wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Toets Take it easy book 6 unit 2

Total questions: 30

Worksheet time: 18mins

Name
Class
Date
1.

banknotes

a)

munt geld

b)

banken

c)

noten

d)

briefgeld

2.

carrots

a)

broccoli

b)

wortelen

c)

bloemkool

d)

rotsen

3.

change

a)

hangen

b)

geld

c)

kassa

d)

wisselgeld

4.

checkout

a)

uitgang

b)

kassa

c)

supermarkt

d)

drankje

5.

coins

a)

muntgeld

b)

briefgeld

c)

kopen

d)

prijs

6.

delicious

a)

vies

b)

lekker

c)

smerig

d)

couscous

7.

fish

a)

vlees

b)

fruit

c)

vis

d)

drinken

8.

greengrocer

a)

groente

b)

boer

c)

groen

d)

groenteboer

9.

meat

a)

vlees

b)

meten

c)

meer

d)

groente

10.

money

a)

monopoly

b)

muntgeld

c)

briefgeld

d)

geld

11.

peaches

a)

peer

b)

peen

c)

snoep

d)

perziken

12.

price

a)

rijst

b)

prijs

c)

peen

d)

perziken

13.

shopping list

a)

boodschappenlijst

b)

winkelwagentje

c)

winkelen

d)

winkellijst

14.

shopping trolley

a)

winkel

b)

boodschappenlijst

c)

winkelwagentje

d)

wagen

15.

strawberries

a)

perziken

b)

aardbeien

c)

wortelen

d)

bessen

16.

sweets

a)

snoep

b)

zoet

c)

lief

d)

aardbeien

17.

to be hungry

a)

moe zijn

b)

honger hebben

c)

geen zin hebben

d)

geen honger hebben

18.

to buy

a)

winkelen

b)

honger hebben

c)

buiten zijn

d)

kopen

19.

to pay

a)

partijdig zijn

b)

betalen

c)

kopen

d)

peen eten

20.

to smell

a)

smerig zijn

b)

ruiken

c)

kopen

d)

betalen

21.

vegetables

a)

groenten

b)

vegetarisch

c)

tafels

d)

vlees

22.

wortelen

a)

carrots

b)

broccoli

c)

peaches

d)

strawberries

23.

goedkoop

a)

carrots

b)

change

c)

cheap

d)

coins

24.

lekker

a)

vegetables

b)

meat

c)

money

d)

delicious

25.

snoep

a)

meat

b)

fish

c)

carrots

d)

sweets

26.

geld

a)

pence

b)

pound

c)

money

d)

coins

27.

kassa

a)

checkout

b)

change

c)

cheap

d)

banknotes

28.

honger hebben

a)

to buy

b)

to pay

c)

to smell

d)

to be hungry

29.

groenteboer

a)

fruit section

b)

greengrocer

c)

supertmarket

d)

checkout

30.

vertaal: I doesn't like fish, but i like meat.

4 lines