Font size
WorksheetsNe leesvaardigheid 1-3M
Total questions: 41
Worksheet time: 20mins
Waar de tekst over gaat is:
de hoofdgedachte
het thema
het onderwerp
de titel
Scannend lezen, Zoekend lezen en Grondig lezen noemen we?
vervelend
teksstructuren
leesstrategieën
Om het onderwerp te vinden, lees je de tekst
precies.
zoekend.
globaal.
oriënterend.
Om de hoofdgedachte te vinden, lees je de tekst
precies.
zoekend.
globaal.
oriënterend.
Wat is de hoofdgedachte van een tekst?
Het bevat het belangrijkste nieuws van een nieuwsbericht.
Het vat de belangrijkste inhoud van een tekst in enkele zinnen samen.
Het vertelt in één zin wat de tekst over het onderwerp van de tekst zegt.
Wat hoort allemaal bij oriënterend lezen? Vink dat aan.
Eerste en laatste zin van elke alinea lezen.
Bekijk de titel en afbeelding.
Lees de eerste alinea.
Zoek in elke alinea de kernzin.
Bekijk tussenkopjes en anders gedrukte woorden.
Wat is de woordraadstrategie?
Hiermee kun je woorden leren kennen.
Hiermee kun je woorden beter onthouden.
Hiermee kun je de betekenis van woorden uit de tekst ontdekken.
Hiermee kun je woorden leren onthouden.
Een tekst bestaat meestal uit:
begin, vervolg, eind
inleiding, middenstuk, slot
anekdote, deelonderwerp, conclusie
voorbeeld, kern, eind
Welke twee belangrijke functies heeft de inleiding van een tekst?
het belangrijkste van de tekst vertellen
de lezer nieuwsgierig maken
het onderwerp introduceren
alvast in het kort uitleggen wat er in het middenstuk verteld wordt
Het belangrijkste doel van een brief van de NS over tariefswijzigingen is ...
informeren
instrueren
overhalen
overtuigen
Welke uitspraken zijn juist?
De informatie in een tekst is betrouwbaarder als....
de bron belang heeft bij een bepaalde voorstelling van zaken.
de bron van de tekst bekend is.
de bron verstand heeft van het onderwerp.
de informatie in elk geval ouder is dan één week.
de informatie te controleren is.
Omdat, daarom, en, zoals, ten eerste, toch, vervolgens, ook, doordat enz zijn signaalwoorden.
waar
niet waar
Het waaide erg hard, toch gingen ze een boswandeling maken.
Vul in: het signaalwoord, verband. (let op komma dan spatie)
(a)
Zij heeft evenals haar moeder erg lang, bruin, golvend haar.
Wat is het signaalwoord in deze zin?
haar moeder
evenals
golvend haar
Zij heeft evenals haar moeder erg lang, bruin, golvend haar.
Wat is het tekstverband
opsomming
tegenstelling
vergelijking
Wat lees je vaak in het slot van een tekst? Vink aan:
Samenvatting
Een voorbeeld of anekdote
Iets om het verhaal rond te maken
Introductie van een deelonderwerp
Conclusie
Alle teksten hebben een slot:
Ja natuurlijk!
Nee, een nieuwsbericht bijv. vaak niet.
Er zin twee antwoorden goed.
Een hoofgedachte.....
Is nooit een vraagzin
Geeft de belangrijkste informatie uit de tekst
Staat altijd aan het einde van een tekst
Staat dikgedrukt
Wat is een anekdote?
iets wat in het nieuws is
de aanleiding om een tekst te schrijven
een (grappig) verhaaltje
een grap
Een deelonderwerp bestaat uit
1 of meer alinea's
maximaal 1 alinea
minimaal 2 alinea's
Er zijn twee antwoorden goed
Een kernzin.....
Is de kern van de tekst
Geeft de belangrijkste informatie uit een alinea
Staat meestal aan het begin of einde van een alinea
Is de belangrijkste zin van de tekst
Wat is het doel van globaal lezen?
de hoofdgedachte vinden
het onderwerp vinden
de deelonderwerpen vinden
iets anders vinden, bijvoorbeeld iemands geboortedatum
Een nieuwsbericht heeft de functie:
Activeren
Overtuigen
Amuseren
Informeren
Welke teksten hebben als doel 'overtuigen'?
Recensie
Krantenbericht
Betoog
Column
Welke teksten hebben als functie amuseren?
Sollicitatiebrief
Strip
Gedicht
Handleiding
Wat is het signaalwoord?
'De schone was hangt buiten te drogen omdat de droger stuk is.'
Schone
Drogen
Omdat
Hangt
Wat is het signaalwoord en tekst verband?
Ik heb vijf katten. Lydia daarentegen heeft er maar twee.
Daarentegen - opsomming
Maar - uitzondering
Maar - tegenstelling
Daarentegen - tegenstelling
Wat is het signaalwoord en het tekstverband?
'Je bent geslaagd mits je allemaal voldoendes haalt.'
Bent - samenvatting
Mits - uitzondering
Mits - voorwaarde
Haalt - opsomming
Wat is het verwijswoord?
Als je oud meubilair kwijt wil, moet je het op straat zetten.
Wat is het verwijswoord? Waar verwijst het naar?
Mijn broertje is heel lief. Hij geeft mij altijd een knuffel.
Mijn --> broertje
Heel --. lief
Hij --> mijn broertje
Altijd --> knuffel
