wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Woordenschat nacht

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

doezelen

a)

half slapen, slaperig zijn

b)

half slapen

c)

overdag een licht slaapje doen

d)

diep slapen

2.

dommelen

a)

half slapen

b)

slaperig zijn

c)

overdag een licht slaapje doen

d)

diep slapen

3.

dutten

a)

overdag een licht slaapje doen

b)

half slapen

c)

slaperig zijn

d)

diep slapen

4.

klaarwakker

a)

helemaal wakker

b)

als je niet in slaap kunt vallen

c)

half wakker

d)

iemand die tot laat in de nacht wakker blijft

5.

de nachtbraker

a)

iemand die tot laat in de nacht wakker blijft

b)

een groep mensen die 's nachts werkt

c)

als je niet in slaap kunt vallen

d)

helemaal wakker

6.

de nachtploeg

a)

een groep mensen die 's nachts werkt

b)

iemand die tot laat wakker blijft

c)

iemand die 's nachts gebouwen bewaakt

d)

klaarwakker

7.

de nachtwaker

a)

iemand die 's nachts gebouwen bewaakt zodat er niet ingebroken wordt

b)

iemand die tot laat in de nacht wakker blijft

c)

iemand die laat wekrt

d)

iemand die nooit slaapt

8.

het schemerdonker

a)

halfdonker. de tijd vlak voordat de zon opkomt, of vlak voordat hij ondergaat

b)

heel erg donker

c)

halfdonker

d)

half licht

9.

flonkeren

a)

schitteren. het lijkt of er kleine lichtjes vanaf komen

b)

schijnen. het lijkt of er grote stralen vanaf komen

c)

twinkelen. glinsteren

d)

veel licht

10.

de Grote Beer

a)

de naam van een sterrenbeeld met zeven sterren in de vorm van een steelpannetje

b)

een groep sterren aan de hemel

c)

een figuur van sterren

d)

alle vormen van de maan

11.

het heelal

a)

de ruimte om de aarde heen die nooit ophoudt. Bij het heelal horen ook de zon, de maan en de sterren.

b)

Alle vormen van de maan: nieuwe man, eerste kwartier, volle maan, laatste kwartier

c)

alle sterrenbeelden

d)

de hemel met sterren in de nacht

12.

de maangestalten

a)

Alle vormen van de maan: nieuwe maan, eerste kwartier, volle maan, laatste kwartier

b)

De ruimte om de aarde heen die nooit ophoudt. Bij het heelal horen ook de zon, de maan en de sterren

c)

Een groep sterren aan de hemel

d)

Een regen van vallende manen

13.

de Poolster

a)

De ster die altijd precies boven de Noordpool staat

b)

De ster die altijd precies boven Nederland staat

c)

Een groep sterren aan de hemel.

d)

Een ster voor Polen

14.

het sterrenbeeld

a)

Een groep sterren aan de hemel. Ze vormen samen een figuur

b)

De hemel met sterren in de nacht

c)

Een standbeeld voor beroemde sterren

d)

Een regen van vallende sterren

15.

de sterrenhemel

a)

De hemel met sterren in de nacht

b)

Een groep sterren aan de hemel

c)

Een regen van vallende sterren

d)

De naam van een sterrenbeeld

16.

de sterrenregen

a)

Een regen van vallende sterren

b)

De hemel met sterren in de nacht

c)

Een groep sterren aan de hemel

d)

Een groep sterren die samen een regenwolk vormen

17.

de zonsondergang

a)

Het ondergaan van de zon: het wordt donker

b)

Het opkomen van de zon: het wordt licht

c)

Schitteren. Het lijkt net of er kleine lichtjes vanaf komen.

d)

Een groep sterren aan de hemel

18.

de zonsopkomst

a)

Het opkomen van de zon: het wordt licht

b)

Het ondergaan van de zon: het wordt donker

c)

Schitteren

d)

De hemel met sterren in de nacht

19.

slapeloosheid

a)

Als je niet in slaap kunt vallen

b)

klaarwakker

c)

helemaal wakker

d)

half slapen, slaperig zijn

20.

aardedonker

a)

heel erg donker

b)

schemerdonker

c)

halfdonker

d)

de tijd vlak voordat de zon opkomt