Font size
Worksheets2 BKGT leesvaardigheid hoofdstuk 4+5
Total questions: 15
Worksheet time: 25mins
Een ander woord voor beeld en opmaak is
lay out
make up
plaatjes en illustraties
lettertype en logo
Wat hoort niet bij beeld en opmaak?
verdeling van de tekst
bron van de tekst
gebruik van kleuren
grootte en soort van de letter
Waarom zou beeld en opmaak belangrijk kunnen zijn?
om er achter te komen wat de bron van de tekst is
om er achter te komen voor welk publiek de tekst geschreven is
om de aandacht te trekken en bedrijven te laten herkennen
om er achter te komen wat het tekstdoel is
Vertel in je eigen woorden wat een logo is.
Wat wil een schrijver als zijn tekstdoel informeren is?
Wat wil een schrijver als zijn tekstdoel overtuigen is?
Wat wil een schrijver als zijn tekstdoel activeren is?
Wat wil een schrijver als zijn tekstdoel amuseren is?
Waar kun je aan zien voor welk publiek een tekst geschreven is?
Dat staat in de titel
Wie de tekst geschreven heeft
Dat staat op de achterkant
Aan het taalgebruik.
Noem drie dingen waaraan je kunt zien voor welk leespubliek een tekst geschreven is
Een kernzin is.....
een zin die altijd in het midden van de tekst staat
de belangrijkste zin van de alinea
een zin die in de kern van een tekst voorkomt, nooit in de inleiding of het slot
de conclusie
De hoofdgedachte van een tekst is...
hetzelfde als de kernzin
hetzelfde als het onderwerp van de tekst
hetzelfde als het tekstdoel van een tekst
wat de schrijver over het onderwerp zegt
Wat helpt niet om de hoofdgedachte te vinden?
alleen de plaatjes bekijken
de inleiding en het slot van een tekst lezen
het onderwerp van een tekst bepalen
in één zin samenvatten wat de schrijver over het onderwerp zegt
Het slot van de tekst ..
wordt nooit een samenvatting gegeven
wordt nooit een conclusie gegeven
worden vragen nooit beantwoord
bestaat niet altijd (sommige teksten hebben geen slot)
Om me nog beter voor te bereiden op de toets ga ik ....
