Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Financieel Landschap

Total questions: 19

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Geldvernietiging gebeurt wanneer

a)

De banken beschadigd geld inhouden en vernietigen

b)

illegale gelden in beslag worden genomen

c)

de schulden worden terugbetaald

d)

geld in brand wordt gestoken

2.

Welke functie van geld als ruilmiddel is niet correct ?

a)

Homogeniteit

b)

Deelbaarheid

c)

Duurzaamheid

d)

Betrouwbaarheid

3.

De val van Fortis is te wijten aan

a)

Liquiditeitsrisico

b)

Renterisico

c)

Marktrisico

d)

Kredietrisico

4.

Een CDO is een krediet ?

a)

JA

b)

NEE

5.

Een subprime-lening is een lening gekenmerkt door

a)

een vaste rente

b)

een lage rente

c)

een variabele rente

d)

een hoge rente

6.

Welk land behoorde niet tot de PIIGS - landen ?

a)

Italië

b)

Spanje

c)

Polen

d)

Griekenland

7.

Hoe heeft men een toekomstige bankrun proberen te voorkomen ?

a)

     Door de depositowaarborg in te voeren      

             

b)

Door voldoende liquiditeit te voorzien

c)

Door voldoende kredieten te voorzien

d)

Door een verstrengd bankentoezicht

8.

Waarom heeft Kauphting Bank een hoge rente op zijn spaarboeken gehanteerd ?

a)

     Om nieuwe cliënten aan te trekken

         

               

b)

Om goedkoop geld aan te trekken

c)

Om voldoende kredieten te kunnen geven aan hun cliënten

d)

Om niet afhankelijk te zijn van de interbankenmarkt

9.

In de periode dat “iedereen in Amerika een huis moest bezitten”,  ontstond het begin van de kredietcrisis. Welke bewering klopt niet ?

a)

      Elke Amerikaan kon vlot terugbetalen, gezien de lage  rente   

             

b)

De banken hadden geen probleem gezien de waarde van de huizen stijgend was

c)

De economie was bloeiend

d)

De kredietvoorwaarden waren voldoende streng

10.

Stagflatie gebeurt wanneer :

a)

     De economie bloeit , maar de prijzen op niveau blijven

                   

b)

De economie achteruitgaat en de prijzen stijgen

c)

De economie ter plaatse blijft , maar de prijzen toch blijven stijgen

d)

Zowel de economie als de prijzen ter plaatse blijven

11.

Wanneer de nominale waarde van de munt ook de intrinsieke waarde is, dan spreken we van

a)

Teken

b)

Pasmunt

c)

Standaardmunt

d)

Conventionele munt

12.

Wat is geen giraal geld ?

a)

     Mijn belegging in een effektenportefeuille die ik overschrijf naar een andere bank                

b)

Mijn overschrijving van dollars naar mijn vriend in Amerika

c)

Mijn betaling in de winkel via Bancontact

d)

Mijn Payconiq betaling

13.

Om de inflatie tegen te gaan kan de overheid

a)

     De investeringen op peil houden

        

              

b)

De rente op peil houden

c)

De energieprijzen laten dalen

d)

De belastingen verhogen

14.

Een kredietinstelling die het geld actief investeert in bedrijven in de hoop hier een meerwaarde te kunnen uithalen is een :

a)

Effektenbank

b)

Spaarbank

c)

Zakenbank

d)

Holding

15.

Als de bank veel kredieten verschaft loopt de bank een

a)

Renterisico

b)

Liquiditeitsrisico

c)

Marktrisico

d)

Wisselrisico

16.

De rentevoet van een lening is afhankelijk van de risicoklasse van een klant. Dat betekent dat :

a)

     De kapitaalkost die verrekend is in de rentevoet vrij hoog ligt bij een goede cliënt

            

b)

de funding-cost bij een slechte klant laag is

c)

bij een client met een hoge risicoklasse de rentevoet negatief beïnvloed wordt

d)

Eenmaal een lage rentevoet gekregen, je steeds een goede risicoklasse blijft behouden

17.

Om het kredietrisico te beperken zijn er een aantal maatregelen genomen. Welke uitspraak is niet correct ?

a)

Het nemen van extra zekerheden

b)

Het oprichten van een kredietcentrale

c)

Enkel loontrekkenden krijgen een lening

d)

Het gebruik van risicoklasses

18.

De digitalisatie van de financiële sector is een feit. Welke uitspraak is het minst correct ?

a)

Alle cliënten moeten hun bankverrichtingen via PC of Mobile doen

b)

Alle processen binnen de bank verlopen zo goed als gedigitaliseerd

c)

De kredietbeslissingen worden zoveel mogelijk geautomatiseerd

d)

Cash geld wordt zo goed als gebannen uit elk kantoor

19.

De kredietcrisis en bankencrisis betekenen hetzelfde ?

a)

Ja

b)

Neen