

a)

Wet Gelijke Behandeling (1994)

b)

Gedoogbeleid

c)

Versterking sociale bindingen met gemeenschappen

d)

Recht op levensbeëindiging

e)

Invoering homohuwelijk

23.

Wat past er niet bij de Nederlandse rol in de Europese samenwerking?

a)

Ondertekening Verdrag van Schengen

b)

Verdrag van Maastricht van 1992

c)

Nederland probeerde toetreding van Oost-Europese landen tot de EU tegen te houden

d)

Invoering van de Euro

e)

Verkleining Nederlandse invloed