Font size
Worksheetspolariteit en dipoolmomenten
Total questions: 17
Worksheet time: 35mins
Teken de partiele ladingen bij ammoniak
teken de partiele lading bij methanol
Teken de partiële lading bij formaldehyde
Gegeven is het molecuul tetrafluormethaan(CF4). Welk van de volgende beweringen over dit molecuul is waar?
CF4 heeft polaire bindingen en is een polair molecuul
CF4 heeft apolaire bindingen maar is een polair molecuul
CF4 heeft polaire bindingen maar is een apolair molecuul
CF4 heeft apolaire bindingen en is een apolair molecuul
Een molecuul dat slecht oplosbaar is in water noem je
(a)
teken 4 waterstofbruggen in dit figuur
Water bevat naast polaire bindingen en vanderwaalsbindingen ook nog
(a)
Een polaire stof lost goed op in water
Waar
Niet waar
Bij een hydrofobe stof heb je wel/geen waterstofbruggen
Wel
Geen
Een hydrofiele stof lost goed op in water
Waar
Niet waar
Suiker lost goed op in water, omdat het ... kan vormen met water.
(a)
Wat voor soort binding komt voor in koper?
Atoombinding
Ionbinding
Metaalbinding
Molecuulbinding
Welke van onderstaande stoffen kan stroom geleiden?
H2O (s)
H2O (l)
NaCl (s)
NaCl (l)
Uit welke deeltjes bestaat een atoombinding?
Atomen
Elektronen
Neutronen
Protonen
Wat is de valentie van koolstof?
1
2
3
4
Welke stof kan waterstofbruggen vormen?
welk plaatje klopt niet met betrekking tot waterstofbruggen
