wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Begrippen en kennisvragen China

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Proces waarbij mensen uit verschillende bevolkingsgroepen weinig tot geen contact met elkaar hebben

a)

Ruimtelijke segregatie

b)

Sociale segregatie

c)

Urbanisatie

2.

Het veranderen van woonplaats

a)

Urbanisatie

b)

Demografie

c)

Migratie

3.

Grote stad die voor een deel van de wereld belangrijk is op het gebied van economie, politiek en cultuur

a)

Wereldstad

b)

Megastad

c)

Metropool

d)

Megapool

4.

Proces waarbij mensen van platteland naar stad migreren

a)

Urbanisatie

b)

Situation

c)

Vergrijzing

5.

Aantal geboorten per 1000 inwoners per jaar

a)

Geboorteoverschot

b)

Geboortecijfer

c)

Sterftecijfer

6.

Staatsvorm waarbij de macht ligt bij één persoon of groep mensen. Vrijheden en burgerrechten zijn beperkt.

a)

Communisme

b)

Imperialisme

c)

Dictatuur

7.

Abstracte markt waarop goederen of diensten van een bedrijf worden verkocht

a)

Afzetmarkt

b)

Weekmarkt

c)

Opzetmarkt

8.

Hoeveelheid water die op een bepaald moment door de rivier stroomt

a)

Regiem

b)

Debiet

c)

Retentie

9.

Neerslag waarbij wolken niet over een berg heen kunnen en uitregen vanwege het stijgen. Aan de andere kant van de berg is het meestal droog.

a)

Stijgingsneerslag

b)

Stuwingsneerslag

c)

Frontale neerslag

10.

Gebergte dat ontstaat als twee continentale platen tegen elkaar botsen en omhoog geduwd worden.

a)

Jong gebergte

b)

Stuwingsgebergte

c)

Plooiingsgebergte

11.

Welke plaatsnaam hoort bij de rode stip?

a)

Chongqing

b)

Shanghai

c)

Peking/Beijing

12.

Wat laat deze kaart zien?

a)

De hoeveelheid neerslag per jaar in China

b)

De bevolkingsdichtheid in China

c)

De bevolkingsgroei in China

13.

Uit de (vorm van) de bevolkingsdiagram van China zoals hier te zien kun je afleiden dat:

a)

China's bevolking groeit

b)

China's bevolking krimpt

c)

Er veel baby's worden geboren in China

14.

Wie zien we hier?

a)

Mao Zedong

b)

Xi Jinping

c)

Deng Xiaoping

15.

Bij welk nummer vindt je de Yangtze?

a)

1

b)

2

c)

3

16.

Deze dam dankt zijn naam aan:

a)

Een Chinese president

b)

Drie steden die vlakbij de dam liggen

c)

Drie kloven die zich achter de dam bevinden

17.

Het deel binnen het vetgedrukte rode kader noem je:

a)

De bovenloop

b)

Het retentiegebied

c)

De middenloop

18.

Waar of niet waar? De groene gebieden zijn gebieden waar het Chinaklimaat voorkomt.

a)

Waar

b)

Niet waar

19.

Waarom is het aardbevingsrisico in het westen van China zo hoog?

a)

In dat gebied komt veel vulkanisme voor

b)

Dat gebied bevindt zich op de grens van twee aardplaten

c)

De aardkorst is daar erg onrustig

20.

Dat er in het noordwesten van China zo weinig neerslag valt is te "danken" aan:

a)

De hoge ligging boven zeeniveau van het gebied

b)

De hoge temperaturen

c)

De Himalaya