WorksheetsHavo 3 - H1 en H2 (lez, ws, gram, spell)
Total questions: 53
Worksheet time: 18mins
Het onderwerp van een tekst formuleer je als
Een zin
Een zinsgedeelte
Een groepje woorden
Wat is een tekststructuur?
Een opbouw van een tekst met tussenkopjes
Een opbouw van tekst met titel, plaatjes en tussenkopjes
Een vaste opbouw/indeling van inleiding, middenstuk en slot
Een opbouw waarbij alle alinea's met elkaar te maken hebben
Welke bewering over tekststructuren is onjuist?
Teksten met structuur hebben altijd inleiding, kern en slot
Teksten hebben niet altijd een tekststructuur
Teksten met structuur hebben altijd dezelfde inleiding
Welke leesstrategie pas je toe om de tekststructuur te achterhalen?
globaal
oriënterend
precies
zoekend
Welke structuur ziet er als volgt uit:
Inleiding: onderwerp
Middenstuk: diverse aspecten van het onderwerp
Slot: samenvatting
Aspectenstructuur
Argumentatiestructuur
Verklaringsstructuur
Voor- en nadelenstructuur
Welke tekststructuur ziet er als volgt uit:
Inleiding: stelling
Middenstuk: argumenten voor de stelling + weerlegging
Slot: herhaling stelling
argumentatiestructuur
aspectenstructuur
verklaringsstructuur
vraag/antwoordstructuur
Welke tekststructuur ziet er als volgt uit:
Inleiding: vraag of stelling
Middenstuk: voor- en nadelen
Slot: afweging, conclusie
Voor- en nadelenstructuur
Argumentatiestructuur
Verklaringsstructuur
Aspectenstructuur
Welke tekststructuur ziet er als volgt uit:
Inleiding: bepaald verschijnsel
Middenstuk: kenmerken/voorbeelden/verklaringen
Slot: samenvatting
argumentatiestructuur
aspectenstructuur
verleden/heden/(/toekomst)structuur
verklaringsstructuur
Welke structuur ziet er als volgt uit:
Inleiding: vraag
Middenstuk: antwoord(en)
Slot: samenvatting of conclusie
Vraag/antwoordstructuur
Argumentatiestructuur
Probleem/oplossingsstructuur
Verklaringsstructuur
ondersteunen
leunen
dragen
aangrenzen
verschaffen
begroten
handig
slim
moraal
pathos
logos
politie
grensagent
ambtenaar van de grenzen
uitbreiding
argumenten
weerleggingen
tegenargumenten
leiden tot
verzorgen
moraal
ethiek
onbegrensd
fabeltjes
verzinsels
mannelijk
waarheden
grappige verhalen
masculien
mannelijk
vrouwelijk
bescheiden
inactief
helemaal
kleine
minuscuul
campagne
camping
publieksactie
gemeenteverkiezing
Franse wijn
maskeren
verbergen
het dragen van een masker
onthullen
markeren
überhaupt
niet
overtuigd
helemaal
zeker
omslag
aanpak
doorslag
doek die je kunt omslaan
verandering
verbastering
vervorming
verslechtering
vergroting
verandering
een aardig optrekje
een heel mooi huis (eufemisme)
een heel mooi huis (understatement)
een erg vriendelijke ontmoeting (eufemisme)
een erg vriendelijke ontmoeting (understatement)
een zee van
uitgebreid (hyperbool)
uitgebreid (understatement)
heel veel (hyperbool)
heel veel (understatement)
Wat is het antecedent in de volgende zin? Dagobert Duck, die letterlijk zwemt in zijn geld, staat bekend als een gierigaard.
een gierigaard
die letterlijk zwemt in zijn geld
Dagobert Duck
zijn geld
Wat is het antecedent in de volgende zin? Met Pinksteren gaan we een lang weekend kamperen op Terschelling, wat we allemaal erg leuk vinden.
Met Pinksteren gaan we een lang weekend kamperen op Terschelling
Terschelling
Pinksteren
we allemaal erg leuk vinden
Wat is het antecedent in de volgende zin? Omdat de club Europees voetbal misliep, is de nieuwe coach van AC Milan, van wie men veel verwachtte, al na vier maanden weer ontslagen.
Omdat de club Europees voetbal misliep
na vier maanden
AC Milan
de nieuwe coach van AC Milan
Benoem het onderstreepte woord.
Wij gaan dit weekend zeilen, wat ik erg leuk vind.
wat =
betrekkelijk voornaamwoord
betrekkelijk voornaamwoord met ingesloten antecedent
onderschikkend voegwoord
vragend voornaamwoord
Benoem het onderstreepte woord.
Wie kaatst, kan de bal verwachten, hè?
Wie =
betrekkelijk voornaamwoord
betrekkelijk voornaamwoord met ingesloten antecedent
onderschikkend voegwoord
vragend voornaamwoord
Men vindt tegenwoordig steeds meer dat roken verboden moet worden.
persoonlijk voornaamwoord
aanwijzend voornaamwoord
bezittelijk voornaamwoord
onbepaald voornaamwoord
Iets wat ik me altijd al afgevraagd heb, is waarom de lucht blauw is.
aanwijzend voornaamwoord
betrekkelijk voornaamwoord
vragend voornaamwoord
onbepaald voornaamwoord
Iets wat ik me altijd al afgevraagd heb, is waarom de lucht blauw is.
Betrekkelijk voornaamwoord
Onbepaald voornaamwoord
Vragend voornaamwoord
Aanwijzend voornaamwoord
Ik heb bij deze winkel wat gekocht.
persoonlijk voornaamwoord
betrekkelijk voornaamwoord
onbepaald voornaamwoord
aanwijzend voornaamwoord
Benoem de woordsoort:
We hebben het allemaal wel eens iets kapot gemaakt.
allemaal: telwoord/iets: onbepaald voornaamwoord
allemaal en iets zijn aanwijzende voornaamwoorden
beide woorden zijn aanwijzende voornaamwoorden
beide woorden zijn onbepaalde voornaamwoorden
Hij zet de warme kraan aan.
wwg = hij zet
wwg = zet
wwg = zet aan
o = de warme kraan
De boiler is nog steeds niet gemaakt.
wwg = is gemaakt
nwg = is gemaakt
wwg = is niet gemaakt
nwg = is
Het gehuil wordt alleen maar erger.
wwg = wordt erger
nwg = wordt erger
nwg = wordt
Het water blijft koud.
wwg
nwg
Een bijvoeglijke bijzin bevat wel/niet een persoonsvorm.
niet
In het huis waar Ellen woont, plaatsen ze een nieuwe keuken.
Mensen die mijn cd´s beschadigen, leen ik ze niet meer uit.
In deze zin hoeven er geen accenten op eenmalig:
U kunt uw wachtwoord slechts eenmalig gebruiken.
juist
onjuist
Wow, die Miguel lijkt echt op die ene ...
BN-er
BN'er
BNer
B.N.-er
Verdient Markus echt zoveel ... (meervoud van euro)?
euros
euroos
euro's
Anouk wil na tien jaar graag naar de .......... .
reunie
reünie
rëunie
reunïe
André houdt niet zo van al die ..
media-aandacht
media aandacht
media'aandacht
