wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Herhaling hoofdstuk 1 jagers en verzamelaars

Total questions: 22

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Tot welk jaar duurde het tijdvak van dit hoofdstuk?

a)

tot 10.000 v. Chr.

b)

tot 5.000 v. Chr.

c)

tot 3.000 v. Chr.

d)

tot 3.500 v. Chr.

2.

Wat hoort niet bij jager-verzamelaars?

a)

nomaden

b)

grotschilderingen

c)

veel bezit

d)

kleine groepen

3.

Wat is géén middel van bestaan van de eerste mensen?

a)

jagen

b)

verzamelen

c)

vissen

d)

landbouw

4.
De naam van dit tijdvak is...
a)
De tijd van de landbouw
b)
De tijd van jagers en verzamelaars
c)
De tijd van de prehistorie
d)
De tijd van jagers en boeren
5.
Een eeuw is een periode van...
a)
10 jaar
b)
100 jaar
c)
1000 jaar
6.
Wat voor soort samenleving zie je op deze afbeelding?
a)
jagers en verzamelaars
b)
landbouwsamenleving
c)
landbouw-stedelijke samenleving
d)
industriële samenleving
7.
juist of onjuist: jagers en verzamelaars leefden in grote groepen
a)
juist
b)
onjuist
8.
juist of onjuist: jagers en verzamelaars hadden geen vaste woonplaats
a)
juist
b)
onjuist
9.
Juist of onjuist: wij weten nu dingen over het leven van jagers en boeren, omdat ze dat opgeschreven hebben
a)
juist
b)
onjuist
10.
Welk begrip hoort bij deze omschrijving: ontstaan van de landbouw
a)
Landbouwaanpassing
b)
Landbouwverandering
c)
Landbouwrevolutie
d)
Revolutie
11.

Welk begrip hoort bij deze afbeelding?

a)

Irrigatielandbouw

b)

Intregatielandbouw

c)

Kanalenlandbouw

d)

Internatielandbouw

12.

Door de irrigatielandbouw kwamen er voedseloverschotten waardoor niet iedereen meer boer hoefde te zijn. Zo ontstonden er andere beroepen en ook steden

a)

Juist

b)

Onjuist

13.

Wat is een gevolg van het ontstaan van de landbouw? er zijn twee antwoorden juist

a)

Mensen gingen op vaste plaatsen wonen

b)

Er ontstonden machtsverschillen tussen mensen

c)

Mensen gingen meer jagen

d)

Mensen bouwden boerderijen die gemakkelijk verplaatst konden worden

14.

Wat hoort NIET bij boeren?

a)

nomaden

b)

hunebed

c)

veeteelt

d)

aardewerken potten

15.

1. Vrouwen zochten vruchten en noten.

2. Gereedschap werd gemaakt van botten en steen.

a)

1 is waar en 2 is niet waar.

b)

1 en 2 zijn beide waar.

c)

1 is niet waar en 2 is waar.

d)

1 en 2 zijn beide niet waar.

16.

met prehistorie bedoelen we de tijd

a)

waar geschreven bronnen van zijn

b)

waarin niet over mensen geschreven werd

c)

waarvan geen geschreven bronnen zijn

d)

waarover geen geschreven berichten zijn

17.

Welke van de volgende beweringen is juist?


1: De jagers en verzamelaars kenden sociale verschillen

2: In de landbouwsamenleving bewaarde men voedsel in potten

a)

Alleen bewering 1 is juist

b)

Alleen bewering 2 is juist

c)

Allebei de beweringen zijn juist

d)

Geen van de beweringen zijn juist

18.

Wat zie je op de afbeelding?

a)

akkerbouw

b)

veeteelt

c)

irrigatielandbouw

d)

landbouwrevolutie

19.

De landbouw die vergroting van de opbrengst mogelijk maakt door gebruik te maken van water, heet

a)

irritatie-landbouw

b)

infiltratie-landbouw

c)

illegale landbouw

d)

irrigatie-landbouw

20.

Wat hoort niet bij jager-verzamelaars?

a)

nomaden

b)

grotschilderingen

c)

veel bezit

d)

kleine groepen

21.

Dankzij het vruchtbare...dat de Nijl achterliet, waren de gebieden langs de rivier heel geschikt voor landbouw.

(a)  

22.

De Egyptenaren deden aan ...landbouw. Met behulp van kanaaltjes, dijkjes, schotten enzovoort bevloeiden ze hun akkers.

(a)