wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

fotosynthese en verbranding

Total questions: 29

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

De plant staat in de zon en heeft genoeg water. De muis heeft reserves genoeg voor het experiment. Kan de muis blijven leven?

a)

ja

b)

nee

2.

De plant maakt voor de mensen en dieren een heel belangrijke stof.

Dit is:

a)

koolstofdioxide

b)

water

c)

licht

d)

zuurstof

3.

In welke delen kan deze plant zuurstof maken?

a)

in de bladeren en de bladstelen

b)

in de wortels en de bladstelen

c)

in de bladeren en de wortels

d)

in alle zichtbare delen

4.

Je ziet op deze afbeelding een wandelend blad in de aanvalshouding. Zij staat in het licht. Zij eet bladeren. Stel er is geen voedsel voor haar, zou zij zich zelf dan in leven kunnen houden met haar eigen lichaam?

a)

ja, zij kan zelf fotosynthese doen

b)

nee, zij kan alleen verbranding doen

c)

ja, want zij kan zowel fotosynthese als verbranding doen

5.

De energie die wij krijgen als we plantaardig voedsel eten komt eigenlijk van ...

a)

het water

b)

de koolstofdioxide

c)

de zon

d)

het bladgroen

6.
Welke 2 stoffen komen altijd vrij bij de verbranding van een kaars?
a)
zuurstof en water 
b)
kaarsvet en koolstofdioxide
c)
water en koolstofdioxide
d)
water en zuurstof 
water en kaarsvet
7.

Ontstaat koolstofdioxide bij fotosynthese?

a)

Ja

b)

Nee

8.

Vindt er 's nachts verbranding plaats in organismen?

a)

Ja

b)

nee

9.

Bij verbranding in een lichaamscel ontstaat:

water + (a)   + energie

10.

Hoe groter de inspanning hoe ... verbranding er plaatsvindt.

a)

minder

b)

meer

11.

Bij grotere inspanning...

a)

... moeten organen zoals het hart en de longen harder werken.

b)

... vind er minder verbranding plaats.

c)

.... vind er geen stofwisseling plaats.

d)

.... wordt er minder zuurstof gebruikt.

12.

Afbraak van glucose gebeurt in een gedeelte van je lichaamcel dat heet:

(a)  

13.

Waar word glucose afgebroken?

a)

Mitochondriën

b)

Bladgroenkorrels

14.

In afbeelding 4 zie je vijf reageerbuizen met daarin planten en/of dieren. Alleen buis 5 staat in het donker, alle andere buizen staan in het licht.


In welke buis zit na een aantal uren het minste koolstofdioxide?

a)

Buis 1

b)

Buis 2

c)

Buis 3

d)

Buis 4

e)

Buis 5

15.

Marlon zegt: Verbranding vindt plaats in elke cel van je lichaam.

Gerard zegt: In plantencellen vindt geen verbranding plaats


Wie heeft gelijk?

a)

Beide gelijk

b)

Marlon heeft gelijk

c)

Gerard heeft gelijk

d)

Beide ongelijk

16.

Mitochondrien komen voor in de cellen van ...

a)

planten

b)

dieren

c)

mensen

17.
Welke 2 stoffen komen altijd vrij bij de verbranding van een kaars?
a)
zuurstof en water 
b)
kaarsvet en koolstofdioxide
c)
water en koolstofdioxide
d)
water en zuurstof 
water en kaarsvet
18.

Vindt er 's nachts verbranding plaats in organismen?

a)

Ja

b)

nee

19.

Planten doen niet aan stofwisseling.

a)

juist

b)

onjuist

20.

Hoe groter de inspanning hoe ... verbranding er plaatsvindt.

a)

minder

b)

meer

21.

Bij grotere inspanning...

a)

... moeten organen zoals het hart en de longen harder werken.

b)

... vind er minder verbranding plaats.

c)

.... vind er geen stofwisseling plaats.

d)

.... wordt er minder zuurstof gebruikt.

22.

In welk celorganel vindt fotosynthese plaats?

a)

Mitochondriën

b)

Bladgroenkorrels

c)

Celkern

d)

Celwand

23.

Bekijk de afbeelding. Bij welke nummers kan fotosynthese plaatsvinden?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

24.

Welke cel bevat meer mitochondriën?

a)

Zenuwcel

b)

Spiercel

c)

Huidcel

d)

Haarcel

25.

Maak de zin af:

In bladgroenkorrels wordt glucose (1).

Energie wordt dus (2).

a)

1: gemaakt, 2: vastgelegd

b)

1: gemaakt, 2: vrijgemaakt

c)

1: afgebroken, 2: vastgelegd

d)

1: afgebroken, 2: vrijgemaakt

26.

Maak de zin af.

In mitochondriën wordt glucose (1).

Hierbij wordt energie (2).

a)

1: afgebroken, 2: vastgelegd

b)

1: afgebroken, 2: vrijgemaakt

c)

1: gemaakt, 2: vastgelegd

d)

1: gemaakt, 2: vrijgemaakt

27.

De omzetting van glucose in energie heet ook wel ...

a)

fotosynthese

b)

verbranding

28.
Dit organisme doet...
a)
Verbranding
b)
Fotosynthese
c)
Verbranding EN fotosynthese
d)
Niks
29.

Welk celorganel zie je hier uitvergroot?

a)

Bladgroenkorrel

b)

Celkern

c)

Mitochondria

d)

Celmembraan