wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

SS-E07-2VMBO-BK-Vocab Bridging the gap

Total questions: 89

Worksheet time: 45mins

Name
Class
Date
1.
divorced
a)
gescheiden
b)
bitter
c)
zee
d)
free running
2.
eldest
a)
oudste
b)
knapperig
c)
rivier
d)
verstoppertje
3.
grandparents
a)
grootouders
b)
heerlijk
c)
omgeving
d)
wandelen
4.
half-brother
a)
halfbroer
b)
vers
c)
ontbijt
d)
paardrijden
5.
married
a)
getrouwd
b)
gezond
c)
ontbijtgranen
d)
hardlopen
6.
only child
a)
enigskind
b)
verschrikkelijk
c)
melkproducten
d)
skien
7.
relatives
a)
familie
b)
geroosterd
c)
toetje
d)
strand
8.
son
a)
zoon
b)
zuur
c)
druif
d)
grot
9.
stepmother
a)
stiefmoeder
b)
zoet
c)
maaltijd
d)
platteland
10.
twins
a)
tweeling
b)
proeven
c)
vlees
d)
woestijn
11.
youngest
a)
jongste
b)
lekker
c)
ui
d)
omgeving
12.
boring
a)
saai
b)
proberen
c)
rijst
d)
bos
13.
cheerful
a)
vrolijk
b)
gescheiden
c)
aardbeien
d)
eiland
14.
confident
a)
zelfverzekerd
b)
oudste
c)
traktatie
d)
meer
15.
funny
a)
grappig
b)
grootouders
c)
groenten
d)
berg
16.
honest
a)
eerlijk
b)
halfbroer
c)
bitter
d)
zee
17.
lazy
a)
lui
b)
getrouwd
c)
knapperig
d)
rivier
18.
mean
a)
gemeen
b)
enigskind
c)
heerlijk
d)
omgeving
19.
nice
a)
aardig
b)
familie
c)
vers
d)
ontbijt
20.
patient
a)
geduldig
b)
zoon
c)
gezond
d)
ontbijtgranen
21.
relaxed
a)
ontspannen
b)
stiefmoeder
c)
verschrikkelijk
d)
melkproducten
22.
shy
a)
verlegen
b)
tweeling
c)
geroosterd
d)
toetje
23.
busy
a)
druk
b)
jongste
c)
zuur
d)
druif
24.
bedroom
a)
slaapkamer
b)
saai
c)
zoet
d)
maaltijd
25.
desk
a)
bureau
b)
vrolijk
c)
proeven
d)
vlees
26.
detached house
a)
vrijstaand huis
b)
zelfverzekerd
c)
lekker
d)
ui
27.
furniture
a)
meubelen
b)
grappig
c)
proberen
d)
rijst
28.
kitchen
a)
keuken
b)
eerlijk
c)
gescheiden
d)
aardbeien
29.
office
a)
kantoor
b)
lui
c)
oudste
d)
traktatie
30.
regularly
a)
regelmatig
b)
gemeen
c)
grootouders
d)
groenten
31.
semi-detached house
a)
twee-onder-een-kap
b)
aardig
c)
halfbroer
d)
bitter
32.
spare time
a)
vrije tijd
b)
geduldig
c)
getrouwd
d)
knapperig
33.
stairs
a)
trap
b)
ontspannen
c)
enigskind
d)
heerlijk
34.
terraced house
a)
rijtjeshuis
b)
verlegen
c)
familie
d)
vers
35.
chores
a)
klusjes
b)
druk
c)
zoon
d)
gezond
36.
daily
a)
dagelijks
b)
slaapkamer
c)
stiefmoeder
d)
verschrikkelijk
37.
do the vacuum cleaning
a)
stofzuigen
b)
bureau
c)
tweeling
d)
geroosterd
38.
responsibility
a)
verantwoordelijk
b)
vrijstaand huis
c)
jongste
d)
zuur
39.
throw away
a)
weggooien
b)
meubelen
c)
saai
d)
zoet
40.
tidy up
a)
opruimen
b)
keuken
c)
vrolijk
d)
proeven
41.
walk the dog
a)
de hond uitlaten
b)
kantoor
c)
zelfverzekerd
d)
lekker
42.
championship
a)
kampioenschap
b)
regelmatig
c)
grappig
d)
proberen
43.
challenging
a)
uitdagend
b)
twee-onder-een-kap
c)
eerlijk
d)
gescheiden
44.
climbing
a)
klimmen
b)
vrije tijd
c)
lui
d)
oudste
45.
cycling
a)
fietsen
b)
trap
c)
gemeen
d)
grootouders
46.
diving
a)
duiken
b)
rijtjeshuis
c)
aardig
d)
halfbroer
47.
experience
a)
ervaring
b)
klusjes
c)
geduldig
d)
getrouwd
48.
free running
a)
free running
b)
dagelijks
c)
ontspannen
d)
enigskind
49.
hide and seek
a)
verstoppertje
b)
stofzuigen
c)
verlegen
d)
familie
50.
hiking
a)
wandelen
b)
verantwoordelijk
c)
druk
d)
zoon
51.
horse riding
a)
paardrijden
b)
weggooien
c)
slaapkamer
d)
stiefmoeder
52.
running
a)
hardlopen
b)
opruimen
c)
bureau
d)
tweeling
53.
skiing
a)
skien
b)
de hond uitlaten
c)
vrijstaand huis
d)
jongste
54.
beach
a)
strand
b)
kampioenschap
c)
meubelen
d)
saai
55.
cave
a)
grot
b)
uitdagend
c)
keuken
d)
vrolijk
56.
countryside
a)
platteland
b)
klimmen
c)
kantoor
d)
zelfverzekerd
57.
desert
a)
woestijn
b)
fietsen
c)
regelmatig
d)
grappig
58.
environment
a)
omgeving
b)
duiken
c)
twee-onder-een-kap
d)
eerlijk
59.
forest
a)
bos
b)
ervaring
c)
vrije tijd
d)
lui
60.
island
a)
eiland
b)
free running
c)
trap
d)
gemeen
61.
lake
a)
meer
b)
verstoppertje
c)
rijtjeshuis
d)
aardig
62.
mountain
a)
berg
b)
wandelen
c)
klusjes
d)
geduldig
63.
ocean
a)
zee
b)
paardrijden
c)
dagelijks
d)
ontspannen
64.
river
a)
rivier
b)
hardlopen
c)
stofzuigen
d)
verlegen
65.
surroundings
a)
omgeving
b)
skien
c)
verantwoordelijk
d)
druk
66.
breakfast
a)
ontbijt
b)
strand
c)
weggooien
d)
slaapkamer
67.
cereal
a)
ontbijtgranen
b)
grot
c)
opruimen
d)
bureau
68.
dairy products
a)
melkproducten
b)
platteland
c)
de hond uitlaten
d)
vrijstaand huis
69.
dessert
a)
toetje
b)
woestijn
c)
kampioenschap
d)
meubelen
70.
grape
a)
druif
b)
omgeving
c)
uitdagend
d)
keuken
71.
meal
a)
maaltijd
b)
bos
c)
klimmen
d)
kantoor
72.
meat
a)
vlees
b)
eiland
c)
fietsen
d)
regelmatig
73.
onion
a)
ui
b)
meer
c)
duiken
d)
twee-onder-een-kap
74.
rice
a)
rijst
b)
berg
c)
ervaring
d)
vrije tijd
75.
strawberries
a)
aardbeien
b)
zee
c)
free running
d)
trap
76.
treat
a)
traktatie
b)
rivier
c)
verstoppertje
d)
rijtjeshuis
77.
vegetables
a)
groenten
b)
omgeving
c)
wandelen
d)
klusjes
78.
bitter
a)
bitter
b)
ontbijt
c)
paardrijden
d)
dagelijks
79.
crunchy
a)
knapperig
b)
ontbijtgranen
c)
hardlopen
d)
stofzuigen
80.
delicious
a)
heerlijk
b)
melkproducten
c)
skien
d)
verantwoordelijk
81.
fresh
a)
vers
b)
toetje
c)
strand
d)
weggooien
82.
healthy
a)
gezond
b)
druif
c)
grot
d)
opruimen
83.
horrible
a)
verschrikkelijk
b)
maaltijd
c)
platteland
d)
de hond uitlaten
84.
roast
a)
geroosterd
b)
vlees
c)
woestijn
d)
kampioenschap
85.
sour
a)
zuur
b)
ui
c)
omgeving
d)
uitdagend
86.
sweet
a)
zoet
b)
rijst
c)
bos
d)
klimmen
87.
taste
a)
proeven
b)
aardbeien
c)
eiland
d)
fietsen
88.
tasty
a)
lekker
b)
traktatie
c)
meer
d)
duiken
89.
try
a)
proberen
b)
groenten
c)
berg
d)
ervaring